Tupi (volk)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een Tupi-vrouw met haar boodschappen. Schilderij van Albert Eckhout, rond 1641

De Tupi zijn een Braziliaans inheems volk en vormden een van de belangrijkste volkeren die in dit gebied woonden voordat het door de Portugezen gekoloniseerd werd, en zijn door het verschijnsel van het Cunhadismo nog steeds een van de belangrijkste elementen van de hedendaagse genenpool in Brazilië. Volgens onderzoekers hebben de Tupi zich vooraleerst in het Amazoneregenwoud gevestigd, maar hebben zich 2900 jaar geleden verspreid naar het zuiden en de Atlantische kust.

Geschiedenis[bewerken]

Verspreiding der verschillende Tupistammen in Brazilië

De Tupi bewoonden nagenoeg alle Braziliaanse kustgebieden toen de Portugees Pedro Álvares Cabral het land in 1500 ontdekte. In dat jaar werd de Tupi bevolking geschat op zo'n 1 miljoen zielen, ongeveer evenveel als de gehele Portugese bevolking van die tijd. De Tupi waren verdeeld in tientallen stammen, die ieder tussen de 300 en 2000 leden telde. Onder deze stammen vinden we onder meer de Tupiniquim, Tupinambá, Potiguara, Tabajara, Caetés, Temiminó, en Tamoios. De Tupi deden aan landbouw, maar hun beschaving bevond zich nog wel in het stenen tijdperk. Ze verbouwden onder meer cassave, tabak, bonen, kalebas, katoen en zoete aardappelen. De Tupi hielden zich frequent onledig met oorlogen, tegen naburige stammen, maar ook tegen elkaar, daar het idee deel uit te maken van een enkel volk hen, ondanks het feit dat ze dezelfde taal spraken en ze tot dezelfde etnische groep behoorden, vreemd was. Het doel van deze oorlogen was niet zozeer om hun tegenstanders op het slagveld af te maken, maar om ze te vangen om ze vervolgens tijdens rituele feestjes lekker op te peuzelen. Het kannibalisme maakte een inherent deel uit van de oorlogscultuur; het opeten van de gevangen vijandelijke krijgers zou hun kracht overdragen op de disgenoten. Deze praktijken waren al vroeg in Europa bekend door de verhalen van Hans Staden, een Duitse soldaat en zeeman die door de Tupi gevangen was genomen. Hij werd door de Tupi naar een van hun dorpen meegenomen, en Staden beweerde dat hem verteld werd dat hij bij de eerstvolgende festiviteiten het hoofdgerecht zou zijn. Hij won echter naar eigen zeggen de vriendschap van een van de stamhoofden door hem van een ziekte te genezen, waarop deze hem het leven spaarde. Terug in Europa schreef hij een boek over zijn avonturen dat in 1557 uitgegeven werd en daar een absolute bestseller werd.

Braziliaans feestje zoals beschreven door Hans Staden.

Europese kolonisatie[bewerken]

Vanaf de 16e eeuw werden de Tupi, gelijk de andere inheemse volken in de buurt geassimileerd, tot slavernij gedwongen of simpelweg uitgeroeid door Portugese (en ook Nederlandse) kolonisten en Bandeirantes, hetgeen nagenoeg tot de totale vernietiging van het volk leidde, met slechts enkele geïsoleerde gemeenschappen die vandaag de dag in reservaten een tamelijk zieltogend bestaan leiden, voor zover ze zich niet in de dominante Braziliaanse leitcultuur geaccultureerd hebben.

Miscegenatie en Cunhadismo[bewerken]

Er zijn veel inheemse volken die hun bijdrage hebben geleverd aan de hedendaagse Braziliaanse bevolking, maar de Tupi waren verreweg de belangrijkste. Toen de eerste Portugese ontdekkingsreizigers in de 16e eeuw aankwamen waren de Tupi het eerste volk dat uitgebreid kennismaakte met de nieuwelingen. Er trad al snel een proces van mestisatie op, grosso modo het verschijnsel dat Portugese mannen veel kindjes bij inheemse vrouwen maakten. Dit verschijnsel werd door drie factoren sterk in de hand gewerkt: de meeste Portugese mannen hadden hun vrouw thuisgelaten toen ze op avontuur gingen; ten tweede was er in de Tupi cultuur een verschijnsel dat nu onder de Portugese naam Cunhadismo bekendstaat, naar het woord Cunhado , zwager. Cunhadismo was een oude Tupi traditie om vreemdelingen in hun samenleving te doen integreren. De Tupi boden de Portugezen hun meisjes aan als echtgenotes, en als die daarmee instemden verkregen ze een sterke band met alle leden van de inheemse stam. Ten derde was bij de Tupi, net zoals bij de de andere Zuid-Amerikaanse volken, veelwijverij zeer gebruikelijk, een gebruik dat vreemd genoeg door de katholieke kolonisten zeer fervent werd overgenomen. Dit had tot gevolg dat één Europese man tientallen inheemse vrouwen (temericós) kon hebben. De daarmee verworven inheemse schoonfamilie werd niet eens gezien als extra last maar werd gebruikt als een middel om arbeidskracht te werven. De Portugezen konden er zoals vermeld vele temericós op na houden, en hadden dientengevolge vele inheemse "familieleden" die er makkelijk toe aangezet konden worden werkzaamheden voor de immigranten te verrichten. Als gevolg van dit proces ontstond een grote mestiezenbevolking, (de Mameluco) die na een paar generaties geheel Brazilië overheerste. Zonder het Cunhadismo had de Portugese kolonisatie nooit plaats kunnen vinden; er waren simpelweg te weinig Portugezen en Portugese vrouwen waren er al helemaal nauwelijks. De baarmoeders van de Tupi-vrouwen brachten een overheersing van Brazilië door een gemengd Europees-inheems volk tot stand, en consolideerden daarmee ook de Portugese invloed in dit gebied.

Invloed op het hedendaagse Brazilië[bewerken]

Een stamhoofd van de Tupiniquim (Cacique) in Brasília, 2007)

Alhoewel de Tupi bevolking net zoals andere Amerikaanse inheemse volken als gevolg van de slavernij en de Europese ziekten waartegen ze niet bestand waren nagenoeg is uitgeroeid, is de invloed van de Tupi's via de matriarchale lijn over het gehele Braziliaanse grondgebied uitgestrekt. De schrijver Darcy Ribeiro stelde dat het uiterlijk van de eerste Brazilianen meer weg had van de Tupi's dan van de Portugezen, daarnaast was ook de taal die tot de 18e eeuw als lingua franca in Brazilië gebruikt werd, het Nheengatu of Lingua geral gebaseerd op de taal van de Tupi.