Parel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zie het artikel Zie voor het aardappelras: Parel (aardappel). Zie voor gnostisch gedicht: Lied van de parel
Parels op het pareleiland bij Toba in Japan
Maria de Medici; een overvloed aan parels...
Beierse parure van parels
Een parure van Parels; 19de eeuw
Parels van verschillende grootte

Een parel is een hard, rond voorwerp dat door bepaalde weekdieren (hoofdzakelijk oesters, soms slakken) wordt gemaakt, en dat opgevist wordt om als sieraad te dienen.

De glans van parels hangt van de reflectie en de breking van het licht in de doorzichtige lagen af. Naarmate de laagjes dunner en talrijker zijn, is de glans fijner.

Parels worden verkregen door parelduikers en parelkwekers. Parels zijn vaak rond, maar soms ook onregelmatig van vorm. Traanvormige parels worden vaak als hanger gebruikt. Onregelmatig gevormde parels worden gebruikt in kettingen.

Geschiedenis[bewerken]

Hoewel parels binnen 100-105 jaar verouderen, dan bladdert het parelmoer af, heeft men in Pompeï parels gevonden uit het jaar 79 na Christus. Het is waarschijnlijk dat mensen al 6000 jaren parels kennen. Egyptenaren waren ermee vertrouwd en ook bij opgravingen in Mexico werden parels gevonden (deze stammen uit 2500 voor Christus). In India worden parels gebruikt als talisman. Volgens de overtuiging van Mongolen verhoogt afkooksel van parels de kracht van de mannen. Parels schijnen vrouwen mooie dromen te geven. Chinezen gebruikten parels in de geneeskunde. Romeinen beschouwden ze als symbool van macht, wijsheid en geluk.

De parel is een van de "negen edelstenen" in de Thaise Orde van de Negen Edelstenen.

In de 19e eeuw waren parelcolliers en sieraden met mooi gevormde parels een kostbare accessoire. Menige jongedame droeg een collier van onregelmatige maar natuurlijke parels. De kweek van parels bracht de volmaakt ronde en fraai gekleurde gekweekte parel, de zogeheten cultivé, in het bereik van bredere kringen.

Samenstelling[bewerken]

Een parel bestaat uit parelmoer; dit is voornamelijk koolzure kalk (in de vorm van aragoniet) en organische hoornstof (conchyne) die de concentrisch om een middelpunt gerangschikte microkristallen aan elkaar kit. Ofschoon de hardheid slechts 2,5 tot 5 is, zijn parels buitengewoon vast. Het is bijna onmogelijk ze met de hand stuk te maken. De laagjes worden door een hoornachtige stof, het eiwit conchiolin, aan elkaar gekit. Het geheel is het parelmoer.

De grootte van de parels varieert van een speldenkop tot een duivenei. De grootste gevonden parel is de Parel van Allah. Een andere grote parel is de Hope-parel.

Ontstaan[bewerken]

Parels vormen zich in oesterachtige zeemossels, enkele soorten zoetwatermossels en soms ook in slakken. Ze ontstaan als reactie op binnengedrongen vreemde delen tussen de schelp en de mantel of zelfs in het inwendige van de mantel. De buitenhuid van de mantel, het mantelepitheel, die gewoonlijk parelmoer vormt aan de binnenzijde van de schelp, omsluit echter ook binnengedrongen vreemde voorwerpen. En uit deze kapsels ontstaat de parel. Als de parel op de binnenkant van de schelp groeit, dan moet ze uit de wand worden gezaagd. De vorm is dan slechts halfkogelvormig. Deze parels heten 'blisters', Engels voor huidblaasje of schaalparel. In de handel worden deze parels wel met goed passende parelmoer gerepareerd tot ronde of bolvormige parels. Geschat wordt dat in 1 op de 15000 wilde oesters een parel zit.

In deze tijd komen de meeste parels uit kwekerijen. In de natuur komen ze voor in Sri Lanka, Zuid-India (Golf van Mannar), de Perzische Golf, Saoedi-Arabië, Iran, Oman. Pareloesters groeien op Tahiti en voor de kusten van Japan, Mexico, Panama en Californië. De pareloester Pinctada maxima heeft een diameter van 30 cm en weegt 5,5 kilogram. Hij komt voor langs de kusten van Noord- en West Australië. De grootste pareloester is Tridacna gigas met een diameter van 1 meter en een gewicht van 225 kilogram. Minder bekend zijn de zoetwateroesters uit de Mississippi, en de historische vindplaatsen in Duitsland, Bohemen en het Russische Noorden.

Bijna alle parels worden tegenwoordig gekweekt ('cultivéparels'). Hiervoor wordt in de oester een klein korreltje parelmoer gelegd en de parel kan dan na twee jaar geoogst worden. De teelt is door de Japanner Kokichi Mikimoto ontwikkeld en in 1896 gepatenteerd.

Sierwaarde[bewerken]

De sierwaarde van een parel hangt af van zeven factoren, de glans, vorm, kleur, grootte, perfectie en symmetrie en structuur van het parelmoer, waarbij de glans of luster het belangrijkste is. Daarom kan een kleine parel meer waard zijn dan een grote parel. Perfecte ronde parels zijn zeldzaam. Een parel met een zeldzame kleur is ook kostbaarder. Vaak wordt ten onrechte gedacht dat de donkere, tahitiaanse parels duurder zijn dan witte Japanse of Australische parels. In vergelijking met dezelfde maat en kwaliteit zijn ze echter even kostbaar. Het is wel zo dat de tahitiaanse parels meestal groter zijn en daardoor lijken ze duurder. De gekweekte tahitiaanse parels hebben een minimum grootte van ongeveer 7 mm en gaan tot 15 mm. Er zijn zeldzame exemplaren die nog groter zijn. De Japanse zoutwater cultuurparels starten vanaf ongeveer 2 mm en gaan tot ongeveer 11 mm.

Doorgaans is de parel licht van kleur, maar er zijn er ook met een donkere kleur, de zogenaamde zwarte parels. Deze worden door de zwartkleppige pareloester Pinctada margaritifera, die in de Grote Oceaan leeft, gevormd door de afzetting van een grijze tot zwarte parelmoerstof. Sinds 1963 worden deze oesters gekweekt. Jonge nog vrijlevende oesterlarven worden gevangen en opgekweekt op mosselgaas. Na drie jaar wordt in de dan volwassen oester een parelmoerkorreltje ingebracht, waarna het nog twee tot drie jaar duurt voordat te zien is of er een parel gevormd wordt. De bekendste zwarte parel is de Azra. Ze vormt het hart in een ketting van de Russische kroonjuwelen.

Taal[bewerken]

In de taal wordt het woord parel ook overdrachtelijk gebruikt, als aanduiding voor "waardevol" en/of "duurzaam". Enkele voorbeelden:

Bronnen, noten en/of referenties