Skorpiovenator

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Skorpiovenator bustingorryi

Skorpiovenator bustingorryi is een theropode dinosauriër die in het late Krijt leefde in het gebied van het huidige Argentinië.

De soort is in 2008 benoemd en beschreven door Fernando Novas en zijn medewerkers. De geslachtsnaam, een samentrekking van het Latijn voor "schorpioen", scorpio, en "jager", venator, verwijst naar het feit dat Skorpiovenator een roofdier was en de vindplaats vergeven van de schorpioenen. De spelling van "skorpio" met een k is een gevolg van een verwarring met het Klassiek Griekse skorpios, waarvan de beschrijvers dachten dat het Latijn was. De soortnaam eert de eigenaar van de grond waarop de vondst gedaan werd, Manuel Bustingorry.

Het fossiel, holotype MMCH-PV 48 (in het Museo Municipal "Ernesto Bachmann"), bestaat uit een vrijwel compleet skelet, waarvan alleen de rechterarm en de achterste helft van de staart ontbreken, gevat in een enkel blok zandsteen van vier ton. Het fossiel, dat nog niet geheel is geprepareerd, is door museumpaleontoloog Juan Canale opgegraven, drie kilometer ten noordwesten van het plaatsje Villa El Chocón, in de Patagonische provincie Neuquén, in de Huinculformatie op de grens van het Cenomanien-Turonien, 94-93 miljoen jaar geleden .

Skorpiovenator is een vrij grote, anderhalf à twee ton zware, roofsauriër met een heuphoogte van ongeveer 2,5 meter; in vergelijking met de relatief lange achterpoten zijn romp en staart echter tamelijk gedrongen zodat de lengte maar zo'n zes meter bedraagt. Erg gedrongen is ook de korte schedel: hij is hoog met lage onderkaken. De maxilla draagt negentien tanden. De eigenlijke schedel is erg robuust met een zware verbening van het schedeldak; de onderkant van de oogkas — het oog bevond zich in de bovenste helft — is bijna geheel afgesloten door een uitsteeksel van het os postorbitale. Deze eigenschappen worden door de beschrijvers gezien als een aanpassing voor een verhoogd vermogen schokken te absorberen, bijvoorbeeld tijdens de jacht en bij onderlinge gevechten. Verder zijn de armen sterk gereduceerd: niet meer dan korte stompjes. Zijn toestand lijkt dus op de al bekende en verwante Carnotaurus, maar boven de oogkas ontbreken de extreme hoorns van de laatste, wat erop zou duiden dat zulke hoorns binnen de Carnotaurinae verschillende malen afzonderlijk zouden zijn geëvolueerd. Wel bezit de schedel veel ornamentatie in de vorm van uitsteeksels en richels.

Het is de beschrijvers opgevallen dat de tanden van Skorpiovenator erg lijken op die van de Carcharodontosauridae en ze voorspellen dat eerder gevonden tanden die aan die laatste groep werden toegeschreven, maar uit aardlagen stammen waaruit geen hele carcharodontosauride skeletten bekend zijn, zullen blijken in feite van abelisauriden afkomstig te zijn. Dit zou dan betekenen dat de Carcharodontosauridae in Zuid-Amerika eerder zijn uitgestorven dan gedacht.

Skorpiovenator behoort volgens een eerste kladistische analyse tot de Abelisauridae en meer bepaaldelijk tot de Carnotaurinae. De beschrijvers hebben voor hem en een aantal verwante soorten binnen de carnotaurinen de klade Brachyrostra benoemd. Daarbinnen zou Skorpiovenator het nauwst verwant zijn aan Ekrixinatosaurus.

Literatuur[bewerken]

  • Canale, J.I., Scanferla, C.A., Agnolin, F.L., and Novas, F.E., 2008, "New carnivorous dinosaur from the Late Cretaceous of NW Patagonia and the evolution of abelisaurid theropods", Naturwissenschaften, doi: 10.1007/s00114-008-0487-4