Naar inhoud springen

Viltganzerik

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Viltganzerik
Viltganzerik
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (planten)
Stam:Embryophyta (landplanten)
Klasse:Spermatopsida (zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:'Nieuwe' tweezaadlobbigen
Clade:Fabiden
Orde:Rosales
Familie:Rosaceae (rozenfamilie)
Geslacht:Potentilla (ganzerik)
Soort
Potentilla argentea
L. (1753)
Bloem en bladeren.
De onderzijde van de bladeren zijn viltig zilvergrijs, waaraan de soort haar wetenschappelijke naam ontleent.
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Viltganzerik op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Viltganzerik (Potentilla argentea) is een plantensoort uit de rozenfamilie (Rosaceae). In oudere boeken wordt de plant ook wel zilverganzerik genoemd, wat de vertaling is van de botanische naam, en wat ook overeenkomt met de Duitse naam Silber-Fingerkraut en het Franse Potentille argentée. In Friesland wordt de plant wollich sulverblêd genoemd.

De forse wortelstok gaat over in een houtige wortelstok.[1] Hieruit komen de kruipende tot opstijgende stengels, die 15-30 cm hoog worden. De wortel kan wel tot 1 meter diep zitten.[2] De plant is overblijvend.

De 1–1,5 cm grote gele, tweeslachtige bloemen bloeien in de zomer, in juni en juli.[1][3] De kroonblaadjes zijn ± 5 mm lang.[3]

De vaak vijftallige of zeventallige blaadjes zijn aan de bovenzijde donkergroen, aan de onderzijde witviltig.

De plant komt zowel in diploïde als hexaploïde vorm voor. De plant kan zich zowel geslachtelijk als ongeslachtelijk voortplanten, maar in de natuur speelt de ongeslachtelijke vorm geen grote rol.[4]

Viltganzerik komt voor op droge, kalkarme, voedselarme, stikstofarme gronden.[2][1] De soort fungeert als waardplant voor de bruingele boogbladroller en het witgezoomd spikkeldikkopje.[5]

In de syntaxonomie staat viltganzerik te boek als kensoort voor de struisgras-orde (Trifolio-Festucetalia).

Het verspreidingsgebied van viltganzerik strekt zich uit van Scandinavië in het noorden tot Spanje in het zuiden, en van Engeland in het westen tot Griekenland en Finland in het Oosten. Op het Noord-Amerikaanse continent komt ze in een brede strook van de Oost naar de Westkust, in het noorden van de Verenigde Staten.[6] In België en Nederland is de soort inheems.

[bewerken | brontekst bewerken]