Slag bij Adrianopel (378)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Slag bij Adrianopel
Onderdeel van de de Romeins-Barbaarse oorlogen
Batalla de Adrianópolis.png
Datum 9 augustus 378
Locatie nabij Adrianopolis
Resultaat Visigotische overwinning
Strijdende partijen
SPQRomani.svgOost-Romeinse Rijk Mjollnir.pngVisigoten
Commandanten
SPQRomani.svgValens Mjollnir.pngFritigern
Mjollnir.png Alatheus
Mjollnir.pngSaphrax
Troepensterkte
40.000 infanterie
20.000 cavalerie
60.000
Verliezen
40.000 ca. 2.000

De slag bij Adrianopel werd op 9 augustus 378 in de buurt van de stad Adrianopel gestreden tussen een Romeins leger onder leiding van de Romeinse keizer Valens en Gotische rebellen (grotendeels Tervingi, maar ook Greutungen, niet-Gotische Alanen, enige Hunse troepen en diverse lokale rebellen) onder leiding van Fritigern. De veldslag vond ongeveer 13 kilometer ten noorden van Adrianopel (het moderne Edirne in de Europese deel van Turkije, vlak bij de huidige grens met Griekenland en Bulgarije) plaats in de toenmalige Romeinse provincie Thracië en eindigde met een overweldigende overwinning voor de Goten.[1][2]. De Romeinse nederlaag was van een dermate grote omvang, dat er al gauw vergelijkingen werden getrokken met de 'Slag bij Cannae' bijna zeshonderd jaar eerder.

De slag maakte deel uit van de Gotische oorlog (376-382) en wordt vaak beschouwd als de eerste dominosteen op weg naar de ineenstorting van het West-Romeinse Rijk in de volgende honderd jaar. De slag bij Adrianopel werd uitgevochten tussen de Goten en het Oost-Romeinse Rijk, maar uiteindelijk slaagde het Oost-Romeinse Rijk erin de Gotische invasies af te slaan en het merendeel van de Gotische macht af te leiden naar het West-Romeinse Rijk.

Aanleiding[bewerken]

De slag had een duidelijke aanleiding. Enkele jaren eerder, in 376, hadden de Visigoten Rome verzocht om op het grondgebied van het keizerrijk te mogen verblijven omdat zij niet onder het juk van de Hunnen, die vanuit Centraal-Azië naar het westen trokken, wilden komen. Dat verzoek werd door Keizer Valens toegestaan, maar de Visigoten werden vervolgens door zware belastingen onderdrukt en als tweederangs burgers zwaar gediscrimineerd. De Romeinen hoopten ook dat deze volkeren de legers van vers bloed zouden voorzien.
De frustraties over de Romeinse hebzucht en de drang tot uitbuiting leidden in 378 tot de Slag bij Adrianopel.

De veldslag[bewerken]

Romeins uniform uit de 4de eeuw

De Romeinse keizer Valens zelf voerde het bevel over het Romeinse leger bestaande uit ongeveer 60.000 soldaten.
Begin augustus stuitte hij in Thracië, bij de stad Adrianopel op de Goten. Adviezen van zijn raadgevers om te wachten op versterkingen sloeg hij in de wind. Valens waande zich van tevoren al overwinnaar. Zijn verkenners maakten slechts melding van 10.000 Goten. De Goten waren bij deze veldslag weliswaar in de meerderheid, alhoewel deze meerderheid waarschijnlijk later door Romeinse geschiedschrijvers is overdreven. Valens raakte helemaal overtuigd van de nakende overwinning daar de Gotische leider Fritigern onderhandelaars stuurde om vrede te sluiten. Bovendien werd Valens aangemoedigd door de successen van keizer Gratianus op de Barbaren in het westen.

Tijdens het initiële gevecht was de Gotische (zware) cavalerie zelfs geheel afwezig, aangezien deze de ochtend tevoren het kamp had verlaten. De achtergebleven Gotische infanterie had zich verschanst in een zogenaamde laager, een cirkel van wagens. De Goten wilden weer onderhandelen en staken de velden rondom in brand om zo tijd te kunnen winnen. De eerste Romeinse, ongecoördineerde aanval liep stuk op de versperring. De Romeinen hergroepeerden zich toch en deden een tweede (vergeefse) poging de stellingen van de Goten te bezetten.
Toen de Romeinen er ook nu niet in slaagden deze infanterie te verslaan keerde de strijd zich tegen de Romeinen door de komst van de teruggeroepen Gotische cavalerie (ongeveer 50.000 man sterk!), wat een zware morele slag aan de Romeinen bleek te zijn.

De slag zelf vond plaats in de heuvelachtige omgeving van de stad. Het Romeinse leger raakte daar snel ingesloten door de numeriek sterkere tegenstander waarbij de cavalerie snel werd weggevaagd en de vluchtende infanterie van alle kanten belaagd werden. Uiteindelijk eindigde de strijd in een verpletterende nederlaag voor de Romeinen. De overwinning was totaal omdat keizer Valens zelf bij de gesneuvelden hoorde. Slechts een derde van de Romeinen zou het overleven.

Fritigern, de koning van de Visigoten, had hierna een enorme machtspositie verworven, maar was tevreden met het herbevestigen van de afspraak met de Romeinen over hun vestigingsrechten in het Romeinse Rijk. Het belastingregime werd afgeschaft maar de Visigoten bleven ondergeschikt aan Rome.

Bronnen[bewerken]

  • Ammianus Marcellinus gaf een uitgebreide beschrijving van de Slag bij Adrianopel.
  • Hermann Schreiber, De Goten, vorsten en vazallen

Voetnoten[bewerken]

  1. Ammianus Marcellinus, Historiae, boek 31, hoofdstukken 12-14.
  2. Zosimus, Historia Nova, boek 4.