Tefilin

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
gebedsriemen en gebedskleed.
IDF soldier put on tefillin.jpg
Tefillin.JPG

Tefilin (Hebreeuws: תפילין tefillien van tefiela, gebed) of tefillen (Nederlands-Jiddisch/Asjkenazische uitspr.) zijn in het jodendom riemen waaraan doosjes die bij het Joodse ochtendgebed worden gedragen. In de doosjes zitten teksten uit de Pentateuch. Een Nederlandse naam is 'gebedsriemen'. Op doordeweekse dagen worden de gebedsriemen gedragen bij het ochtendgebed (sjachariet). De gebedsriemen bestaan uit een hoofdstel (Hebreeuws tefillien shel rosh) en een gedeelte om de arm en hand (Hebreeuws tefillien shel jad).

De zwarte lederen doosjes (Hebreeuws bajit, meerv. batim; huis, huizen) bevatten op perkament geschreven teksten:

Het ene doosje draagt men met behulp van een leren riem op het voorhoofd. De andere riem wordt zeven maal om de arm gewikkeld en dan om de hand geslagen. Op deze manier vormt de riem de letter Sjin uit het Hebreeuwse alfabet. Deze verwijst naar het begrip Sjaddai, de almachtigheid van God. Mensen die rechtshandig zijn dragen de voor de hand bestemde tefilin aan de linkerarm, linkshandigen aan de rechterarm.

Sjin

Volgens de traditie dragen alleen mannen ouder dan 13 jaar gebedsriemen. In sommige liberale gemeenten zijn er ook vrouwen die dat doen.

De oorsprong van het gebruik om gebedsriemen te dragen wordt gevonden in de Thora in (Deuteronomium 6:8, 11:18 en Exodus 13:9, 16). In deze passages worden de regels weinig gedetailleerd beschreven. De verdere ontwikkeling van deze traditie is gebaseerd op mondelinge overlevering en beschreven in de Talmoed.

Externe link[bewerken]