Virtuele gemeenschap

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een virtuele gemeenschap, internetgemeenschap of online gemeenschap is een groep mensen die communiceren en/of samenwerken, met behulp van het internet of een andere informatietechnologie, in plaats van elkaar in levenden lijve te ontmoeten. In het Nederlands taalgebied wordt de term gemeenschap vervangen door de Engelse vertaling community (meervoud: community's).

Cartoon over de invloed van de encyclopedie op de gemeenschap. Zelfde effect met de virtuele gemeenschap?

Algemeen[bewerken]

Hoewel het begrip virtuele gemeenschap pas rond de eeuwwisseling algemeen bekend werd, is het verschijnsel dat mensen zich met elkaar verbonden voelen via een communicatie-medium veel ouder. (Brief)schrijvers in Europa tijdens en na de rennaisance voelden zich waarschijnlijk evenzeer met elkaar verbonden als hedendaagse internetgebruikers. De komst van computernetwerken heeft sinds de zeventiger jaren de communicatiesnelheid sterk verhoogd en sinds het internet in de tachtiger en negentiger jaren populair werd hebben veel meer mensen met diversere achtergronden tot elkaar toegang.

Begin[bewerken]

Eerste interessegroepen in het internet hadden contact via e-mail en Usenet. Met name programmeurs met een open-source achtergrond hebben daarnaast gezocht naar mogelijkheden om als geografisch verspreide groep tezamen aan een project te werken, daaruit zijn hulpmiddelen als Git en wiki`s ontstaan.

Met de komst van computernetwerken voor bedrijven ontstonden producten als Lotus Notes om het samenwerken van vele medewerkers op verschillende locaties te vereenvoudigen.

Beschrijving in Literatuur en Wetenschap[bewerken]

Progressieve denkers zoals de Amerikaan Charles Cooley, in het begin van de 20e eeuw, stelde zich een maatschappij voor waarin de leden sterk met elkaar waren verbonden door middel van een stijgend gebruik van massamedia. Ook bekend is de term gemeenschap zonder verwantschap (Engels: community without propinquity) , naar voren gebracht door de socioloog Melvin Webber in 1963.

In 1985 ontwikkelde zich in Sausalito, nabij het Californische San Francisco een elektronische discussieclub genaamd "The WELL" (the Whole Earth 'Lectronic Link). Deze door Stewart Brand en Larry Brilliant gestarte gemeenschap kan als een van de eerste internetgemeenschappen beschouwd worden. Daarnaast worden de eerste mailinglijsten als een van de eerste virtuele gemeenschappen beschouwd. Een van de eerste Nederlandse communities die als zodanig gezien wordt is De Digitale Stad, met een chatroom ( de metro).

Howard Rheingold was de eerste die in 1993 in zijn boek ''The Virtual Community" (Nederlands: "De virtuele gemeenschap") deze term gebruikte.

Commercialisering[bewerken]

Onder het Web 2.0-concept hebben verschillende bedrijven het ontstaan en gebruik van virtuele gemeenschappen als bron van economische winst ontdekt. In 2005 waren dat bijvoorbeeld Flickr, Hyves en delicious. In 2012 werd het online sociale landschap bepaald door netwerken als Facebook, Twitter, Instagram en het opkomende Google+.

Kenmerkend aan deze vormen van gemeenschap is de laagdrempelige toegang die doorgaans geen geld kost voor het gemeenschapslid. De winst ontstaat uit de door leden gegenereerde informatie, bijvoorbeeld in de vorm van eigen interesses, sociale contacten of ook inhoud zoals fotos, videos en teksten die de gebruikers ter uitbating aan het bedrijf schenken. Advertenties zijn een verdere inkomstenbron.

Open Source[bewerken]

In stijl van de open source beweging zijn meerdere samenwerkingsprojecten ontstaan waarbij de leden van de virtuele gemeenschap samenwerken aan een bepaald doel, zoals bijvoorbeeld Wikipedia.

Mengvormen[bewerken]

In forums deelt men op websites informatie over bepaalde onderwerpen zoals aanvankelijk via Usenet en e-maillijsten. De controle over een forum ligt gewoonlijk bij de website-eigenaar.

Sommige online spelen hebben zich tot virtuele gemeenschappen ontwikkeld. Zie bijvoorbeeld MMORPG's.

Overwegingen[bewerken]

In commerciele virtuele gemeenschappen is het gebruik van de eigen naam doorgaans verplicht. Elders is (pseudo)anonimiteit mogelijk. Dat biedt de gebruiker mogelijkheden zich zo te presenteren als hij/zij zelf wil. Anderzijds zijn overheden veelal huiverig voor zulke anonimiteit uit angst dat de grenzen van de vrijheid van meningsuiting overtreden zouden kunnen worden of dat criminele samenzweringen te zeer vergemakkelijkt worden.

Bij virtuele gemeenschappen is er sprake van een gemengde werkelijkheid, wanneer de werkelijke wereld en een virtuele (schijnbare) wereld sterk met elkaar vermengd zijn. Deze vermenging geeft dan een indruk van een complete werkelijkheid. Onder psychologen en sociologen wordt gediscussieerd over de gevolgen en mogelijke gevaren daarvan.

Soorten virtuele gemeenschappen[bewerken]

Externe links[bewerken]