Naar inhoud springen

RFC Seraing

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Zie FC Seraing (9310), RFC Sérésien (23) en RFC Seraing (167) voor de clubs met de gelijkaardige naam.
Seraing
Naam Royal Seraing Football Club
Bijnaam de Metallo's
Stamnummer 17
Opgericht 1904
Opgeheven 1996
Plaats Seraing
Stadion Pairaystadion
Capaciteit 15.000
Competitie Eerste Klasse (1995/96)
Thuis
Uit
Geldig voor 1995/96
Portaal  Portaalicoon   Voetbal

RFC Seraing was een Belgische voetbalclub uit Seraing nabij Luik. De club had stamnummer 17, en had zwart-rood als clubkleuren. De ploeg speelde in het Pairaystadion, maar hield in 1996 op te bestaan.

De club werd opgericht in 1904 als FC Sérésien, en sloot in 1906 aan bij de voetbalbond. Bij het 25-jarige bestaan kreeg de club de koninklijke titel en werd RFC Sérésien. In 1924 trad de club aan in de Tweede Klasse en in 1930 slorpte het FC Beaujéjour op. De club ging de volgende decennia verschillende malen op en neer tussen Tweede en Derde Klasse. In de jaren zeventig zakte de ploeg enkele malen weg tot in bevordering, namelijk in 1973/74 en 1974/75 en enkele jaren later in 1978/79.

Dankzij de royale financiële steun van de flamboyante PS-burgemeester van Seraing en bestuurslid Guy Mathot en de sportieve leiding van trainer Yves Baré kende FC Seraing vanaf 1979 een steile opmars. In 1979 speelde men kampioen in Vierde, het seizoen erop werd men direct kampioen in Derde, en zo kon de club het seizoen 1980/81 aantreden in Tweede Klasse. In 1982 speelde de ploeg in z'n tweede seizoen in Tweede ook daar kampioen, en kon zo in 1982 voor het eerst van start gaan in de Eerste Klasse. Secretaris Pierre Plateus slaagde erin een aantal buitenlandse internationals aan te werven zoals de Deense Gouden Schoen Jens Jørn Bertelsen, de Peruviaanse aanvaller Juan Carlos Oblitas, de Congolezen Eugène Kabongo en Serge Kimoni en de Senegalees Jules Bocandé alsook enkele erg beloftevolle jongeren zoals Nico Claesen en doelman Peter Kerremans. Met de combinatie van buitenlandse vedetten en een basis van Luikse spelers olv kapitein Marinko Rupcic beleefde de club volgens clubspeler Marc Grosjean haar hoogdagen. Onder trainer Georges Heylens haalde de club in het seizoen 1983-1984 zelfs een vijfde plaats waardoor het nipt naast Europees voetbal greep. Nico Claesen werd toen Belgisch topschutter met 27 doelpunten en verhuisde na het seizoen naar VfB Stuttgart. Maar na dat seizoen ging het mis en op 18 juni 1984 werd de club failliet verklaard maar wist zijn stamnummer te behouden. De club bleef in Eerste Nationale tot men in 1987 opnieuw degradeerde naar Tweede, in 1990 zakte men zelfs opnieuw een seizoen naar Derde.[1]

Dankzij het mecenaat van de steenrijke Brusselse bouwondernemer Gérald Blaton die de club in mei 1990 overnam, maakte de club opnieuw een steile opmars. In 1993, met opnieuw Georges Heylens als trainer, werd FC Seraing kampioen in tweede en kon het later dat jaar opnieuw van start gaan in de hoogste klasse. Met grote Braziliaanse talenten zoals Wamberto en Edmilson, de Deense international Lars Olsen en beloftevolle Belgische jongeren als Manu Karagiannis, Olivier Doll, Benjamin Debusschere en Axel Lawarée werd Sérésien dat eerste nieuwe seizoen in eerste meteen derde en dwong op die manier een plaats in de UEFA Cup af. De club werd in 1994 omgedoopt tot RFC Seraing. Het Europese avontuur dat seizoen duurde maar één ronde. Seraing werd op uitdoelpunten uitgeschakeld, na een 3-4 en 1-0 tegen Dinamo Moskou. Het verblijf in hoogste klasse duurde drie seizoenen.[2]

Op 2 april 1996 verkocht de zwaar zieke eigenaar Blaton RFC Seraing aan de naburige club Standard Luik (stamnummer 16). Niettegenstaande de verkoop naar de buitenwereld toe werd verkondigd als een fusie van Seraing met Standard Luik, werd de club in de praktijk, met uitzondering van het stadion, bijna volledig geabsorbeerd door de grote buur en werd het stamnummer 17 van Seraing geschrapt. Moreel gesteund door een trouwe supportersschare verzette Paul Platéus, algemeen-secretaris van RFC en mede-architect van de sportieve hoogtepunten van de club, zich nog juridisch tegen de verkoop maar tevergeefs.[3] Manager Francis Nicolay, oud-speler van Seraing én de oprichter van de fameuze jeugdschool van Seraing, verhuisde naar Standard met de beste jeugdploegen alsook acht spelers die deel uitmaakten van de 23-koppige kern van de Métallos, onder wie Edmilson, Wamberto, Benjamin Debusschere, Roberto Bisconti en Axel Lawarée. Door toedoen van het baanbrekende Bosman-arrest slaagde Blaton er niet meer in om zijn investeringen in de club, ter waarde van 800 miljoen Belgische frank verspreid over zes jaar, te recupereren.

Het Pairaystadion blijft eigendom van de gemeente Seraing en burgemeester Jacques Vandebosch, laat er vanaf 1996 eersteprovincialer Royal Union Liègeoise (met stamnummer 23, vroeger bekend als RFC Bressoux) uit Jupille-sur-Meuse spelen onder de nieuwe naam Seraing RUL en wordt zelf voorzitter, maar het project blijkt een dood geboren kind. Deze club heeft echter historisch noch juridisch iets te maken met RFC Seraing.

Individuele trofeeën

Een speler behaalde een trofee toen hij voor de club speelde:
Topscorer (1)
1984 (Nico Claesen)
Seizoen Klasse Reeks Punten Opmerkingen
  I II III
1924/25     8   Bevordering A 24
1925/26     11   Bevordering A 23
1926/27     9   Bevordering C 24
1927/28     9   Bevordering B 25
1928/29     9   Bevordering C 25
1929/30     6   Bevordering B 30
1930/31     2   Bevordering C 35
1931/32   5     Eerste Afdeling B 28
1932/33   4     Eerste Afdeling B 29
1933/34   7     Eerste Afdeling B 29
1934/35   6     Eerste Afdeling B 27
1935/36   10     Eerste Afdeling A 22
1936/37   11     Eerste Afdeling A 23
1937/38   8     Eerste Afdeling A 26
1938/39   12     Eerste Afdeling B 20
1939/40         Geen competitie door Wereldoorlog II
1940/41         Geen competitie door Wereldoorlog II
1941/42   14     Eerste Afdeling A 14
1942/43   14     Eerste Afdeling A 19
1943/44   7     Eerste Afdeling B 31
1944/45         Geen competitie door Wereldoorlog II
1945/46   15     Eerste Afdeling B 26
1946/47   8     Eerste Afdeling A 34
1947/48   10     Eerste Afdeling B 26
1948/49   7     Eerste Afdeling A 31
1949/50   9     Eerste Afdeling B 29
1950/51   14     Eerste Afdeling A 20
1951/52   14     Eerste Afdeling B 23
  I II III IV Vanaf 1952/53 zijn er 4 nationale niveaus
1952/53     5   Derde Klasse A 31
1953/54     4   Derde Klasse B 36
1954/55     4   Derde Klasse A 36
1955/56     11   Derde Klasse B 27
1956/57     6   Derde Klasse A 32
1957/58     1   Derde Klasse B 43
1958/59   14     Tweede Klasse 20
1959/60   16     Tweede Klasse 17
1960/61     8   Derde Klasse B 29
1961/62     2   Derde Klasse B 39
1962/63     6   Derde Klasse B 36
1963/64     2   Derde Klasse A 45
1964/65     1   Derde Klasse B 40
1965/66   5     Tweede Klasse 36
1966/67   5     Tweede Klasse 34
1967/68   12     Tweede Klasse 26
1968/69   16     Tweede Klasse 17
1969/70     3   Derde Klasse B 37
1970/71     13   Derde Klasse A 25
1971/72     10   Derde Klasse B 26
1972/73     15   Derde Klasse A 17
1973/74       4 Vierde Klasse B 35
1974/75       1 Vierde Klasse C 46
1975/76     6   Derde Klasse B 35
1976/77     3   Derde Klasse B 37
1977/78     15   Derde Klasse A 24
1978/79       1 Vierde Klasse A 49
1979/80     1   Derde Klasse B 49
1980/81   2     Tweede Klasse 40
1981/82   1     Tweede Klasse 44
1982/83 13       Eerste Klasse 28
1983/84 5       Eerste Klasse 38
1984/85 14       Eerste Klasse 26
1985/86 16       Eerste Klasse 25
1986/87 17       Eerste Klasse 20
1987/88   12     Tweede Klasse 27
1988/89   2     Tweede Klasse 41
1989/90   15     Tweede Klasse 21
1990/91     1   Derde Klasse B 42
1991/92   3     Tweede Klasse 39
1992/93   1     Tweede Klasse 46
1993/94 3       Eerste Klasse 43
1994/95 9       Eerste Klasse 34
1995/96 16       Eerste Klasse 29

Seraing in Europa

[bewerken | brontekst bewerken]
Seizoen Competitie Ronde Land Club Totaalscore 1e W 2e W PUC
1994/95 UEFA Cup 1R Vlag van Rusland Dinamo Moskou 4-4 u 3-4 (T) 1-0 (U) 2.0

Totaal aantal punten voor UEFA coëfficiënten: 2.0

Bekende ex-spelers

[bewerken | brontekst bewerken]