Anabasis (Xenophon)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Historische kaart van de tocht van Xenophon en de Tienduizend door het Perzische Rijk (ca. 1900)
Thálassa! Thálassa!. De aankomst aan de Zwarte Zee nabij Trapezous betekende voor de overlevenden een terugkeer naar de Griekse wereld, maar was nog niet het einde van hun reis.

De Anabasis (Oudgrieks: Ἀνάβασις) is het verslag, bestaande uit zeven boeken, dat Xenophon schreef rond 370 v.Chr. over zijn tocht door Perzië in 401-399 v.Chr. Hij ging mee op een expeditie die door de Perzische koning Cyrus was ondernomen om zijn broer Ataxerxes van de troon te stoten. Letterlijk betekent Anabasis "de tocht naar het binnenland", maar het wordt ook wel eens "de tocht van de tienduizend" genoemd omdat het ging over tienduizend Griekse huursoldaten die Cyrus hielpen de macht te grijpen.

Cyrus' leger versloeg weliswaar dat van zijn broer in de Slag bij Cunaxa (in Mesopotamië in de buurt van Babylon), maar hijzelf sneuvelde. Daardoor zaten zijn Griekse huurlingen - die op hun vleugel hadden overwonnen - in een lastig parket ten opzichte van Artaxerxes. De Griekse officieren, waaronder bevelvoerder Klearchos en Xenophons vriend Proxenos, werden tijdens onderhandelingen met de satraap Tissaphernes verraderlijk gevangengenomen en geëxecuteerd. Het leger bleef verdwaald achter, honderden kilometers van huis. Uiteindelijk slaagde Xenophon erin hen te motiveren op eigen kracht door te gaan en de oorlogsbuit veilig te stellen. Om de optie van integratie binnen de Perzische cultuur minder aantrekkelijk te maken, deed hij een beroep op hun vrijheidsliefde, afgezet tegen de Perzische proskynesis ("Aan geen menselijk wezen betuigen jullie eer als meester, maar alleen aan de goden").[1] Hij werd gekozen als één van aanvoerders en hij slaagde erin om de Grieken thuis te brengen, hoewel velen onderweg sneuvelden in gevechten met wilde bergstammen of verdwaald raakten in sneeuwstormen.

Indeling[bewerken]

Volgens de traditionele indeling bestaat het werk uit zeven boeken. Daarbinnen wordt de eigenlijke Anabasis opgevolgd door de Katabasis, hetgeen "de tocht uit het binnenland" betekent. Een zeer beroemde scène daaruit is die waar de Grieken huilend van geluk de zee met Thálassa! Thálassa! begroeten als ze de laatste bergrug overwonnen hebben. De boeken V-VII worden ook soms de Parabasis (vervolg) genoemd omdat hier het leger zich opgesplitst heeft. Het eindigt met de aankomst van Xenophon in Pergamon, waar zijn troepen zich in dienst stellen van Thibron om de Perzen te bevechten.

  • Boek 1: Inhuring van het leger door Cyrus, opmars tegen Artaxerxes en slag bij Cunaxa.
  • Boek 2: Ontdekking van de dood van Cyrus, onderhandelingen en bestand met Artaxerxes, moord op de Griekse aanvoerders.
  • Boek 3: Verkiezing van nieuwe aanvoerders (waaronder Xenophon) en begin van de terugtocht.
  • Boek 4: Tocht over land, winterse oversteek van de Armeense bergen, aankomst bij Trebizonde aan de Zwarte Zee.
  • Boek 5: Plundertocht langs de zee op zoek naar schepen.
  • Boek 6: Verkiezing van Cheirisophos tot enig aanvoerder (na weigering van Xenophon). Inscheping naar Heraclea, nieuwe plundertocht op land, inscheping te Chrysopolis.
  • Boek 7: Inhuring door Seuthes II om zijn Thracische koninkrijk te heroveren, aankomst te Salmydessos. Xenophon leidt het leger naar Klein-Azië. Inhuring door Thibron in Pergamon.

Overlevering[bewerken]

De oudste handschriften van de Anabasis gaan terug tot de 12e-15e eeuw. Traditioneel werd een onderscheid gemaakt tussen betere en mindere manuscripten, maar deze classificatie is zelf niet altijd betrouwbaar gebleken.

Codices meliores[bewerken]

  • Handschrift C: Parisinus 1640 (1320)
  • Handschrift B: Parisinus 1641 (15e eeuw)
  • Handschrift A: Vaticanus 987 (onzekere datering)
  • Handschrift E: Etonensis (15e eeuw)

Codices deletiores[bewerken]

  • Handschrift F: Vaticanus 1335 (12e eeuw)
  • Handschrift M: Venetus martianus (12e-13e eeuw), dat op zijn beurt bevat:
    • Handschrift D: Bodleianus (14e-15e eeuw)
    • Handschrift V: Vindobondensis 95 (15e eeuw)

Historische waarde[bewerken]

Hoewel Xenophon een uitgebreid verslag geeft over de reis, en beschrijvingen over volkeren, landen, zeden en gewoontes, en het treffen van de legers, dient men zich te realiseren dat Cyrus de broodheer van Xenophon was. Daardoor zal deze de gebeurtenissen meer gekleurd weergegeven hebben dan bijvoorbeeld Plutarchus, die een zeer objectief verslag schreef, hoewel een hele tijd na dato. Een ander subjectief element is dat Xenophon steeds de militaire zwakte van de Aziatische volkeren beklemtoont, iets dat wel gezien is als een propagandistische aansporing tot een panhelleense aanvalsoorlog richting Perzië. Alexander de Grote had een exemplaar van de Anabasis bij zich tijdens zijn verovering van het Perzische Rijk.

Culturele invloed[bewerken]

Vele generaties scholieren maakten via het zuivere Attisch van de Anabasis voor het eerst kennis met de Oud-Griekse literatuur.

De historicus Dan Sleigh heeft op basis van deze Anabasis het boek Afstande in het Afrikaans geschreven. In het Nederlands werd dit vertaald als De Lange Tocht.

Literatuur[bewerken]

  • John W. I. Lee, A Greek Army on the March. Soldiers and Survival in Xenophon’s Anabasis, Cambridge University Press, Cambridge MA, 2007
  • Robin Waterfield, Xenophon’s Retreat. Greece, Persia, and the End of the Golden Age, Belknap Press, Cambridge MA, 2006
  • Robin Lane Fox (red.), The Long March. Xenophon and the Ten Thousand, Yale University Press, New Haven CT, 2004
  • Otto Lendle, Kommentar zu Xenophons Anabasis (Bücher 1–7), Wissenschaftliche Buchgesellschaft, Darmstadt, 1995

Bronnen en noten[bewerken]

  1. Boek III, 2:13
Wikisource Bronnen die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina De tocht van de Tienduizend op Wikisource