Kerogeen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Kerogeen, ook wel aardwas of cerosinewas genoemd, is een verzamelnaam voor een groot aantal chemische verbindingen, dat een belangrijk deel uitmaakt van de organische materie die in brongesteenten aanwezig is, vooral wanneer zij in een anoxische situatie werden gevormd. Het is een zwart, bruin tot groen wasachtig mengsel en bestaat uit verbindingen van hoofdzakelijk koolstof en waterstof, in hoofdzaak hogere alkanen (C18H38 en hoger) met een hoge moleculaire massa (van meer dan 1000). Bij normale temperaturen zijn zij vast of taai vloeibaar (bitumen). Het heeft een sterk adsorptievermogen voor vele soorten vloeistoffen (anders dan petroleumwas).

Kerogeen is de gezuiverde vorm van ozokeriet (v. Gr. ozoo = rieken, kèros = was), een fossiele paraffine. Ozokeriet wordt van bijkomende gesteenten gescheiden door het met warm water te smelten. Het wordt gereinigd door verhitting met zwavelzuur en behandeld met ontkleuringsmiddelen. De was wordt gefiltreerd over beenderkool en geëxtraheerd met benzine en komt dan onder de naam ceresine in de handel, vaak enigszins bijgemengd met paraffine. Men treft het aan in Oost-Galicië, Zuid-Rusland, Toerkestan, Iran en de Verenigde Staten.

Als kerogeen wordt blootgesteld aan temperaturen tussen de 80 en de 120 °C, vallen de grote moleculen in kleinere uiteen en vormt zich aardolie. Bij temperaturen ruwweg boven de 120 °C wordt het grotendeels omgezet in methaan (aardgas). Dit wordt natuurlijk kraken genoemd (Engels: primary cracking). Teerzanden bestaan uit kerogeen en bitumen; koolwaterstoffen met een relatieve dichtheid hoger dan die van water.