Pijpenlegger

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De Solitaire, de grootste S-lay pijpenlegger ter wereld van Allseas.
De Balder met J-lay pijplegsysteem (hoge toren rechts op schip) bij Trinidad.
De Aegir met J-lay en reel materieel.

Een pijpenlegger of pijplegschip is een vaartuig dat wordt gebruikt om onderzeese pijpleidingen aan te leggen. De meeste onderzeese pijpleidingen worden gelegd door speciaal daartoe bestemde schepen. Een veel gebruikte methode is het segment voor segment aan elkaar lassen van de pijpleiding aan boord. Het schip beweegt voorwaarts, terwijl de leiding achteraan het schip in de zee verdwijnt.

Drie methoden[bewerken]

Schematische tekeningen van de drie meest gebruikte methoden om pijplijnen op zee leggen: S-lay, J-lay and reel

Voor het leggen van pijplijnen op zee zijn drie mogelijkheden afhankelijk van de diepte waar de pijp komt te liggen en de stijfheid van het materiaal waarvan de pijp is gemaakt.

  • S-lay: Voor ondiepe wateren gebruikt men de S-lay methode, waarbij de pijpleiding horizontaal uit het schip komt. Eenmaal uit het schip wordt de leiding ondersteund door een stinger, die ervoor zal zorgen dat de pijpleiding niet knikt wanneer ze naar de bodem afzinkt.
  • J-lay: In diepere wateren maakt men dan weer gebruik van de J-lay methode, hoewel S-lay ook tot grote diepte bruikbaar is. Bij de J-lay methode wordt de pijp verticaal geconstrueerd en verlaat ook zo het schip. De pijplijn buigt alleen als de pijplijn de bodem bereikt.
  • Reel-lay: Bij reel-lay wordt de pijp aan de wal op een grote spoel gerold en eenmaal op zee weer afgerold. Het materiaal waarvan de pijplijn is gemaakt moet flexibel zijn zodat de pijplijn kan worden opgerold. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd dit principe toegepast bij de aanleg van de PLUTO pijplijn over het Kanaal.

Literatuur[bewerken]

  • Palmer, A.C; King, R.A. (2008): Subsea Pipeline Engineering, PennWell Books.