Glenn Gould
Glenn Herbert Gould (Toronto, 25 september 1932 – Toronto, 4 oktober 1982) was een Canadees pianist die vooral faam verwierf door zijn Bachvertolkingen.
Inhoud |
[bewerken] Leven
Gould kreeg zijn eerste muzieklessen van zijn moeder, die pianolerares was. Vanaf zijn tiende kreeg hij les aan het Royal Conservatory of Music in Toronto. Zijn eerste publieke optreden gaf hij in 1945 en zijn eerste radiorecital in 1950. In 1955 tekende hij een contract bij CBS en bracht zijn eerste opname uit, een uitvoering van Bachs Goldbergvariaties. Deze opname werd een enorm succes, bezorgde hem internationale faam en maakte deze variaties bekend bij een ruim publiek. In 1957 maakte Gould een eerste tournee door Europa en de Sovjet-Unie, waar hij, ondanks het geestelijke klimaat van de Koude Oorlog, met enthousiasme werd begroet door critici en publiek. Op 10 april 1964 gaf hij zijn laatste concert, waarna hij onverwacht ophield met openbare optredens en zich enkel nog wijdde aan studio-opnames. Dat onverwachte gold overigens meer voor het publiek dan voor hem zelf; al tien jaar lang had hij naar dit moment uitgekeken om een einde te maken aan de schijnvertoningen, zoals hij die concerten beschouwde. Bij dat laatste optreden in Los Angeles speelde hij o.a. stukken uit Bachs Die Kunst der Fuge, het werk dat hem het naast aan het hart lag. Daarnaast heeft hij ook geschreven, radio- en televisie-uitzendingen verzorgd en een weinig gecomponeerd. Glenn Gould stierf in 1982 aan de gevolgen van een beroerte.
[bewerken] Gould als pianist
Gould verwierf vooral bekendheid door zijn (eigenzinnige) vertolkingen van het klavierwerk van Johann Sebastian Bach. Hoewel Gould meerdere werken van Bach op het klavecimbel heeft uitgevoerd (het instrument waarvoor Bachs klavierwerk bedoeld was), prefereerde hij de moderne piano als instrument. In vrijwel alle opnames die Gould van Bachs klavierwerk maakte, bediende hij zich van een piano. In 1982 lichtte Gould in een radiointerview toe waarom hij van een authentieke uitvoeringspraktijk placht af te wijken. Hij gaf aan dat de moderne piano zich beter leent voor de uitvoering van polyfone muziek omdat de aanslaggevoeligheid van het instrument (afwezig bij het klavecimbel) de stemvoering ten goede komt, waardoor een complexe, "academische" fuga bijvoorbeeld toegankelijker wordt voor een groter publiek. Daarnaast was Gould van mening dat J.S. Bach, die tegen het einde van zijn leven de ontwikkeling van de eerste fortepiano's had meegemaakt, de piano waarschijnlijk als ideaal instrument voor polyfone muziek zou hebben omarmd. Tevens was Bach iemand die van eigen en van andermans werk veelvuldig transcripties maakte en vermoedelijk, aldus Gould, geen problemen zou hebben gehad met het feit dat iemand zijn werk in de 20e eeuw op een piano zou uitvoeren in plaats van op een klavecimbel.
Gould was gefascineerd door contrapunt en had een voorkeur voor polyfone muziek. Niet verwonderlijk werd veel werk van (de familie) Bach, van Sweelinck e.a. door hem hoog aangeschreven. Zijn opvattingen over muziek waren uitgesproken, niet zelden omstreden en werden op polemische wijze verdedigd. Voor het romantische (piano)repertoire, waartoe werken van grootheden als Chopin, Schumann en Liszt behoren, kon hij weinig waardering opbrengen. Ook de muziek van het classicisme genoot bij hem weinig appreciatie; over Mozart merkte hij op dat deze eerder te laat dan te vroeg was gestorven. Niettemin heeft Gould meerdere werken van hem, alsmede van Haydn en van Romantische componisten als Beethoven, Bizet, Brahms, Grieg, Schumann en anderen uitgevoerd en opgenomen.
Opmerkelijk was Goulds interesse voor het werk van componisten als Arnold Schönberg en Ernst Křenek, wier werk volledig breekt met de conventies zoals die in de muziek van de Renaissance en de Barok vorm kregen en werden nagestreefd.
[bewerken] Stijl
Goulds pianospel valt op door een enorme virtuositeit en een grote nauwkeurigheid. Bij de interpretatie van de muziek permitteerde hij zich (volgens sommigen te) grote vrijheden, waardoor zijn uitvoeringen niet onomstreden zijn. Gould had de drang om een stuk een "nieuw leven" in te blazen, zodat het beluisteren ervan opnieuw een belevenis zou worden. Hiertoe week hij niet zelden af van het door de componist voorgeschreven tempo, waardoor het stuk een geheel ander karakter kreeg. Kenmerkend voor zijn spel is de semi-staccato aanslag en het spaarzame gebruik van het sostenutopedaal. Deze manier van spelen maakt de muziek zeer transparant: de luisteraar kan de verschillende stemmen goed onderscheiden. Hij slaagt erin als geen ander om van de piano een geschikt instrument te maken voor de werken van Johann Sebastian Bach. Zijn manier van spelen geeft de scherpte van de aanslag die je kan verwachten bij een klavecimbel. Het timbre van de piano zorgt er dan weer voor dat de muziek draaglijk blijft om te luisteren, omdat een klavecimbel vandaag de dag als een moeilijke klank wordt ervaren. Zijn vleugel was in samenwerking met Steinway speciaal aan zijn wensen aangepast.
De opname van de Goldbergvariaties in 1955 was de start van een revolutie in het spelen van Bach en meer in het algemeen de barokmuziek. Gould blies het stof van de partituur en maakte van de Variaties een stuk muziek dat ook interessant was voor mensen die met jazz vertrouwd zijn. Sommige tempi zijn zo adembenemend dat het op een boogiewoogie lijkt. Gould speelt een swingend ritme en legt nadrukken die bijna zeker niet door Bach gewild zijn. Toch slaagt hij erin alle stemmen en structuren duidelijk aan bod te laten komen. In 1981 nam Gould de Goldbergvariaties opnieuw op, waarbij hij volledig afweek van zijn interpretatie van het stuk in 1955.
Gould was even excentriek in het dagelijks leven als in zijn manier van spelen: helemaal krom zittend over het klavier gebogen en vaak hoorbaar meeneuriënd met de muziek. Hij had zelfs een aangepaste stoel waardoor hij opvallend laag bij de toetsen zat. Dit doet denken aan de wijze waarop men een klavecimbel bespeelt, voorovergebogen om de klank beter te kunnen horen bij het oefenen.
Zijn plaatopnames zijn nog steeds algemeen verkrijgbaar en blijven controversieel; weinigen zullen ontkennen dat Gould een muzikaal genie was. Hij behoort tot de beste vertolkers van werken uit de barok en van Johann Sebastian Bach. Maar door zijn speelstijl worden zijn vertolkingen van latere componisten door de meeste kenners niet als uitmuntend beschouwd.
[bewerken] Gould als componist
Gould heeft regelmatig in interviews te kennen gegeven dat hij uiteindelijk liever als componist dan als pianist herinnerd wilde worden. Een van de redenen om in 1964 te stoppen met concerten was dat hij dan meer tijd zou hebben om te kunnen componeren. Echter is het aantal composities dat hij tijdens zijn leven maakte zeer beperkt. Slechts zijn strijkkwartet in F mineur (op. 1), dat opmerkelijk genoeg in een romantische stijl is geschreven, en de fuga So you want to write a Fugue? zijn composities met enige potentie. Voor piano solo componeerde hij een (onvoltooide) pianosonate, en enkele kleine stukken. De meeste composities ontstonden op vroege leeftijd en in sommige werken experimenteerde Goulds met dodekafonie.
| Meer mediabestanden die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina Glenn Gould op Wikimedia Commons. |