Bakske vol met stro

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Bakske vol met stro
Single van:
Urbanus
Soort drager 7" Vinyl Single
Opname 1979
Genre Cabaret
Duur 4:07
Label Philips
Schrijver(s) Urbain Servranckx
arr: Jean Blaute
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Bakske vol met stro is een lied van Urbanus uit 1979.[1] Het is wellicht zijn bekendste en meest controversiële nummer.

Oorsprong[bewerken]

"Bakske vol met stro" is een kerstliedje, geproduceerd door Jean Blaute, dat Urbanus eind 1979 uitbracht als B-kant van de single "Als moeder zong".[2] Urbanus zou het naar eigen zeggen op een kwartier, 20 minuten hebben geschreven. Het is een parodie op de geboorte van Jezus Christus. In een interview vertelde Urbanus dat hij het als kind al vreemd vond dat de Drie Koningen "zulke nutteloze geschenken kwamen brengen aan Jezus: goud, wierook en mirre." Als kind associeërde hij wierook met de stinkende damp uit de kerk, goud kende hij enkel van brochen en ringen die zijn grootmoeder en tantes droegen, en mirre was in zijn tijd een wasproduct. Om die reden schenken de Drie Koningen in zijn lied totaal andere cadeaus aan Jezus. [3]

Thema[bewerken]

Het lied is stilistisch een parodie op een gemiddeld kerstlied, met kerstbelletjes en een sentimenteel thema dat door Urbanus volledig oneerbiedig wordt bezongen. De hele plechtige sfeer van het religieuze verhaal wordt erg plat gezongen, vol met dialectuitdrukkingen en anachronismen.

Het lied vertelt hoe Jezus tijdens verschrikkelijk slecht weer lag te bibberen in een koude koeienstal. De Kerstster wordt door Urbanus omschreven als "een ster waaraan een wegwijzertje hangt." De Drie koningen stellen zich voor als babysitters en schenken een rol balatum, een pot vernis, een salami met look en een aquarium met een vis. De zwarte geeft aan Jozef van Nazareth een paar vijzen en een boor, Jezus krijgt een sjaaltje en een broekje in ivoor, Maria een zak cement "met ne grote roze strik" en ook Urbanus zelf kreeg een geschenk.

Urbanus vertelt verder hoe de Heilige Geest daar aan het plafond "hing te schijnen" in "zijn blauwe training en purpere plastron". Jozef stelt Jezus voor aan de Heilige Geest en wijst op de gelijkenissen tussen hun neuzen. De Heilige Geest lacht Jozef uit en verklaart dat hij de vader is, waarop Jozef hem een vuistslag geeft die de hele ruimte in het duister zet. Er ontstaat een groot gevecht waarbij de os en de ezel buiten westen worden geslagen. Dan verschijnt God die de discussie oplost door te verklaren dat Jezus zijn zoon is. Alle aanwezigen staan perplex. Jozef slaat aan het drinken omdat "hij niet kan volgen", Maria kruipt weg in schaamte en alles werd, aldus Urbanus, "een kermis en een klucht", waarna er nog "een nest met engelen uit de lucht" valt.

Jezus wordt het hele gedoe moe, neemt zijn fles, trekt nog een verse "pisdoek" aan en zegt: "Vrede op aarde aan iedereen die dat wil" (parodie op: "Vrede op aarde aan alle mensen van goede wil"). Alles wordt weer rustig en Jezus trekt zijn aureooltje scheef over zijn oor (parodie op de mode bij tieners om hun pet schuin of achterstevoren te dragen). Hij stapt "gelijk nen grote" in zijn sportwagen en besluit: "Al wie dat mij volgen wil, zal wreed hard moeten lopen."

Variaties[bewerken]

Er zijn enkele variaties bekend van het lied. Zo zingt Urbanus in sommige versies: "Het krioelde van de herders met nen dikke wollen frak" (een "frak" is Vlaams dialect voor "jas") en in andere versies "Het krioelde van de herders met een stuk in hunne frak." ("Een stuk in uw frak hebben" is de Vlaamse variant van "een stuk in uw kraag hebben" (dronken zijn). Ook zingt Urbanus weleens: "toen viel er nog een nest met Engelsen uit de lucht" in plaats van "engelen". Het geschenk dat Urbanus kreeg is in sommige versies "een potlood met een gommeke om te gommen" en soms "een boekske/dooske vol met moppen om te lachen". In Nederland zingt Urbanus weleens: "Maria wist van schaamte niet waar te kruipen" in plaats van het dialectwoord "affronte".

Controverse en status[bewerken]

Toen Urbanus "Bakske vol met stro" uitbracht zorgde dit voor veel controverse bij de christelijke gemeenschap in Vlaanderen. Urbanus ontving vele klachtbrieven van misnoegde en gechoqueerde mensen. Pastoors verboden hun parochianen het nummer te kopen en veel gelovige mensen uitten er hun verontwaardiging over. Toch stond het lied rond de Kerstdagen hoog in de Vlaamse hitlijsten genoteerd en in de eerste twee weken van januari 1980 prijkte het zelfs op nummer 1 in de Top 30 van de BRT. De single verkocht uiteindelijk 150.000 exemplaren. Urbanus' eigen bekendheid in Vlaanderen en later Nederland steeg er ook enorm door. In sommige kringen prees men zijn sociale engagement, al vond Urbanus zelf dat de kerken sowieso al leegliepen in die jaren.

In 1980 stootte Urbanus de Kerk opnieuw voor de borst met een tv-sketch waarin Jezus en zijn apostelen tijdens het Het Laatste Avondmaal besluiten frieten te bestellen. Enkele van deze sketches kregen een eervolle vermelding op het Festival van Montreux. Ook in zijn strips bleef Urbanus de spot drijven met het christendom. Alhoewel hijzelf beweert niet in God te geloven, huwde hij wel voor de Kerk en liet zijn kinderen dopen.

Urbanus maakte de controverse rond het nummer belachelijk in de show "10 Jaar Urbanus" die hij in 1984 op de BRT bracht. Onder een grote plakkaat met uitgespelde letters die "Bakske vol met stro" vormden, zong hij daar het gewraakte liedje, maar werd dan door een pastoor, non en pater aangevallen die stro in zijn mond propten. Tijdens de schermutseling vielen de letters van de titel op de grond. Nadat zijn aanvallers waren afgedropen plaatste Urbanus ze terug, maar zette ze verkeerd waardoor er "Bakkes vol met stro" stond te lezen.

Tegenwoordig is "Bakske vol met stro" één van Urbanus' bekendste en populairste nummers. Op alle compilaties van zijn muziek is het nummer terug te vinden.

Trivia[bewerken]

  • Het lied is één van de verzoeknummers die Raymond van het Groenewoud krijgt aangevraagd in zijn lied Je veux de l'amour (1980).
  • In het Neroalbum "De Terugkeer van Geeraard de Duivel" (1983) belandt Nero in de hel. Naast Napoleon, Hitler, Stalin, Arafat en Khomeini blijkt ook Urbanus er te verblijven. In zijn handen houdt hij een bakje met stro. [4]
  • Volgens komiek Bart Vanneste (bekend als Freddy De Vadder) bracht Urbanus met dit nummer de anarchie in de Vlaamse comedy. In een interview beweerde hij dat de tante van zijn vriendin Urbanus nog altijd niet vergeven had voor het nummer. [5]
  • Rond 2002 coverde de groep Dynamite het nummer[6], maar bereikte niet hetzelfde succes.
  • Op het hommage-album "Urbanus Vobiscum" (2007) coverde Nathalie Delcroix van de groep Laïs "Bakske vol met stro".[7]
  • In 2015 bracht Urbanus het nummer opnieuw uit, deze keer in samenwerking met de Brusselse rockgroep De Fanfaar. Om onderscheid te maken met het origineel heet dat nieuwe, trage, nummer wel "Bakske vol met stroo", met dubbele O dus.