Basilisk (fabeldier)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Basilisk, Münster, Cosmographia, 1544
Afbeelding van Ulisse Aldrovandi, Monstrorum historia, 1642
Stadszegel van Zwolle uit 1295 met Sint-Michael die een basilisk doodt
Een Basilisk bij een bron in Bazel
Wezel en basilisk, ca. 1607-1677
Hane-basilisk, ca. 1665-1664
Basilisk, 1890

Een basilisk (ook wel: koning der serpenten) is een mythisch reptiel, dat verwant zou zijn aan de slangdraak.

Uiterlijk en ontwikkeling[bewerken]

Oorspronkelijk was de basilisk een kruipend dier van ongeveer zestig centimeter dat het bovenste deel van zijn lijf rechtop hield.[1] In middeleeuwse documenten veranderde de basilisk richting een wyvern, een soort draak. Het dier kreeg vogelpoten (meestal twee, maar soms tot wel acht), een kronkelende staart met schubben, een hanenkop, vleugels[1] en een slangentong. De basilisk was een dier uit de onderwereld, waardoor hij een afgrijselijke stank met zich meenam. Zijn ogen waren kwaadaardig geel. De basilisk ontwikkelde zich uiteindelijk tot de cockatrice.

Mythe[bewerken]

De mythe meldt dat wie de blik van een basilisk ziet, sterft. Slechts drie levende dingen kunnen de dodelijke blik weerstaan: de wezel, de haan en wijnruit.[1]

Een basilisk komt uit een leerachtig ei zonder schaal dat door een zeven jaar oude haan gelegd is op het moment dat de hondster Sirius opkomt. Het ei wordt uitgebroed door een pad of door een slang in de mest.
Een Basilisk sterft als hij een haan hoort kraaien of zichzelf ziet in de spiegel.

Basilisk in de oudheid[bewerken]

Het boek Pharsalia (IX.828-833) van Lucanus beschrijft hoe de soldaten van Cato door de woestijn van Libië trekken. Die woestijn zit vol met gifslangen die geboren zijn uit het bloed van Medusa. Wanneer één van de soldaten een basilisk met zijn speer doorsteekt, stroomt het gif langs de schacht tot aan zijn hand omhoog. De soldaat hakt dadelijk zijn snel afstervende hand af.

Basilisk in de Bijbel[bewerken]

In de Statenvertaling van de Bijbel komt de basilisk voor:

  • Jesaja 11:8 - En een zoogkind zal zich vermaken over het hol van een adder; en een gespeend kind zal zijn hand uitsteken in de kuil van den basilisk.
  • Jesaja 14:29 - Verheug u niet, gij gans Palestina! dat de roede die u sloeg, gebroken is; want uit de wortel der slang zal een basilisk voortkomen, en haar vrucht zal een vurige vliegende draak zijn.
  • Jesaja 30:6 - De last der beesten, van het zuiden, naar het land des angstes, en der benauwdheid, van waar de sterke leeuw en de oude leeuw is, de basilisk en de vurige vliegende draak; hun goederen zullen zij voeren op den rug der veulens, en hun schatten op de
  • Jesaja 59:5 - Zij broeden basiliskus-eieren uit, en zij weven spinnenwebben; die van hun eieren eet, moet sterven, en als het in stukken gedrukt wordt, er berst een adder uit.
  • Jeremia 8:17 - Want ziet, Ik zend slangen, basilisken onder ulieden, tegen dewelke geen bezwering is; die zullen u bijten, spreekt de HEERE.

De betekenis van het Hebreeuwse woord (צפע) is niet helemaal duidelijk, mogelijk heeft het met "sissen" te maken. Andere vertalingen geven het weer als "adder" (maar die legt geen eieren), "giftige slang", "serpent" of zelfs "aspis".

Basilisk bij Jacob van Maerlant[bewerken]

In het boek van de bioloog avant la lettre Jacob van Maerlant, Dat seste boec van serpenten, een onderdeel van het beroemde boek Der naturen bloeme, wordt, naast de slang, de schildpad, de schorpioen en dergelijke, ook de basilisk vermeld als een van de 35 serpenten.

Bazel[bewerken]

De basilisk is sinds 1440 schildhouder van het wapen van de Zwitserse stad Bazel.

Volgens de legende zou er bij de stichting van de stad in een grot een draak (basilisk) gewoond hebben, of volgens een andere versie zou een koopman een basilisk naar Bazel gebracht hebben. Vast staat dat in 1474 in Bazel een haan voor het gerecht als basilisk veroordeeld werd.

De naam van de stad heeft waarschijnlijk niets met de basilisk te maken. Zowel de naam van het fabeldier als die van de stad zijn van het Griekse basileus (koning) afgeleid.

Volksverhalen[bewerken]

Er zijn vele volksverhalen waarin de basilisk een rol speelt.[2]

In Dokkum kwamen in 513 achttien mensen om door de basilisk.

Negen eeuwen later dook het wezen op in Oldeboorn, toen daar een put gegraven werd. Uit de put kwam een verstikkende damp en de haantjes de voorsten kwamen om. Hier ging het om twaalf mannen, vier vrouwen en twee kinderen. Toen het daglicht op het wezen scheen, viel hij dood. Het staat beschreven in een kroniek van 1413. Als oorzaak werd de glasblazerij aangewezen, de glasblazer weigerde het achtste jaar zijn zaak te sluiten door hebzucht.

In Utrecht verrees een basilisk in een bierbrouwerij. Een man kwam om in de kelder en niemand waagde zich nog in eigen kelder, omdat de keldergewelven ondergronds verbonden zijn. Hier werd een uitgebroed hanenei als oorzaak gezien. In de Middeleeuwen werden hanen opgehangen. Een jongeman versloeg de basilisk met een spiegel voor zijn borst, het dier zag zijn eigen verderfelijke ogen en viel dood neer.[3] Thea Beckman verwerkte dit verhaal in haar boek De val van de Vredeborch.

In Wenen heeft een basilisk die zich in 1212 in een put onder een bakkerij bevond veel opzien gebaard[4]. De stank uit de put werd aan een basilisk toegeschreven. Moderne geologen schrijven het verschijnsel toe aan onaangenaam riekende grondlagen.

Trivia[bewerken]

  • De naam basilisk is afkomstig van het Griekse woord voor koning, basileus.
  • Er is ook een echt bestaand dier dat basilisk heet.
  • De Basilisk komt voor in de boeken van Harry Potter, namelijk in het tweede boek.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. a b c Shuker, K. (2006). Draken. Een geïllustreerde geschiedenis. Kerkdriel: Librero.
  2. Volksverhalen der Lage Landen, Anton Pieck, Alet Schouten, 1989, ISBN 90-269-4057-2.
  3. Cor Bruijn, Nederlandse sagen, Amsterdam: Ploegsma, 1946, p. 68-72.
  4. [1] 2013