Valse cognaat

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Valse cognaten zijn twee of meer woorden in dezelfde taal of (vaker) in verschillende talen die zowel qua vorm als betekenis sterke overeenkomsten vertonen maar desondanks geen gemeenschappelijke etymologische wortel hebben zoals echte cognaten. Valse cognaten dienen met name te worden onderscheiden van valse vrienden, die meestal juist wel echte cognaten zijn.

Het bestaan van valse cognaten berust over het algemeen op toeval. In het Mbabaram, een Australische taal, bestaat een woord dog dat exact hetzelfde betekent als het Engelse dog, nl. "hond". Het eerste woord heeft zich echter ontwikkeld uit de Australische proto-vorm gudaga, terwijl het Engelse woord een heel andere herkomst heeft. Een ander voorbeeld is het Japanse werkwoord okoru, dat net als het Engelse to occur "gebeuren" betekent. Het Japanse woord is echter inheems, terwijl het Engelse woord is afgeleid van het Latijnse occurěre.

Een mooi voorbeeld van valse cognaten die zijn ontstaan als gevolg van verschillende klankverschuivingen zijn het Latijnse werkwoord habere, dat "hebben" betekent, en de West-Germaanse vormen die hiermee in betekenis overeenkomen zoals het Duitse haben, het Engelse to have en het Nederlandse hebben. Als gevolg van de wet van Grimm hebben deze Westgermaanse vormen zich ontwikkeld uit de PIE-wortel *kap, "pakken, grijpen". Deze zelfde proto-vorm is in het Latijn echter capere (id.) geworden, wat dus de echte Latijnse cognaat is van de Westgermaanse vormen haben, to have en hebben. De Latijnse vorm habere is anderzijds ontstaan uit de PIE-vorm *gʰabʰ, "geven", waaruit zich in het West-Germaans de vormen to give, geben en geven hebben ontwikkeld.

De letterlijke vertaling van het Nederlandse woord papa is in het ǃKung ba, in de Chinese talen bàba, in het Farsi baba en in het Frans papa. De vertaling van mama luidt in het Navajo, māma in de Chinese talen, en daarnaast mama in zowel het Swahili Quechua als Engels. Deze sterke overeenkomst in vorm en betekenis heeft niets te maken met een gemeenschappelijke oorsprong, maar wel alles met het universele proces van taalverwerving. Van alle mogelijke spraakklanken zijn de bilabiale plosieven zoals b en p het makkelijkst te articuleren, terwijl a over het algemeen de meest basale klinker is. Een goed voorbeeld is het woord "mama".

Sommige historische taalkundigen geloven in de theorieën van het Nostratisch en/of het Proto-World. Dit houdt concreet in dat veel woorden in verschillende talen die nu als valse cognaten worden beschouwd in werkelijkheid toch echte cognaten zouden kunnen zijn, waarvan de gemeenschappelijke wortel alleen verder teruggaat in het verleden dan momenteel bekend is. De vergelijkende methode is tot nu toe echter niet in staat gebleken om dergelijke hypotheses verder te onderbouwen.

Valse cognaten in uiteenlopende taalfamilies[bewerken]