Pools-Russische Oorlog (1919-1921)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Pools-Russische Oorlog
De grenzen na de oorlog.
De grenzen na de oorlog.
Datum 1919–1921
Locatie Midden- en Oost-Europa
Resultaat Vrede van Riga[1]
Strijdende partijen
Flag of Russian SFSR (1918-1937).svg Russische Socialistische Federatieve Sovjetrepubliek
Ukrflag1927.gif Oekraïense Socialistische Sovjetrepubliek
Flag of Poland.svg Polen
Naval Ensign of Ukraine (1917–1921).svg Volksrepubliek Oekraïne
Commandanten
Michail Toechatsjevski
Semjon Boedjonny
Józef Piłsudski
Edward Rydz-Śmigły
Troepensterkte
950.000 strijdkrachten
5.000.000 reserves
360.000 strijdkrachten
738.000 reserves
Verliezen
Geschat op 100.000 tot 150.000 Geschat op 47.571, exclusief ongeveer 20.000 dode krijgsgevangenen[2]
113.518 gewonden[2]
51.351 gevangenen[2]

De Pools-Russische Oorlog (februari 1919 - maart 1921) was een gewapend conflict tussen de Russische Socialistische Federatieve Sovjetrepubliek en de Tweede Poolse Republiek, twee jonge staten in het Europa na de Eerste Wereldoorlog. De oorlog was het gevolg van strijdige pogingen tot gebiedsuitbreiding. Polen, dat recentelijk in het Verdrag van Versailles in ere was hersteld na de Poolse Delingen, wilde gebieden onder controle brengen die het bij de delingen was kwijtgeraakt. De Sovjet-republiek wilde dezelfde gebieden onder controle krijgen, die tot de Eerste Wereldoorlog nog bij het Russische Rijk hadden gehoord. Beide landen claimden de overwinning in de oorlog.[1] De Polen beweerden dat zij hun staat met succes hadden verdedigd, terwijl de Sovjets beweerden dat zij de Poolse invasie in Oekraïne en Wit-Rusland hadden afgeslagen.

De grenzen tussen Polen en Sovjet-Rusland waren in de Vrede van Versailles niet vastgelegd, en gebeurtenissen na de oorlog zorgden voor een dynamiek: de Russische Revolutie van 1917, het ineenstorten van het Russische Rijk, het Duitse Rijk en Oostenrijk-Hongarije, de Russische Burgeroorlog, de terugtrekking van de centrale mogendheden uit het oostfront van de Eerste Wereldoorlog; en de pogingen van Oekraïne en Wit-Rusland om onafhankelijk te worden. Het Poolse staatshoofd Józef Piłsudski zag daarom de tijd rijp de Poolse grenzen zo ver als mogelijk naar het oosten op te schuiven, gevolgd door het stichten van een door Polen geleide federatie (Międzymorze) van een aantal landen in het oosten van Midden-Europa, als een bastion tegen de wederopkomst van zowel Russisch als Duits imperialisme. Lenin daarentegen zag Polen als een brug, waarlangs het Rode Leger andere communistische bewegingen in Europa kon bijstaan, en zo andere revoluties kon bewerkstelligen met name in Duitsland en Italië. Het was Lenins bedoeling over land contact te maken met deze landen om de destijds (vlak na de Eerste Wereldoorlog) sterke communistische bewegingen in deze landen van wapens en andere hulp te voorzien ten behoeve van de wereldrevolutie[3]. De Duitse haven- en spoorarbeiders blokkeerden gedurende deze oorlog op verzoek van Lenin alle uitvoer en doorvoer van goederen naar Polen.

In 1919 had het Poolse leger het grootste deel van het westen van Oekraïne onder controle, na een overwinning in de Pools-Oekraïense Oorlog. De West-Oekraïense Volksrepubliek probeerde tevergeefs een staat op te richten in een gebied dat door zowel Polen als Oekraïne geclaimd werd. Tezelfdertijd kregen de bolsjewieken de overhand in de Russische burgeroorlog. Zij trokken naar het westen, in de richting van de betwiste gebieden. Aan het eind van 1919 had zich een frontlijn gevormd. Schermutselingen aan de grens mondden uit in een open oorlog, na het Kievoffensief van Piłsudski in april 1920, waarin Polen verder Oekraïne in was getrokken. Het Rode Leger lanceerde een tegenaanval, die aanvankelijk veel succes had. De Sovjet-troepen wisten het Poolse leger terug te drijven tot Warschau en ten noorden ervan nog verder westelijk. Dit leidde echter tot een vrees in de rest van Europa dat het Rode Leger weldra de grens met Duitsland zou bereiken, wat de belangstelling van de westerse mogendheden voor de oorlog vergrootte. Halverwege de zomer leek de val van Warschau onvermijdelijk, maar in augustus was het tij gekeerd, en boekten de Poolse strijdkrachten een onverwachte en beslissende overwinning in de Slag bij Warschau. Piłsudski vormde een reserveleger ten zuiden van Warschau en rukte daarmee in een vijftal colonnes naar het noordoosten op. De aanval werd op 14 augustus 1920 begonnen onder rechtstreeks bevel van Piłsudski die zich gevoegd had bij deze aanvalsmacht. Daarmee sneed hij alle verbindingslijnen van het hele Rode Leger voor Warschau en ten noorden ervan af en ontstond er een chaos in deze Russische legergroepen die vervolgens wanordelijk en onder grote verliezen gedwongen werden om snel terug te trekken. Het Poolse leger wist door te stoten richting het oosten, wat de Sovjets noopte tot het zoeken naar vrede. In oktober 1920 kwamen de strijdende partijen een wapenstilstand overeen, en op 18 maart 1921 werd de Vrede van Riga getekend, waarmee een einde kwam aan de oorlog. In dit verdrag werden de betwiste gebieden verdeeld tussen Polen en Sovjet-Rusland. In het Interbellum zou deze grens grotendeels intact blijven.

Voetnoten[bewerken]

  1. a b Over de vraag wie de oorlog gewonnen heeft lopen de meningen uiteen. Russische en Poolse historici claimen doorgaans dat hun land heeft gewonnen. De meningen in andere landen lopen uiteen, maar komen voor het leeuwendeel neer op óf een Poolse overwinning, óf een patstelling zonder winnaar. Lenin noemde de uitkomst van de oorlog in een geheim rapport aan de 9e conferentie van de Bolsjewistische Partij op 20 september 1920 "in één woord een gigantische, ongehoorde nederlaag." (Richard Pipes ed., The Unknown Lenin (Yale University Press), ISBN 0-300-06919-7 Document 59, Google Print, p. 106).
  2. a b c Zbigniew Karpus, Stanisław Alexandrowicz, Waldemar Rezmer, Zwycięzcy za drutami. Jeńcy polscy w niewoli (1919-1922). Dokumenty i materiały (Overwinnaars achter prikkeldraad. Poolse krijgsgevangenen, 1919-1922. Documenten en materiaal), Toruń, Wydawnictwo Uniwersytetu Mikołaja Kopernika w Toruniu, 1995, ISBN 83-231-0627-4.
  3. Adam Zamoyski, De slag om Warschau Lenins mislukte aanval op Europa, Hoofdstuk 1, Uitg. Balans Amsterdam (2009), ISBN 978-94-600-3000-0