René Fallet

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

René Fallet (Villeneuve-Saint-Georges, 4 december 1927 - 25 juli 1983) was een Frans schrijver en scenarist.

Biografie[bewerken]

Fallet kwam al op vijftienjarige leeftijd werken in Parijs. Hij voerde er allerlei jobs uit die hem inspiratie zouden opleveren voor zijn romans. Het literaire succes overkwam hem al op negentienjarige leeftijd met zijn debuut Banlieue sud-est (1947). Bekende namen als Blaise Cendrars et Boris Vian waren vol lof. In die eerste roman schetste hij met veel verve zijn adolescentie en zijn ontmoetingen met allerhande pittoreske figuren in de Parijse buitenwijken tijdens de laatste maanden voor de Bevrijding van Parijs. La Fleur et la Souris (1948) en de spannende roman noir Pigalle (1949), zijn twee volgende boeken, situeerde hij in hetzelfde kader tijdens en na de de Bevrijding. In 1950 ontving hij de Prix du roman populiste voor die drie eerste romans.

Vanaf dan legde hij zich toe op de literatuur en de literaire kritiek. Zo had hij tussen 1952 en 1956 een literaire kroniek in de Canard enchaîné. In 1953 woonde hij een optreden bij van de nog niet zo bekende Georges Brassens en schreef er een laaiend enthousiast artikel over. Het betekende het begin van een levenslange vriendschap. In 1964 werd hem de prix Interallié toegekend voor Paris au mois d'août, de roman die hem definitief zijn plaats gaf in de Franse literatuur. Hij schreef niet alleen een twintigtal romans maar ook enkele dichtbundels en vier essays, onder andere over zijn goede vriend Brassens. Zijn leven bleef in het teken van de literatuur staan totdat hij op 55-jarige leeftijd overleed.

Werken[bewerken]

Romans[bewerken]

  • Banlieue sud-est, Domat, 1947
  • La Fleur et la Souris, Domat, 1948
  • Pigalle, Domat, 1949
  • Le Triporteur, Denoël, 1951
  • Testament, Seghers, 1952
  • Les Pas perdus, Denoël, 1954
  • Rouge à lèvres, Éditions de Paris, 1955
  • La Grande Ceinture, Denoël, 1956
  • Les Vieux de la vieille, Denoël, 1958
  • Une poignée de main, Denoël, 1959
  • Il était un petit navire, Denoël, 1962
  • Mozart assassiné, Denoël, 1963
  • Paris au mois d'août, Denoël, 1964
  • Un idiot à Paris, Denoël, 1966
  • Charleston, Denoël, 1967
  • Comment fais-tu l'amour, Cerise ?, Denoël, 1969
  • Au beau rivage, Denoël, 1970
  • L'Amour baroque, René Julliard, 1971
  • Le Braconnier de Dieu, Denoël, 1973
  • Ersatz, Denoël 1974
  • Le beaujolais nouveau est arrivé, Denoël, 1975
  • La Soupe aux choux, Denoël, 1980

Essays[bewerken]

  • Brassens, Denoël, 1967
  • Le Vélo Julliard / Idée fixe, 1973, geïllustreerde heruitgave Roger Blachon, Denoël, 1992 en 2013
  • Les Pieds dans l'eau, Mercure de France, 1974, heruitgave Denoël, 1990

Poëzie[bewerken]

  • Le Périscope, (in eigen beheer, 50 exemplaren) 1946
  • A la fraîche, Seghers (voorwoord van Georges Brassens), 1959
  • Chromatiques, Mercure de France, 1973
  • Dix neuf poèmes pour Cerise, Denoël, 1969

Films naar werken van Fallet[bewerken]

Bibliografie[bewerken]

  • Jean-Paul Liégeois : Splendeur et misères de René Fallet (gesprekken en getuigenissen), Paris, Denoël, 1978
  • Philippe-A Boiry : René Fallet, poète, Charenton-le-Pont, Presses de Valmy, 1999
  • Jacques Poinson : René Fallet, le rose et le noir, Vichy, Aedis, 2002
  • Marc Sourdot : René Fallet, vingt ans après, Paris, Maisonneuve et Larose, 2005
  • Michel Lécureur : René Fallet: le Braconnier des Lettres, Paris, les Belles Lettres, 2005