Telefónica

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Telefónica
Telefónica
Telefonica01.jpg
Oprichting 1924
Sleutelfiguren Jose Maria Alvarez-Pallete Lopez (voorzitter en CEO)
Hoofdkantoor Madrid, Spanje
Producten -vaste telefoon
-mobiele telefoon
-televisie
Omzet 52,0 miljard (2016)[1]
Winst € 2,4 miljard (2016)[1]
Website (en) (es) Telefonica
Portaal  Portaalicoon   Economie

Telefónica is het bedrijf dat vroeger de telefonie in Spanje organiseerde. Deze status van monopolist heeft zij tot 1997 behouden, daarna is zij geprivatiseerd en heeft zij niet langer het alleenrecht op telefonie in Spanje. Tegenwoordig is Telefónica de grootste telefoonaanbieder van Spanje en de zesde grootste ter wereld. Télefonica is sterk vertegenwoordigd in Latijns-Amerika.

Activiteiten[bewerken]

Telefónica is een groot telecombedrijf. Zij levert een breed pakket van communicatiediensten aan zo’n 350 miljoen klanten.[1] De diensten betreffen vaste telefoon, mobiele telefoon, data aansluitingen en het doorgeven van TV signalen. Verreweg de meeste klanten nemen mobiele telefoondiensten af van Telefónica.

Het bedrijf is vooral actief in Europa, met name in Spanje, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland, en Latijns-Amerika.[1] Dit wordt ook gereflecteerd in de diverse bedrijfsonderdelen: Telefónica Spain, Telefónica United Kingdom, Telefónica Germany, Telefónica Brazil en Telefónica Hispanoamérica. In dit laatste onderdeel zijn alle Latijns-Amerikaanse activiteiten opgenomen met uitzondering van Brazilië. In Spanje en Hispanoamérica wordt ongeveer een kwart van de omzet gerealiseerd.[1] Het aandeel van zowel Duitsland als het Verenigd Koninkrijk in de totale omzet is ongeveer 15%. In Brazilië wordt een vijfde van de omzet behaalt. Het bedrijf telde in 2016 gemiddeld 132.000 medewerkers.[1]

De aandelen staan genoteerd aan de Bolsa de Madrid en zijn opgenomen in de IBEX-35 aandelenindex. De grootste aandeelhouder is de Spaanse bank BBVA met iets meer dan 5% van de aandelen. Het bedrijf is ook nog in andere landen aan effectenbeurzen genoteerd.

Geschiedenis[bewerken]

In 2000 kocht Telefónica Endemol voor 12 miljard gulden (circa € 5,5 miljard). Het bedrijf betaalde met eigen aandelen en wilde met Endemol andere multimediaterreinen ontwikkelen.[2] Dit is nooit echt goed aangeslagen. In 2005 bracht Telefónica een kwart van de aandelen Endemol weer naar de beurs van Amsterdam en sinds maart 2007 stond Endemol te koop.[3] Het bedrijf is op 14 mei 2007 weer teruggekocht door oud-eigenaar John de Mol samen met Silvio Berlusconi. Ze boden € 2,6 miljard voor het 75% belang in handen van Telefónica.[3] Op de overige 25% van de aandelen, die op de beurs genoteerd staan, werd een afzonderlijk bod gedaan met een totale waarde van € 800 miljoen.[3]

In oktober 2005 nam Telefónica de Britse operator O2 over voor £18 miljard. In januari 2015 werd bekend dat het Chinese conglomeraat Hutchison Whampoa O2 wil overnemen voor £10 miljard (circa €13 miljard) van Telefónica.[4] Met de opbrengst wil Telefónica schulden aflossen.[5] Hutchison heeft al Three in handen en met O2 wordt het marktleider in mobiele telefonie in het Verenigd Koninkrijk en kan er fors in de kosten worden gesneden. In mei 2016 werd de overeenkomst geblokkeerd door de Europese Commissie.[5] Door het samengaan zouden er maar drie grote partijen overblijven in de markt, Three, BT Group en Vodafone, en de commissie vreesde voor minder concurrentie en hogere prijzen voor de consument.[5]

Op 23 juli 2013 werd bekendgemaakt dat de Duitse tak Telefonica Deutschland de Duitse mobiele operator E-Plus koopt van het Nederlandse telecommunicatie- en ICT-bedrijf KPN. In september 2014 werd de transactie afgerond.[6] KPN kreeg € 5 miljard in contanten en een belang van 20,5% in Telefónica Deutschland.[6]

Externe link[bewerken]