UEFA Europa League

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf UEFA Cup)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
UEFA Europa League
UEFA Europa League
Regio Europa
Bond UEFA
Opgericht 1971/72 als UEFA Cup
2009/10 als Europa League
Samengevoegd met Jaarbeursstedenbeker (1971/72)
Europacup II (1999/00)
UEFA Cup
UEFA Intertoto Cup (2009/10)
Systeem Groepwedstrijden + Knock-out
Aantal teams 48+8 (hoofdtoernooi)
Huidige kampioen Vlag van Duitsland Eintracht Frankfurt (2021/22)
Recordkampioen Vlag van Spanje Sevilla (6 titels)
Topscorer Vlag van Zweden Henrik Larsson (40 doelpunten)
Website UEFA Europa League
Huidig seizoen Actuele editie 2021/22
Laatst bijgewerkt op: 19 mei 2022
Portaal  Portaalicoon   Voetbal

De UEFA Europa League is een jaarlijks door de UEFA georganiseerde voetbalbekercompetitie die in het seizoen 2009/10 van start ging als vervanging van de UEFA Cup (in de volksmond tot 1999 als de Europacup III bekend). Ook de UEFA Intertoto Cup werd in deze competitie geïntegreerd. De bokaal, de UEFA-beker, bleef dezelfde. Na de UEFA Champions League is de UEFA Europa League de belangrijkste clubcompetitie in Europa.

Bokaal[bewerken | brontekst bewerken]

De UEFA-beker is in principe een wisselbeker, wat inhoudt dat de winnende club de beker tot de eerstvolgende finale in zijn prijzenkast mag zetten en daarna de beker weer bij de UEFA moet inleveren. In plaats van het 15 kg wegende zilveren kunstwerk krijgt de winnende club van de UEFA vervolgens een replica van de beker. Een uitzondering hierop is als de UEFA-beker in drie opeenvolgende seizoenen gewonnen wordt of in totaal vijf keer. Sevilla was in het seizoen 2015/16 de eerste club die het lukte om het toernooi voor de derde keer op rij te winnen en tegelijkertijd ook de eerste die het voor de vijfde keer in totaal won.

De UEFA Cup is ongeveer 65 centimeter hoog, 33 centimeter breed en 23 centimeter diep. De beker, die in het Bertoni-atelier te Milaan is ontworpen, is volledig met de hand vervaardigd.

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Lech Poznań vs. Deportivo de La Coruña tijdens het seizoen 2008–09

De UEFA Cup werd door de UEFA geïntroduceerd in het seizoen 1971/72. Het kwam daarmee in de plaats van de Jaarbeursstedenbeker (dit toernooi was geen UEFA-toernooi) die dertien keer was georganiseerd. Dat toernooi was ontstaan naar een idee van de Zwitser Ernst Thommen, de Italiaan Ottorino Barrasi en Sir Stanley Rous uit Engeland. Hun idee was het organiseren van een toernooi met representatieve ploegen uit de diverse steden in Europa die regelmatig handelsbeurzen organiseerden. Twee weken na het ontstaan van de Europacup I (de naam van de UEFA Champions League voor de naamswijziging), werd de Jaarbeursstedenbeker op 18 april 1955 opgericht. Na 1968 werd door sommigen voor dit toernooi ook wel de Engelse benaming Runners Up Cup gebruikt, omdat vanaf dit jaar deelname werd gebaseerd op de eindrangschikking in de nationale competities, hetzelfde systeem dat de UEFA vanaf 1971/72 voor de UEFA Cup zou hanteren.

Nadat de UEFA de organisatie in 1971 zelf in handen nam werd de link met de handelsbeurzen verbroken. Tot 1975 gold nog wel de regel dat er maar één team per stad afgevaardigd mocht worden. Nadat Everton FC (4e in de competitie) in 1975 als gevolg van deelname van Liverpool FC (2e in de competitie) volgens deze regel niet mee mocht doen aan het toernooi, spande Everton hiertegen een rechtszaak aan en won deze, waarna Everton dat seizoen alsnog deelnam. De UEFA heeft vervolgens in dat jaar de regel geschrapt. In plaats van UEFA Cup werd vroeger in de volksmond ook nog weleens de benaming 'Europacup III' gebruikt, naast de Europacup I (voor landskampioenen) en de Europacup II (voor bekerwinnaars).

Nadat in 1999 de Europacup II werd opgeheven, speelden de bekerwinnaars sindsdien mee in de UEFA Cup.

Met ingang van het seizoen 2009/10 werd de UEFA Cup vervangen door de UEFA Europa League. Ook de UEFA Intertoto Cup werd in deze competitie geïntegreerd.

Opzet[bewerken | brontekst bewerken]

Het toernooi heeft in de geschiedenis twee speelwijzen gekend. De eerste 33 toernooien werden volledig volgens het knock-outsysteem gespeeld. In het seizoen 2004/05 werden, dit naar voorbeeld van de UEFA Champions League, de groepswedstrijden ingevoerd -al was dit in tegenstelling tot de Champions League een halve competitie-, waarna de slotfase weer volgens het knock-outsysteem werd gespeeld. De finale vond in de eerste 26 edities plaats door middel van een thuis- en uitwedstrijd. Sinds het seizoen 1997/98 wordt de finale over één wedstrijd gespeeld. De speellocatie wordt ruim een jaar van tevoren aangewezen.

In de Europa League wordt gespeeld volgens hetzelfde systeem als in de UEFA Champions League. Dit betekent dat het hoofdtoernooi met een groepsfase begint, waarin de ploegen in één groep een thuis- en uitwedstrijd spelen tegen de andere drie ploegen in de groep. Daarna zal elke volgende ronde een knock-outronde zijn met eveneens een thuis- en uitwedstrijd. Alleen de finale bestaat uit één wedstrijd die op neutraal terrein wordt gespeeld. Doordat het stadion waar de finale plaatsvindt lang van tevoren wordt gekozen, kan het voorkomen dat het stadion ook de thuisbasis is van een van de twee finalisten. Dit staat los van wie voor de finale als uitspelend team en als thuisspelend team wordt aangewezen.

Welke clubs aan het toernooi deelnemen en op welk moment ze instromen, wordt bepaald door de positie van de landen op de UEFA-competitiecoëfficiëntenranglijst.

In de onderstaande tabel staat de theoretische samenstelling van het deelnemersveld per ronde. De uiteindelijke samenstelling wijkt af van deze theoretische tabel. Dit komt doordat de gereserveerde plek voor de titelverdediger kan vrijkomen indien deze club zich via de nationale competitie voor de UEFA Champions League kwalificeert. Daarnaast wordt een nationale bekerwinnaar vervangen door de verliezend bekerfinalist indien die bekerwinnaar zich voor de Champions League weet te plaatsen; indien mogelijk zal dan de verliezend bekerfinalist in een eerdere ronde instromen, tenzij de UEFA met een voetbalbond andere afspraken heeft gemaakt, zoals bijvoorbeeld met Nederland in verband met de play-offs. Vanaf seizoen 2012/13 is de situatie iets gewijzigd waardoor de zes hoogst geklasseerde landen volgens de UEFA ranglijst hun bekerwinnaar direct naar de groepsfase kunnen afvaardigen.

#Q = nummer voorronde, BW = bekerwinnaar, #2-#6 = eindpositie in de nationale competitie van een land
1e voorronde: 78 clubs 2e voorronde: 80 clubs 3e voorronde: 58 clubs Play-off ronde: 62 clubs Groepsfase: 48 clubs * knock-outfase: 32 clubs
Fair Play klassement
21× BW 33-53
25× #2 28-53**
29× #3 22-51**
** exclusief Liechtenstein
39× winnaar 1Q
14× BW 19-32
12× #2 16-27
6× #3 16-21
6× #4 10-15
3× #5 7-9
40× winnaar 2Q
3× BW 16-18
6× #3 10-15
3× #4 7-9
3× #5 4-6**
3× #6 1-3**
** League Cupwinnaars Engeland en Frankrijk
29× winnaar 3Q
9× BW 7-15
3× #3 7-9
3× #4 4-6
3× #5 1-3
15× verliezer 3Q CL
31× winnaar PO's
6× BW 1-6
1× Titelverdediger EL
10× verliezer PO CL
12× #1 groepsfase
12× #2 groepsfase
8× #3 groepsfase CL
* De 48 clubs in de groepsfase spelen in 12 groepen van 4 clubs. Zij spelen tegen elke club uit de groep een thuis- en een uitwedstrijd. De nrs. 1 en 2 van de groepen plaatsen zich voor de tweede ronde (knock-outfase).

Situatie tussen 2009 en 2012[bewerken | brontekst bewerken]

In de seizoenen 2009/10, 2010/11 en 2011/12 werd de volgende opzet gehanteerd:

1e voorronde: 50 clubs 2e voorronde: 80 clubs 3e voorronde: 70 clubs Play-off ronde: 74 clubs Groepsfase: 48 clubs knock-outfase: 32 clubs
Fair Play klassement
2× BW 52-53
16× #2 35-51**
29× #3 22-51**
** exclusief Liechtenstein
25× winnaar 1Q
24× BW 28-51
16× #2 19-34
6× #3 16-21
6× #4 10-15
3× #5 7-9
40× winnaar 2Q
12× BW 16-27
3× #2 16-18
6× #3 10-15
3× #4 7-9
3× #5 4-6
3× #6 1-3
35× winnaar 3Q
15× BW 1-15
3× #3 7-9
3× #4 4-6
3× #5 1-3
15× verliezer 3Q CL
37× winnaar PO's
1× Titelverdediger EL
10× verliezer PO CL
12× #1 groepsfase
12× #2 groepsfase
8× #3 groepsfase CL

Prijzenpot[bewerken | brontekst bewerken]

  • 1e voorronde: € 240.000
  • 2e voorronde: € 260.000
  • 3e voorronde: € 280.000
  • Uitschakeling Play-offronde: € 300.000
  • Startgeld: € 2.920.000
  • Groepsfase overwinning: € 570.000
  • Groepsfase gelijkspel: € 190.000
  • Groepsfase winnaar: € 1.000.000
  • Groepsfase runners-up: € 500.000
  • 2e ronde: € 500.000
  • Achtste finale: € 1.100.000
  • Kwartfinale: € 1.500.000
  • Halve finale: € 2.400.000
  • Verliezend finalist: € 4.500.000
  • Winnaar: € 8.500.000
+ deelname aan UEFA Champions League volgend seizoen

Finales[bewerken | brontekst bewerken]

Seizoen Datum Winnaar Uitslag Tegenstander Stadion en locatie
UEFA Cup
1971/72 3 mei 1972
17 mei 1972
Tottenham Hotspur Vlag van Engeland 2 – 1, 1 – 1 Vlag van Engeland Wolverhampton Wanderers Tot en met het seizoen 1996/1997 werd
de finale gespeeld over een uit- en thuiswedstrijd
1972/73 10 mei 1973
23 mei 1973
Liverpool Vlag van Engeland 3 – 0, 0 – 2 Vlag van Duitsland Borussia Mönchengladbach
1973/74 22 mei 1974
29 mei 1974
Feyenoord Vlag van Nederland 2 – 2, 2 – 0 Vlag van Engeland Tottenham Hotspur
1974/75 7 mei 1975
21 mei 1975
Borussia Mönchengladbach Vlag van Duitsland 0 – 0, 5 – 1 Vlag van Nederland FC Twente
1975/76 28 april 1976
19 mei 1976
Liverpool Vlag van Engeland 3 – 2, 1 – 1 Vlag van België Club Brugge
1976/77 4 mei 1977
18 mei 1977
Juventus Vlag van Italië 1 – 0, 2 – 1 (u) Vlag van Spanje Athletic Bilbao
1977/78 26 april 1978
9 mei 1978
PSV Vlag van Nederland 0 – 0, 3 – 0 Vlag van Frankrijk SEC Bastia
1978/79 9 mei 1979
23 mei 1979
Borussia Mönchengladbach Vlag van Duitsland 1 – 1, 1 – 0 Vlag van Joegoslavië Rode Ster Belgrado
1979/80 7 mei 1980
21 mei 1980
Eintracht Frankfurt Vlag van Duitsland 3 – 2, 0 – 1 (u) Vlag van Duitsland Borussia Mönchengladbach
1980/81 6 mei 1981
20 mei 1981
Ipswich Town Vlag van Engeland 3 – 0, 2 – 4 Vlag van Nederland AZ'67
1981/82 5 mei 1982
19 mei 1982
IFK Göteborg Vlag van Zweden 1 – 0, 3 – 0 Vlag van Duitsland Hamburger SV
1982/83 4 mei 1983
18 mei 1983
Anderlecht Vlag van België 1 – 0, 1 – 1 Vlag van Portugal Benfica
1983/84 9 mei 1984
23 mei 1984
Tottenham Hotspur Vlag van Engeland 1 – 1, 1 – 1 ns (4 – 3) Vlag van België Anderlecht
1984/85 8 mei 1985
22 mei 1985
Real Madrid Vlag van Spanje 3 – 0, 0 – 1 Vlag van Hongarije Székesfehérvár
1985/86 30 april 1986
6 mei 1986
Real Madrid Vlag van Spanje 5 – 1, 0 – 2 Vlag van Duitsland 1. FC Köln
1986/87 6 mei 1987
20 mei 1987
IFK Göteborg Vlag van Zweden 1 – 0, 1 – 1 Vlag van Schotland Dundee United
1987/88 4 mei 1988
18 mei 1988
Bayer Leverkusen Vlag van Duitsland 0 – 3, 3 – 0 ns (3 – 2) Vlag van Spanje Espanyol
1988/89 3 mei 1989
17 mei 1989
Napoli Vlag van Italië 2 – 1, 3 – 3 Vlag van Duitsland VfB Stuttgart
1989/90 2 mei 1990
16 mei 1990
Juventus Vlag van Italië 3 – 1, 0 – 0 Vlag van Italië Fiorentina
1990/91 8 mei 1991
22 mei 1991
Internazionale Vlag van Italië 2 – 0, 0 – 1 Vlag van Italië AS Roma
1991/92 29 april 1992
13 mei 1992
Ajax Vlag van Nederland 2 – 2, 0 – 0 (u) Vlag van Italië Torino
1992/93 5 mei 1993
19 mei 1993
Juventus Vlag van Italië 3 – 1, 3 – 0 Vlag van Duitsland Borussia Dortmund
1993/94 26 april 1994
11 mei 1994
Internazionale Vlag van Italië 1 – 0, 1 – 0 Vlag van Oostenrijk SV Salzburg
1994/95 3 mei 1995
17 mei 1995
Parma Vlag van Italië 1 – 0, 1 – 1 Vlag van Italië Juventus
1995/96 1 mei 1996
15 mei 1996
Bayern München Vlag van Duitsland 2 – 0, 3 – 1 Vlag van Frankrijk Girondins de Bordeaux
1996/97 7 mei 1997
21 mei 1997
Schalke 04 Vlag van Duitsland 1 – 0, 0 – 1 ns (4 – 1) Vlag van Italië Internazionale
1997/98 6 mei 1998 Internazionale Vlag van Italië 3 – 0 Vlag van Italië Lazio Vlag van Frankrijk Parc des Princes, Parijs, Frankrijk
1998/99 12 mei 1999 Parma Vlag van Italië 3 – 0 Vlag van Frankrijk Olympique Marseille Vlag van Rusland Loezjniki, Moskou, Rusland
1999/00 17 mei 2000 Galatasaray Vlag van Turkije 0 – 0 ns (4 – 1) Vlag van Engeland Arsenal Vlag van Denemarken Parken, Kopenhagen, Denemarken
2000/01 16 mei 2001 Liverpool Vlag van Engeland 5 – 4 nv Vlag van Spanje Alavés Vlag van Duitsland Westfalen Stadion, Dortmund, Duitsland
2001/02 8 mei 2002 Feyenoord Vlag van Nederland 3 – 2 Vlag van Duitsland Borussia Dortmund Vlag van Nederland Stadion Feijenoord, Rotterdam, Nederland
2002/03 21 mei 2003 FC Porto Vlag van Portugal 3 – 2 nv Vlag van Schotland Celtic Vlag van Spanje La Cartuja, Sevilla, Spanje
2003/04 19 mei 2004 Valencia Vlag van Spanje 2 – 0 Vlag van Frankrijk Olympique Marseille Vlag van Zweden Ullevi, Göteborg, Zweden
2004/05 18 mei 2005 CSKA Moskou Vlag van Rusland 3 – 1 Vlag van Portugal Sporting CP Vlag van Portugal Estádio José Alvalade, Lissabon, Portugal
2005/06 10 mei 2006 Sevilla Vlag van Spanje 4 – 0 Vlag van Engeland Middlesbrough Vlag van Nederland Philips Stadion, Eindhoven, Nederland
2006/07 16 mei 2007 Sevilla Vlag van Spanje 2 – 2 ns (3 – 1) Vlag van Spanje Espanyol Vlag van Schotland Hampden Park, Glasgow, Schotland
2007/08 14 mei 2008 Zenit Sint-Petersburg Vlag van Rusland 2 – 0 Vlag van Schotland Rangers FC Vlag van Engeland City of Manchester Stadium, Manchester, Engeland
2008/09 20 mei 2009 Sjachtar Donetsk Vlag van Oekraïne 2 – 1 nv Vlag van Duitsland Werder Bremen Vlag van Turkije Şükrü Saracoğlustadion, Istanboel, Turkije
UEFA Europa League
2009/10 12 mei 2010 Atlético Madrid Vlag van Spanje 2 – 1 nv Vlag van Engeland Fulham Vlag van Duitsland Hamburg Arena, Hamburg, Duitsland
2010/11 18 mei 2011 FC Porto Vlag van Portugal 1 – 0 Vlag van Portugal SC Braga Vlag van Ierland Avivastadion, Dublin, Ierland
2011/12 9 mei 2012 Atlético Madrid Vlag van Spanje 3 – 0 Vlag van Spanje Athletic Bilbao Vlag van Roemenië Arena Națională, Boekarest, Roemenië
2012/13 15 mei 2013 Chelsea Vlag van Engeland 2 – 1 Vlag van Portugal Benfica
Vlag van Nederland Amsterdam ArenA, Amsterdam, Nederland
2013/14 14 mei 2014 Sevilla Vlag van Spanje 0 – 0 ns (4 – 2) Vlag van Portugal Benfica Vlag van Italië Juventus Stadium, Turijn, Italië
2014/15 27 mei 2015 Sevilla Vlag van Spanje 3 – 2 Vlag van Oekraïne Dnipro Dnipropetrovsk Vlag van Polen Nationaal Stadion, Warschau, Polen
2015/16 18 mei 2016 Sevilla Vlag van Spanje 3 – 1 Vlag van Engeland Liverpool Vlag van Zwitserland St. Jakob-Park, Bazel, Zwitserland
2016/17 24 mei 2017 Manchester United Vlag van Engeland 2 – 0 Vlag van Nederland Ajax Vlag van Zweden Friends Arena, Solna, Zweden
2017/18 16 mei 2018 Atlético Madrid Vlag van Spanje 3 – 0 Vlag van Frankrijk Olympique Marseille Vlag van Frankrijk Parc Olympique Lyonnais, Lyon, Frankrijk
2018/19 29 mei 2019 Chelsea Vlag van Engeland 4 – 1 Vlag van Engeland Arsenal Vlag van Azerbeidzjan Olympisch Stadion, Bakoe, Azerbeidzjan
2019/20 21 augustus 2020 Sevilla Vlag van Spanje 3 – 2 Vlag van Italië Internazionale Vlag van Duitsland RheinEnergieStadion, Keulen, Duitsland
2020/21 26 mei 2021 Villarreal Vlag van Spanje 1 – 1 ns (11 – 10) Vlag van Engeland Manchester United Vlag van Polen Polsat Plus Arena Gdańsk, Gdańsk, Polen
2021/22 18 mei 2022 Eintracht Frankfurt Vlag van Duitsland 1 – 1 ns (5 – 4) Vlag van Schotland Rangers FC Vlag van Spanje Estadio Ramón Sánchez Pizjuán, Sevilla, Spanje
2022/23 31 mei 2023 Vlag van Hongarije Puskás Aréna, Boedapest, Hongarije
2023/24 mei 2024 Vlag van Ierland Avivastadion, Dublin, Ierland
2024/25 mei 2025 Vlag van Spanje San Mamés, Bilbao, Spanje

Statistieken[bewerken | brontekst bewerken]

Winnaars[bewerken | brontekst bewerken]

Club Winnaar Runners-up Seizoenen winnaar Seizoenen runners-up
Vlag van Spanje Sevilla 6 0 2005/06, 2006/07, 2013/14, 2014/15, 2015/16, 2019/20
Vlag van Italië Internazionale 3 2 1990/91, 1993/94, 1997/98 1996/97, 2019/20
Vlag van Italië Juventus* 3 1 1976/77, 1989/90, 1992/93 1994/95
Vlag van Engeland Liverpool 3 1 1972/73, 1975/76, 2000/01 2015/16
Vlag van Spanje Atlético Madrid 3 0 2009/10, 2011/12, 2017/18
Vlag van Duitsland Borussia Mönchengladbach 2 2 1974/75, 1978/79 1972/73, 1979/80
Vlag van Engeland Tottenham Hotspur 2 1 1971/72, 1983/84 1973/74
Vlag van Spanje Real Madrid 2 0 1984/85, 1985/86
Vlag van Zweden IFK Göteborg 2 0 1981/82, 1986/87
Vlag van Italië Parma 2 0 1994/95, 1998/99
Vlag van Nederland Feyenoord 2 0 1973/74, 2001/02
Vlag van Portugal FC Porto 2 0 2002/03, 2010/11
Vlag van Engeland Chelsea* 2 0 2012/13, 2018/19
Vlag van Duitsland Eintracht Frankfurt 2 0 1979/80, 2021/22
Vlag van België RSC Anderlecht 1 1 1982/83 1983/84
Vlag van Nederland Ajax* 1 1 1991/92 2016/17
Vlag van Engeland Manchester United* 1 1 2016/17 2020/21
Vlag van Nederland PSV Eindhoven 1 0 1977/78
Vlag van Engeland Ipswich Town 1 0 1980/81
Vlag van Duitsland Bayer 04 Leverkusen 1 0 1987/88
Vlag van Italië SSC Napoli 1 0 1988/89
Vlag van Duitsland Bayern München* 1 0 1995/96
Vlag van Duitsland Schalke 04 1 0 1996/97
Vlag van Turkije Galatasaray 1 0 1999/00
Vlag van Spanje Valencia 1 0 2003/04
Vlag van Rusland CSKA Moskou 1 0 2004/05
Vlag van Rusland Zenit Sint-Petersburg 1 0 2007/08
Vlag van Oekraïne Sjachtar Donetsk 1 0 2008/09
Vlag van Spanje Villarreal 1 0 2020/21

(*) Deze clubs wonnen alle UEFA hoofdcompetities

Finales per land[bewerken | brontekst bewerken]

Land Winnaars Runner up Totaal
Vlag van Spanje Spanje 13 5 18
Vlag van Italië Italië 9 8 17
Vlag van Engeland Engeland 9 7 16
Vlag van Duitsland Duitsland 7 8 15
Vlag van Nederland Nederland 4 3 7
Vlag van Portugal Portugal 2 5 7
Vlag van Zweden Zweden 2 0 2
Vlag van Rusland Rusland 2 0 2
Vlag van België België 1 2 3
Vlag van Oekraïne Oekraïne 1 1 2
Vlag van Turkije Turkije 1 0 1
Vlag van Frankrijk Frankrijk 0 5 5
Vlag van Schotland Schotland 0 4 4
Vlag van Oostenrijk Oostenrijk 0 1 1
Vlag van Hongarije Hongarije 0 1 1
Vlag van Joegoslavië (1992-2003) Joegoslavië 0 1 1

Puntenklassement[bewerken | brontekst bewerken]

De volgorde is gebaseerd op het aantal punten behaald met wedstrijden in de UEFA Cup en Europa League (twee per gewonnen wedstrijd, één punt per gelijkspel en nul per verloren wedstrijd).

club land gs w g v pnt 1 Ds
1 Internazionale Vlag van Italië Italië 191 96 44 51 236 297–173
2 Sporting CP Vlag van Portugal Portugal 187 90 40 57 220 296–209
3 Tottenham Hotspur Vlag van Engeland Engeland 153 88 37 28 213 315–134
4 PSV Vlag van Nederland Nederland 171 85 38 48 208 288–182
5 Sevilla Vlag van Spanje Spanje 149 88 30 31 206 269–125
6 Club Brugge Vlag van België België 182 79 42 61 200 298–237
7 AS Roma Vlag van Italië Italië 145 78 28 39 184 258–146
8 Anderlecht Vlag van België België 154 73 38 43 184 255–170
9 Ajax Vlag van Nederland Nederland 149 77 27 45 181 257–149
10 Rode Ster Belgrado Vlag van Servië Servië 159 68 42 49 178 244–196

Bijgewerkt tot en met 6 mei 2022.[1]

Belgische en Nederlandse winnaars (sinds 2009)[bewerken | brontekst bewerken]

De Belgische en Nederlandse voetballers die de beker wonnen, staan hieronder. Het gaat om spelers die aangesloten waren bij een winnende club en in minstens een van de wedstrijden in aanloop naar de winst in actie kwamen.[2]

Belgen[bewerken | brontekst bewerken]

Nederlanders[bewerken | brontekst bewerken]

Meeste wedstrijden[bewerken | brontekst bewerken]

# Speler Nationaliteit Wedstrijden Club(s)
1 Giuseppe Bergomi Vlag van Italië Italië 96 Internazionale
2 Frank Rost Vlag van Duitsland Duitsland 90 Werder Bremen, Schalke 04, Hamburger SV
3 Bibras Natkho Vlag van Israël Israël 80 Hapoel Tel Aviv, Roebin Kazan, CSKA Moskou, Olympiakos Piraeus, FK Partizan
4 Allan McGregor Vlag van Schotland Schotland 79 Rangers FC, Hull City
5 João Pereira Vlag van Portugal Portugal 77 SL Benfica, SC Braga, Sporting CP, Valencia CF, Trabzonspor
6 Aleksandar Dragović Vlag van Oostenrijk Oostenrijk 76 Austria Wien, FC Basel, Dynamo Kiev, Bayer Leverkusen, Rode Ster Belgrado
Dimitrios Salpigidis Vlag van Griekenland Griekenland PAOK Saloniki, Panathinaikos
8 Jeremain Lens Vlag van Nederland Nederland 75 AZ, PSV, Dynamo Kiev, Fenerbahçe, Beşiktaş
9 Raúl García Vlag van Spanje Spanje 74 CA Osasuna, Atlético Madrid, Athletic Bilbao
Rui Patrício Vlag van Portugal Portugal Sporting CP, Wolverhampton Wanderers
Pepe Reina Vlag van Spanje Spanje FC Barcelona, Villarreal CF, Liverpool FC, SSC Napoli, AC Milan

Bijgewerkt tot en met 6 mei 2022.[1]

Topscorers aller tijden[bewerken | brontekst bewerken]

# Speler Nationaliteit Doelpunten Club(s)
1 Henrik Larsson Vlag van Zweden Zweden 40 Feyenoord, Celtic FC, Helsingborgs IF
2 Klaas-Jan Huntelaar Vlag van Nederland Nederland 34 sc Heerenveen, Ajax, Schalke 04
3 Alfredo Morelos Vlag van Colombia Colombia 32 HJK Helsinki, Rangers FC
4 Radamel Falcao Vlag van Colombia Colombia 31 FC Porto, Atlético Madrid
Aritz Aduriz Vlag van Spanje Spanje Valencia CF, Athletic Bilbao
6 Dieter Müller Vlag van Duitsland Duitsland 29 1. FC Köln, VfB Stuttgart, 1. FC Saarbrücken
7 Pierre-Emerick Aubameyang Vlag van Gabon Gabon 27 Borussia Dortmund, Arsenal, FC Barcelona
Shota Arveladze Vlag van Georgië Georgië Dinamo Tbilisi, Trabzonspor, Ajax, Rangers FC
Vágner Love Vlag van Brazilië Brazilië CSKA Moskou, Beşiktaş JK, Kairat Almaty
10 Kevin Gameiro Vlag van Frankrijk Frankrijk 26 RC Strasbourg, Paris Saint-Germain, Sevilla FC, Atlético Madrid, Valencia CF
Moanes Dabour Vlag van Israël Israël Maccabi Tel Aviv, Red Bull Salzburg, Sevilla FC, TSG Hoffenheim

Bijgewerkt tot en met 6 mei 2022.[1]

Meeste goals in een enkel seizoen[bewerken | brontekst bewerken]

Rank Speler Nationaliteit Doelpunten Club Seizoen
1 Radamel Falcao Vlag van Colombia Colombia 17 Atlético Madrid UEFA Europa League 2010/11
2 Jürgen Klinsmann Vlag van Duitsland Duitsland 15 Bayern München UEFA Cup 1995/96
3 Ruud Geels Vlag van Nederland Nederland 14 Ajax UEFA Cup 1975/76
John Wark Vlag van Schotland Schotland 14 Ipswich Town UEFA Cup 1980/81

Bijgewerkt tot en met 19 mei 2022.[3]

Externe links[bewerken | brontekst bewerken]

Zie de categorie UEFA Europa League van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.