Appenzeller sennenhond

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Appenzeller sennenhond
Hondenras
Appenzeller Sennenhund.JPG
Basisinformatie
Oorsprong Zwitserland
Classificatie FCI: Groep 2 Sectie 3 # 46
Zie ook de lijst van FCI-nummers
Lijst van hondenrassen

De Appenzeller sennenhond is een hondenras.

Geschiedenis[bewerken]

De Appenzeller sennenhond is afkomstig uit het Zwitserse kanton Appenzell. Hij is een nakomeling van de Tibetaanse mastiff die van Azië afkomstig is. Ook Romeinse molosserhonden werden ingekruist. De oorsprong van dit middelgrote ras gaat terug naar de boerenhonden die in de Zwitserse Alpen en speciaal in het kanton Appenzell van oudsher gebruikt werden als veedrijvers en -hoeders en als waakhond. Zij behoren samen met de Berner sennenhond, Grote Zwitser en Entlebucher tot de vier sennenhondenrassen. Bij alle sennenhonden zien we dezelfde kenmerken terug: driekleurig, harmonisch, zelfverzekerd en onbevreesd. De Appenzeller sennenhond voegt daar nog één zeer typische eigenschap aan toe: iets wantrouwend tegenover vreemden. In het begin van de twintigste eeuw legden enkele liefhebbers van deze destijds in uiterlijke verschijning weinig uniforme honden zich toe op de doelgerichte zuivere fokkerij. In 1906 werd de "Klub der Appenzeller Sennenhunde" opgericht en werd de rasstandaard opgesteld. Prof. Dr. Albert Heim, een grote bevorderaar van de Zwitserse hondenrassen, legde in 1914 de eerste standaard voor de Appenzeller sennenhond vast.

Een Appenzeller sennenhondpup van 9 weken.

Functie[bewerken]

De Appenzeller sennenhond is geschikt voor het drijven van runderen. Hij kent elk dier van 'zijn' kudde en vertoont in deze eigenschap een grote gelijkenis met de Entlebucher sennenhond. De Appenzeller sennenhond is een hond die veel ruimte nodig heeft.

De Appenzeller sennenhond is zeer geschikt als waak- en familiehond. Hij houdt zich op afstand van vreemden (volwassenen), ook al mogen die hem aaien. Zolang de Appenzeller sennenhond tijd heeft om een geur te leren kennen is er voor kinderen geen probleem. Een Appenzeller sennenhond is een erg terreinvaste hond.

Uiterlijk[bewerken]

De Appenzeller sennenhond heeft een korte, nauw aanliggende, harde vacht. De kleur van de vacht is zwart of havannabruin met gele tot roodbruine en witte aftekeningen. Typisch voor de Appenzeller sennenhond is de gekrulde staart. De schofthoogte bedraagt tot 60 cm en hij bereikt een gewicht tot 30 kg.