Theatrale persoonlijkheidsstoornis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Esculaap Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Theatrale persoonlijkheidsstoornis
Coderingen
ICD-10 F60.4
DSM-IV 301.50
Portaal  Portaalicoon   Geneeskunde

De theatrale persoonlijkheidsstoornis (TPS) is een persoonlijkheidsstoornis die zich kenmerkt door overdreven emotionele uitingen en een behoefte aan aandacht, bevestiging en affectie. De stoornis openbaart zich doorgaans in de vroege volwassenheid.

Omschrijving[bewerken]

TPS-lijders komen in eerste instantie over als charmant, enthousiast, levendig en uitbundig en zijn meestal in staat op hoog niveau te functioneren. Ze kunnen seksuele verleiding, provocerend gedrag of een opvallende kledingstijl gebruiken om aandacht te krijgen, ook als hun omgeving dit ongepast vindt. Als iemand echter te direct op hun avances voor aandacht ingaat, kunnen ze onzeker worden. Emoties, die vluchtig beleefd worden door een TPS-lijder, worden bewust of onbewust sterker geuit dan ze in werkelijkheid zijn. In ernstige gevallen kunnen er zich kortdurende psychotische episodes voordoen.

Mensen met TPS hebben driftbuien en een lage frustratie-tolerantie, zijn gevoelig voor depressie, vragen veel aandacht en geruststelling en zijn vaak naïef en goedgelovig. Hun manier van spreken is vaak impressionistisch en ontbrekend in detail, waarbij ze vaak geen redenen geven waarom ze iets vinden.

Kenmerken[bewerken]

DSM-V[bewerken]

Volgens de DSM-V moet er aan tenminste 4 kenmerken zijn voldaan:

  • Oncomfortabel in situaties waarin men niet in het centrum van de belangstelling staat.
  • Toont zelf-dramatiserende, theatrale en overdreven uitingen van emoties.
  • Heeft een manier van spreken die uitermate impressionistisch is en waarbij details ontbreken.
  • Interactie met anderen kenmerkt zich vaak door onaangepast seksueel verleidelijk of uitdagend gedrag.
  • Beschouwt relaties als meer intiem dan deze in werkelijkheid zijn.
  • Vluchtige emoties, toont snel wisselende en oppervlakkige emotionele uitingen
  • Maakt gebruik van het eigen uiterlijk om de aandacht op zichzelf te vestigen.
  • Gemakkelijk beïnvloedbaar door anderen en/of omstandigheden.

ICD-10[bewerken]

De ICD-10 defineert de theatrale persoonlijkheidsstoornis als een persoonlijkheidsstoornis gekenmerkt door:

  • ondiepe en labiele affectiviteit,
  • dramatisch gedrag
  • theatraliteit,
  • overdreven uiting van emoties,
  • beïnvloedbaarheid,
  • egocentrisme,
  • genotzucht,
  • gebrek aan respect voor anderen,
  • gemakkelijk gekwetst,
  • continue op zoek naar waardering, affectie, opwinding en aandacht.

Subtypes[bewerken]

Theodore Millon omschreef zes verschillende subtypes van de theatrale persoonlijkheidsstoornis.

Sussend: afhankelijke en dwangmatige persoonlijkheidskenmerken, paait anderen, is gemakkelijk over problemen, zelf-opoffering.

Levendig: hypomanische en/of narcistische kenmerken, is impulsief en zoekt vrolijkheid in speelse avonturen.

Stormachtig: impulsief en negatief gedrag, koestert veel wrok.

Onoprecht: toont antisociale trekken, is onoprecht, sluw en manipulatief.

Theatraal: pure variant van TPS, beïnvloedbaar, beleefd, dramatisch.

Kinderlijk: bevat kenmerken van borderline, is kinderlijk hysterisch, veeleisend en overspannen.

TPS en antisociale persoonlijkheidsstoornis[bewerken]

Er zijn aanwijzingen dat de theatrale persoonlijkheidsstoornis en antisociale persoonlijkheidsstoornis mogelijk in verband staan met elkaar. Uit onderzoek bleek dat mensen met een theatrale persoonlijkheidsstoornis vaak voldoen aan de kenmerken van de antisociale persoonlijkheidsstoornis. Studies met betrekking tot de familiegeschiedenissen van deze patiënten wezen uit dat de theatrale persoonlijkheidsstoornis de neiging heeft om familiaal te zijn.

Aan de andere kant onderscheidt de theatrale persoonlijkheidsstoornis zich van andere persoonlijkheidsstoornis omdat TPS-lijders vaak een bovengemiddeld fysiek aantrekkelijk uiterlijk hebben.

Oorzaken[bewerken]

De oorzaken zijn onbekend. Mogelijk spelen erfelijkheid en jeugdtrauma's een rol bij het ontwikkelen van de theatrale persoonlijkheidsstoornis.

Zie ook[bewerken]