Brabantgouw

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De Vlaamse gouwen en de Brabantgouw.

De gouw Brabant (ook Brabantgouw, Pagus Bracbantensis, of Pagus Bracbatensis) is een historisch gebied in de Nederlanden. Het was onderdeel van het hertogdom Lotharingen. De Brabantgouw bestond mogelijk al in de 7e eeuw. Hij wordt uitdrukkelijk vermeld in de Karolingische rijksverdelingen. Bij het Verdrag van Meerssen (870) bestond hij al uit vier graafschappen.

Etymologie[bewerken]

De naam Brabant is een afgeleide van braecbant. Dit is een samenstelling van braec, wat 'broek' of 'drassig land' betekent, en bant, wat 'streek' betekent[1] (vergelijk Oosterbant, Teisterbant enz.).

Ligging[bewerken]

De Brabantgouw volgens Léon Vanderkindere

De Brabantgouw heeft territoriaal slechts een klein deel gemeen met het in 1183 opgerichte hertogdom Brabant. De gouw was grotendeels omsloten door waterlopen: in het westen door de Schelde tot aan de Rupelmonding, vandaar verder langs de Rupel en via de loop van de Dijle. In het zuiden liep de grens grotendeels langs de Hene. Vanaf haar bronnen liep de grens oostwaarts door een woudgordel om de kring te sluiten aan de loop van de Dijle, wellicht aan haar zijrivier de Laan (Frans: Lasne), ten oosten van Nijvel (ter hoogte van Baisy-Thy).

Bestuur[bewerken]

De bestuurder van een pagus of gouw was een gouwgraaf, die rechtstreeks in dienst van de koning of keizer stond. Er zijn evenwel geen namen van gouwgraven van Brabant overgeleverd, wat het vermoeden wekt dat de gouw deel uitmaakte van de hertogelijke ambtslenen in Neder-Lotharingen. Het geslacht Verdun beschikte bijvoorbeeld over verscheidene allodiale bezittingen (Ename, Velzeke, Asse, Affligem, Aalst-Hessegem-Lede). De vroegste oorkondelijke vermelding van een graaf van Brabant betreft Herman van Verdun (†1024), zoon van hertog Godfried de Gevangene, doch in zijn tijd was het graafschap Brussel (tussen Zenne en Dijle) reeds uit de gouw losgemaakt.

De Brabantgouw bestond aanvankelijk uit vier deelgraafschappen:

  • Graafschap Brussel (historiografisch Ukkel genoemd, doch diplomatieke bronnen over deze benaming ontbreken), gelegen tussen Zenne en Dijle
  • Graafschap Ename, in latere eeuwen ook graafschap Aalst genoemd: het noordwestelijke deel van de Brabantgouw tussen Schelde en Dender
  • Landgraafschap Brabant (benaming vanaf omstreeks 1086), gelegen tussen Dender en Zenne.
  • De zuidelijke helft van de Brabantgouw, in zijn geheel vanaf de 11e eeuw onder het graafschap Henegouwen. Volgens de 20e-eeuws historicus P. Bonenfant (1899-1965), zou dit landsgedeelte bestaan hebben uit twee (denkbeeldige) graafschappen Halle en Chièvres. Deze worden echter nergens betuigd in contemporaine bronnen. Deze opdeling vond de geleerde waarschijnlijk, omdat hij aannam dat de Brabantgouw in ongeveer vier gelijke delen was verdeeld. Bonenfant wist echter nog niet af van het bestaan van het landgraafschap Brabant tussen Dender en Zenne, dat hij onterecht als een deel van het graafschap Brussel beschouwde. Er bestaat een narratieve bron die in de 10e eeuw de standplaats van de bestuurder van het zuidelijke graafschap situeert in Chièvres.

Verdere ontwikkeling[bewerken]

Vanaf de 11e eeuw vindt de gouwnaam nog slechts toepassing als geografische verwijzing en heeft zij steeds minder institutioneel belang. De vier graafschappen uit de Brabantgouw werden ook reeds door verschillende stamgeslachten bestuurd: