Tuinkabouter

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een typische tuinkabouter.
Tuinkabouters op de Falklandeilanden.
Tuinkabouter met fluit in Noorwegen.
Tuinkabouter met paddenstoel.

Een tuinkabouter is een beeld van een kabouter dat in de tuin wordt geplaatst. Tuinkabouters zijn vervaardigd uit steen of keramiek of goedkopere modellen uit plastic. Sinds de 19e eeuw is de tuinkabouter in Europa bekend.

Uiterlijk[bewerken]

Een kabouter heeft meestal een puntmuts, rode appelwangetjes en een kabouterbaard. Sommige tuinkabouters zijn gewijd aan een bepaalde activiteit en hebben een uiterlijk kenmerk dat daarmee geassocieerd wordt, traditioneel het gietertje en het schepje. De vijverkabouter laat zich doorgaans betrappen met een hengeltje. Daardoor overmoedig geworden hebben recent sommige tuinkabouterontwerpers zich gewaagd aan exhibitionisme en geslachtsgemeenschap.

Geschiedenis[bewerken]

De mensen toonden, in het verleden ook in deze omgeving, eerbied te hebben voor de natuur en kabouters (als beschermgeest). Bijvoorbeeld door het achterlaten van voedsel. Ook het plaatsen van tuinkabouters kan in deze relatie worden gezien, het is een teken van respect voor de beschermgeest van de natuur of tuin. In veel niet-westerse culturen, zoals bijvoorbeeld op Bali zeer gebruikelijk is, worden nog altijd geschenken gebracht aan natuurgeesten en zijn overal afbeeldingen en beeldjes te vinden in het landschap.

Rond de 19e eeuw werden in Gräfenroda de eerste tuinkabouters gemaakt. Toen Philip Griebel terracotta dieren maakte bedacht hij dat het leuk zou zijn voor de lokale bevolking om lokale mythes tot leven te brengen via zijn terracotta beelden. Een van deze mythes was dat er 's nachts kabouters hielpen in de tuin.

Voorwerpen[bewerken]

Tuinkabouters dragen vele voorwerpen, enkele bekende zijn:

Tuinkabouterbevrijdingsfront[bewerken]

Zie hoofdartikel Tuinkabouterbevrijdingsfront
Deze tuinkabouter is op reis en staat voor de Big Ben en het Palace of Westminster

Tuinkabouters zijn een populaire tuinversiering, hoewel niet voor iedereen. Ze zijn vaak het doelwit van grollen.

Zogenaamde tuinkabouterbevrijdingsfronten "bevrijden" de kabouters uit hun tuinen. Soms sturen ze de kabouter vervolgens de wereld rond.

Bij bezienswaardigheden worden foto's genomen van de kabouters, die de eigenaars worden toegezonden. Deze bezigheid is te bewonderen in de Franse film Amélie en in de Travelocitycommercials van de Roaming Gnome.

Subcultuur[bewerken]

Tuinkabouters verschijnen tegenwoordig in moderne uitvoering, zoals popsterren of (teken)filmsterren. Er bestaat een subcultuur van tuinkabouterverzamelaars die vaak op de hak genomen wordt in popcultuur.

Literaire bronnen[bewerken]

Drs. P (Heinz Polzer) maakt de tuinkabouter tot een literair thema van zijn meesterwerk "Botanisch twistgesprek" in de onvergetelijke dichtregels

Dus maar liever lobbig kogelplantje of bollenzig kijkertje, alant, olijfgroen...
"Nee, ik wil een tuinkabouter met een mandje op zijn rug"[1]

Een tuinkabouter is een kabouterras uit de boeken van Rien Poortvliet: weinig schuwe kabouter van tuinen, parken, binnenplaatsen, straten, pleinen en begraafplaatsen. Soms aan bosranden. Woont vooral in huizen op zolder of in een kelder. Haalt eten uit tuinen. Zeer algemeen.

In de wereld van de Harry Potter boeken wordt de tuinkabouter gezien als een tuinplaag die zo snel mogelijk opgelost moet worden. Ze zijn klein en leerachtig met een groot, kaal hoofd en wonen in holen onder de grond. De tuinkabouters zijn nieuwsgierig en soms agressief. Om van ze af te komen dien je ze rond te slingeren, zodat ze duizelig worden en hun holen niet meer kunnen vinden.Xenofilus Leeflang noemt tuinkabouters ook wel "Gnomini Gardensie" en beweerd dat ze speciale magische eigenschappen hebben. Zo zou hun speeksel talent veroorzaken.

Afbeeldingen[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties