Gegist bestek

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een voorbeeld van de dead reckoning techniek

Gegist bestek (dead reckoning) is een navigatiemethode waarbij vanuit de vertrekpositie aan de hand van de koers en afgelegde afstand de huidige positie bepaald wordt, de gegist bekomen positie. Deze methode wordt gebruikt als er nog geen directe plaatsbepaling mogelijk is.

Hiervoor is het noodzakelijk om de koers, snelheid en tijdsverschil zo nauwkeurig mogelijk te bepalen en de mogelijke storende invloeden daarop. Dit kan een navigator zelf doen, maar tegenwoordig zijn er systemen die zelf een gegist bestek bepalen aan de hand van richting- en afstandsensoren. Een voorbeeld hiervan is traagheidsnavigatie.

Om een voldoende nauwkeurig gegist bestek te verkrijgen, moet rekening worden gehouden met de vorm van de Aarde. Deze wordt wel benaderd door de bol, maar een referentie-ellipsoïde volgt deze vorm over het algemeen beter. Het gegist bestek kan daarbij worden bepaald met grootcirkelnavigatie of loxodroomnavigatie.

De gegist bestek-methode wordt wel als een aanvullend systeem gebruikt bij satellietnavigatie.

Voertuignavigatie[bewerken]

Bij voertuigen kan dit eenvoudig gebeuren door sensoren die in het systeem geïntegreerd zijn. De afgelegde afstand wordt bijvoorbeeld bepaald door middel van een wielsensor of odometer. Deze telt het aantal omwentelingen, die het wiel maakt sinds het object het vertrekpunt verlaten heeft. Om de richtingveranderingen te bepalen kunnen twee technieken worden toegepast.

  • het gebruik van een kompas;
  • wielsensors in de voorwielen. Doordat in een bocht het binnenwiel langzamer ronddraait dan het buitenwiel kan bepaald worden welke hoek wordt gemaakt en dus in welke mate de richtingverandering plaatsvindt.

Vaartuigen[bewerken]

Ook bij vaartuigen kan de verplaatsing ten opzichte van het omringende water worden bepaald door middel van een log. Deze meet de vaart, in andere woorden de snelheid, wat afhankelijk van het type log de vaart door het water is, de vaart over de voorsteven of de vaart over de grond. De afgelegde weg of verheid is hiervan af te leiden.

Onderzeeboten maken gebruik van deze techniek wanneer zij lange tijd onder water varen en geen radio-ontvangst hebben. Als niet rechtstreeks de vaart over de grond wordt bepaald moet nog wel voor de stroming van het water worden gecompenseerd. Vooral in de buurt van een riviermonding kan dat problemen opleveren.