F. Bordewijk-prijs
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Ferdinand Bordewijk Prijs)
De Ferdinand Bordewijk Prijs is een literaire prijs die sinds 1978 jaarlijks uitgereikt wordt aan de schrijver van het beste Nederlandstalige prozaboek.
Daarvóór stond de prijs bekend onder de naam Vijverbergprijs, die sinds 1948 uitgereikt werd. Hij is vernoemd naar de schrijver Ferdinand Bordewijk. De prijs wordt toegekend door de Jan Campert-stichting. Aan de prijs is een geldbedrag verbonden van € 5000,- (2006).
[bewerk] Gelauwerden
- 2006 - Tommy Wieringa voor Joe Speedboot
- 2005 - Paul Verhaeghen voor Omega Minor
- 2004 - Arnon Grunberg voor De asielzoeker
- 2003 - L.H. Wiener voor Nestor
- 2002 - Stefan Hertmans voor Als op de eerste dag
- 2001 - Kees van Beijnum voor De oesters van Nam Kee
- 2000 - Peter Verhelst voor Tongkat; Een verhalenbordeel
- 1999 - Gijs IJlander voor Twee harten op een schotel
- 1998 - Helga Ruebsamen voor Het lied en de waarheid
- 1997 - J.J. Voskuil voor Meneer Beerta en Vuile handen (Het Bureau deel 1 en 2)
- 1996 - Wessel te Gussinklo voor De opdracht
- 1995 - Nicolaas Matsier voor Gesloten huis
- 1994 - Louis Ferron voor De walsenkoning
- 1993 - Robert Anker voor De terugkeer van kapitein Rob
- 1992 - Jacq Firmin Vogelaar voor De dood als meisje van acht
- 1991 - Jan Siebelink voor De overkant van de rivier
- 1990 - Leo Pleysier voor Wit is altijd schoon
- 1989 - Jeroen Brouwers voor De zondvloed
- 1988 - Hermine de Graaf voor De regels van het huis
- 1987 - Frans Kellendonk voor Mystiek lichaam
- 1986 - A.F.Th. van der Heijden voor De gevarendriehoek
- 1985 - Maarten Biesheuvel voor Reis door mijn kamer
- 1984 - Armando voor Machthebbers
- 1983 - Willem G. van Maanen voor Het nichtje van Mozart
- 1982 - F. Springer voor Bougainville
- 1981 - Cees Nooteboom voor Rituelen
- 1980 - Oek de Jong voor Opwaaiende zomerjurken
- 1979 - Willem Brakman voor Zes subtiele verhalen
[bewerk] Gelauwerden die de prijs onder de naam Vijverbergprijs ontvingen
- 1978 - F.B. Hotz voor Ernstvuurwerk
- 1977 - J. Bernlef voor De man in het midden
- 1976 - Adriaan van der Veen voor In liefdesnaam
- 1975 - Daniël Robberechts voor Praag schrijven
- 1974 - William D. Kuik voor De held van het potspel
- 1973 - Kees Simhoffer voor Een geile gifkikker
- 1972 - Anton Koolhaas voor Blaffen zonder onraad
- 1971 - Bert Schierbeek voor Inspraak
- 1970 - Jaap Harten voor Garbo en de broeders Grimm
- 1969 - Ivo Michiels voor Orchis militaris
- 1968 - Geert van Beek voor De steek van een schorpioen
- 1967 - Jeroen Brouwers voor Joris Ockeloen en het wachten
- 1966 - Willem Frederik Hermans voor Nooit meer slapen (niet aanvaard)
- 1965 - Alfred Kossmann voor De smaak van groene kaas
- 1964 - Jacques Hamelink voor Het plantaardig bewind
- 1963 - Harry Mulisch voor De zaak 40/61
- 1962 - J.W. Holsbergen voor De handschoenen van het verraad
- 1961 - Boeli van Leeuwen voor De rots der struikeling
- 1960 - niet toegekend
- 1959 - Jos. Panhuijsen voor Wandel in het water
- 1958 - Marga Minco voor Het bittere kruid
- 1957 - niet toegekend
- 1956 - Albert van der Hoogte voor Het laatste uur
- 1955 - niet toegekend
- 1954 - Max Croiset voor het toneelstuk Amphitryon
- 1953 - Albert Helman voor De laaiende stilte
- 1951 - Theun de Vries voor Anna Casparii of Het heimwee
- 1950 - Josepha Mendels voor Als wind en rook
- 1949 - niet toegekend
- 1948 - Jo Boer voor Kruis of munt

