DELTA

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Zie Delta (doorverwijspagina) voor andere betekenissen van Delta.
PZEM NV
Oprichting 1991
Sleutelfiguren - Frank Verhagen (CEO),
- Gerard van Harten (voorzitter RvC)
Hoofdkantoor Middelburg
Werknemers 115 (ultimo 2020, in FTE's, exclusief EPZ, Sloecentrale en Evides)
Producten elektriciteit, aardgas
Omzet/jaar € 549 miljoen (2020)[1]
Winst/jaar € −22 miljoen (2020)[1]
Website -www.PZEM.nl
-www.EPZ.nl
Portaal  Portaalicoon   Economie

DELTA NV was een Nederlands nutsbedrijf en leverancier van gas, elektriciteit, internet via de kabel, digitale telefonie en daarnaast digitale radio- en televisiesignalen. Over een reeks van jaren zijn de niet-energie gerelateerde activiteiten verkocht en vanaf 1 maart 2017 is het bedrijf actief onder de naam PZEM.

Organisatie[bewerken | brontekst bewerken]

Aandeelhouders[bewerken | brontekst bewerken]

De aandelen van PZEM zijn voor de helft in handen van de provincie Zeeland, de andere helft is vrijwel geheel in handen van de diverse Zeeuwse gemeenten.[2]

Activiteiten[bewerken | brontekst bewerken]

DELTA N.V. is in 1991 ontstaan uit een fusie tussen Watermaatschappij Zuidwest-Nederland (WMZ) en de Provinciale Zeeuwsche Electriciteits-Maatschappij (PZEM). Het bedrijf was voornamelijk actief in de provincie Zeeland en had toen meer dan 3000 werknemers in dienst. DELTA Infra B.V. staat conform de meetcode elektriciteit vermeld in het MV-register elektriciteit van TenneT TSO.

In 2014 had het bedrijf nog een breed palet aan activiteiten waaronder de opwekking van elektriciteit, handel in energie, de levering van aardgas, elektriciteit en digitale diensten aan particuliere en zakelijke klanten in Zeeland en daarbuiten. Verder leverde het drink- en industriewater via de deelneming in Evides. De Zeeuwse Reinigingsdienst (ZRD) exploiteerde milieustraten door heel Zeeland en verzorgde de inzameling van huishoudelijk afval voor bijna alle Zeeuwse gemeenten. In dat jaar had DELTA een personeelsbestand van 3349 fte's.

Vanaf 2014 zijn de niet-energie gerelateerde activiteiten afgestoten. In 2020 is PZEM alleen actief als producent van elektriciteit en de levering van en handel in elektriciteit en gas. Op 31 december 2020 had het bedrijf nog 399 fte's in dienst.

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

DELTA Nuts N.V. is in 1991 ontstaan uit een fusie tussen Watermaatschappij Zuidwest-Nederland (WMZ) en de Provinciale Zeeuwsche Electriciteits-Maatschappij (PZEM). In 2001 werd het bedrijf officieel hernoemd naar DELTA N.V. omdat met de uitbreiding van de activiteiten de naam niet meer alles dekte. Met de overname van de Zeeuwse internetprovider Zeeland Net in 2002 biedt DELTA ook digitale diensten via Zeelandnet.

Splitsingswet[bewerken | brontekst bewerken]

In 2006 is de Wet Onafhankelijk Netbeheer (WON, ook wel de Splitsingswet genoemd) ingevoerd. Deze wet verplicht alle geïntegreerde nutsbedrijven de activiteiten te splitsen in drie aparte onderdelen, voor productie, transmissie en distributie. Het belang van transmissie is zo groot dat de overheid TenneT als enige verantwoordelijk wordt voor het beheer van het hoogspanningsnet, ofwel alle netten van 110 kV (kilovolt) en hoger. Dit had ingrijpende gevolgen voor DELTA. In juni 2009 verkocht DELTA haar hoogspanningsnet van 150 kV en 380 kV aan TenneT. Het net heeft een lengte van ruim 200 kilometer en ligt vooral in de provincie Zeeland.

DELTA NV, Essent en Eneco spanden een rechtszaak tegen de Nederlandse staat aan. In eerste instantie gaf de rechter de Staat gelijk, maar in hoger beroep heeft het Gerechtshof te ‘s-Gravenhage op 22 juni 2010 anders besloten. Het Hof bepaalde dat de WON, die de bedrijven dus verplicht tot volledige afsplitsing van hun netwerkbedrijf, in strijd is met het Europees recht. Volgens deze laatste kunnen economische belangen geen inbreuk op het vrije kapitaalverkeer rechtvaardigen.[3]

Na de uitspraak van het Hof stelde de Staat cassatie in. De Hoge Raad heeft in februari 2012 de zaak rondom de splitsing doorverwezen naar het Europees Hof van Justitie. De splitsing van DELTA in een afzonderlijk energie- en een netwerkbedrijf werd daarmee voor enige jaren uitgesteld. Op 26 juni 2015 besloot de Hoge Raad dat de Splitsingswet niet in strijd is met het Europees recht met betrekking tot het vrij verkeer van kapitaal en de vrijheid van vestiging.[4] DELTA ontkomt er nu niet aan zich te op te splitsen.

DELTA Netwerkbedrijf (DNWB) is per medio 2015 omgedoopt naar Enduris. Vanaf 1 januari 2016 wordt nieuwe wetgeving van kracht en de naam van de netbeheerder mag dan niet langer lijken op die van het productie- of leveringsbedrijf.

Biovalue en Solland Solar failliet[bewerken | brontekst bewerken]

Op het gebied van alternatieve energie had DELTA N.V. belangen in Biovalue en Solland Solar. Biovalue werd in 2001 opgericht en kwam per eind 2008 voor 100% in handen van DELTA N.V.. De belangrijkste activiteit van Biovalue was de productie en handel in biodiesel. Biovalue ging in december 2010 failliet. DELTA N.V. had eveneens een meerderheidsbelang in Solland Solar, een Nederlandse fabrikant van zonnecellen. Na zware verliezen in 2009 en 2010 heeft het management van Solland Solar het bedrijf in 2011 gekocht.[5]

Fusie met Eneco[bewerken | brontekst bewerken]

DELTA en het Rotterdamse nutsbedrijf Eneco hebben in 2012 gesprekken gevoerd over een mogelijke fusie.[6] Volgens marktkenners hebben beide bedrijven een goede strategische fit; ze liggen geografisch naast elkaar en hebben beiden hun netwerkbedrijf behouden. Eneco profileert zich vooral als een groene energiemaatschappij, terwijl DELTA inzet op kernenergie. Eneco is groter met een omzet van € 5 miljard en 6600 werknemers, in beide gevallen meer dan het dubbele van DELTA. De fusie is afgeketst omdat er te veel banen verloren zouden gaan bij DELTA NV.

In 2014 werd nogmaals een poging voor een fusie gedaan.[7] Op aandringen van de aandeelhouders van DELTA hebben beide energiebedrijven de mogelijkheden verkend. De gesprekken leidde tot niets. Deze keer was de kerncentrale het breekpunt omdat deze niet zou passen in het 'groene' profiel van Eneco.[7]

Verkoop niet energie-actviteiten[bewerken | brontekst bewerken]

In 2014 heeft DELTA N.V. een zakenbank ingehuurd om te onderzoeken hoe het bedrijf verder kan gaan.[8] Het uitblijven van economisch herstel en overcapaciteit op de elektriciteitsmarkt hebben een negatief effect op de elektriciteitsproducenten. Daar zijn de aanvoer van goedkope steenkolen uit de Verenigde Staten en een overvloed aan groene stroom uit Duitsland bij gekomen. Morgan Stanley onderzocht op verzoek van de aandeelhouders op welke manier DELTA het beste kon blijven voortbestaan waarbij zelfs een fusie of overname niet was uitgesloten. Dit laatste is niet gebeurd, maar het beleid is wel gewijzigd en veel niet energie gerelateerde activiteiten zijn verkocht.

Medio september 2014 werd het belang van 75% in het Belgische afvalbedrijf Indaver in de verkoop gezet.[9] Indaver behaalde in 2013 een omzet van meer dan een half miljard euro en een nettowinst van € 40 miljoen. DELTA N.V. kampt met een schuld van € 600 miljoen en wil met de verkoopopbrengst een deel hiervan aflossen.[9] In maart 2015 werd de verkoop van Indaver aan Katoen Natie bekend gemaakt, Katoen Natie betaalde € 416 miljoen.[10] De verkoop werd in juni 2015 afgerond.[11]

In april 2016 zette DELTA N.V. bedrijfsonderdelen Wholesale en Retail te koop.[12] De financiële problemen die ontstaan zijn door de lage elektriciteitsprijzen en de verplichte afsplitsing van het winstgevende netwerkbedrijf zijn niet op te lossen via een herstructurering.[12] In december 2016 werd de verkoop van DELTA Retail, de leverancier van internet, tv, telefonie en energie, aangekondigd. Het Zweedse EQT Infrastructure betaalt hiervoor € 488 miljoen en neemt ook de merknamen DELTA en Zeelandnet mee.[13] DELTA Retail telt 370 voltijdsbanen die allemaal overgaan naar de nieuwe eigenaar.[13] Vanaf 1 maart 2017 is EQT eigenaar van DELTA Retail. DELTA Energie is vervolgens op 1 maart 2019 verkocht aan Vattenfall.

Vanwege de verkoop van de merknaam DELTA aan EQT Infrastructure werd vanaf 1 maart 2017 de naam DELTA N.V. gewijzigd in PZEM.

Evides was voor 50% eigendom van PZEM en levert drinkwater in het zuidelijk deel van de provincie Zuid-Holland, in de hele provincie Zeeland en in het uiterste westen van de provincie Brabant. Op 8 december 2021 namen de aandeelhouders van PZEM het belang van PZEM in Evides over.[14] Deze aandeelhouders hebben zich verenigd in Gemeenschappelijk Bezit Evides Aqua BV of kortweg GBE Aqua.[14] Dit pakket aandelen Evides wordt overgenomen voor € 367 miljoen.[14]

Elektriciteitsopwekking[bewerken | brontekst bewerken]

PZEM produceert elektriciteit op basis van aardgas, kernenergie, groene energie in een biomassacentrale en windenergie.

PZEM neemt deel in of bezit de volgende elektriciteitscentrales:

Kerncentrale Borssele[bewerken | brontekst bewerken]

Van 2001 tot 2009 waren Essent en DELTA NV allebei voor 50% eigenaar van Elektriciteits Produktiemaatschappij Zuid-Nederland (EPZ). Bedrijfsactiviteiten die onderdeel uitmaken van deze joint venture zijn de kerncentrale Borssele (capaciteit: 485 MW), een kolencentrale (404 MW, gesloten in november 2015), een gasturbine (18 MW) en een windturbine park (12 MW). De geproduceerde elektriciteit van EPZ werd gelijk verdeeld over beide partners.

Op 16 juni 2006 heeft de regering met de eigenaars van de kerncentrale een contract gesloten (het Borssele-convenant) waarin vastgelegd is dat de Borssele tot 2033 in bedrijf zal blijven. De twee eigenaars zullen € 250 miljoen investeren in een fonds voor duurzame energie. Hierdoor zullen de extra winsten, die ontstaan door het langer openblijven van de kerncentrale, deels worden benut voor de ontwikkeling van duurzame energie. In 2033 volgt onverbiddelijk de sluiting en de directe ontmanteling van Borssele. Dan moet de centrale met alle bijbehorende kosten 'duurzaam' zijn opgeruimd.[15]

In oktober 2009 werd Essent overgenomen door RWE. Er ontstond een geschil over de eigendomsverhoudingen van EPZ. DELTA stapte naar de rechter om de overname van het belang van Essent in EPZ door RWE te blokkeren. Op 17 mei 2011 bereikten de twee overeenstemming over de eigendomsverhoudingen van de kernenergiecentrale. Aanvankelijk wilden de aandeelhouders van Essent hun gehele belang in EPZ aan RWE verkopen, maar RWE krijgt een aandelenbelang van 30% en de overige 70% van de aandelen komt in handen van DELTA NV.

Medio juni 2009 startte DELTA NV een procedure voor een vergunningaanvraag voor de tweede kerncentrale nabij de eerste kerncentrale in Borssele. Het doorlopen van de procedure en het bouwen van de centrale duurt samen ongeveer 10 jaar, zodat de nieuwe kerncentrale in 2016 in bedrijf kan komen. De investering voor deze centrale zal circa € 3-5 miljard bedragen.[16] Op 3 november 2010 tekenden DELTA NV en het Franse elektriciteitsbedrijf EDF een contract. Beide bedrijven gaan samenwerken om de bouw van de nieuwe kerncentrale te realiseren. Het contract biedt ruimte voor een derde partner in het project. Op 23 januari 2012 maakte DELTA NV bekend haar plannen voor een nieuwe kerncentrale voor twee à drie jaar uit te stellen.[17] De redenen hiervoor zijn dat door het slechte economische klimaat er overcapaciteit op de elektriciteitsmarkt is met lage energieprijzen tot gevolg, het verslechterde investeringsklimaat en de onzekerheid over het beleid rond verhandelbare rechten voor uitstoot van het broeikasgas CO2.

Begin 2016 meldde een meerderheid van de politieke partijen in Zeeland afscheid te willen nemen van de kerncentrale. De centrale draait met verlies en de provincie is bang voor een enorme kostenpost. Zeeland wil dan ook dat het Rijk de centrale overneemt.[18]

Tijdens een hoorzitting in de Tweede Kamer gaf EPZ aan de kerncentrale na 2033 nog tien tot twintig jaar in bedrijf te willen houden, maar ook dat er twee grotere kerncentrales naast worden gebouwd. Die zouden acht tot tien miljard euro per stuk kosten en rond 2035 klaar kunnen zijn.[19]

Sloecentrale[bewerken | brontekst bewerken]

Op 12 februari 2010 is de nieuwe Sloecentrale in Vlissingen-Oost officieel in gebruik genomen. De centrale wordt gestookt met aardgas en heeft een opgesteld vermogen van 870 MW, verdeeld over twee eenheden van elk 435 MW. De capaciteit is bijna tweemaal zo groot als die van de naburige kerncentrale in Borssele (485 MW). Voor de aanvoer van aardgas is de Zuid-Bevelandleiding gerealiseerd; een pijpleiding met een lengte van 55 kilometer. De Sloecentrale heeft een hoog rendement van ongeveer 58%. Bij een volle benutting van de capaciteit, kan de centrale circa 4% van de Nederlandse elektriciteitsproductie verzorgen. De centrale heeft een investering gevergd van € 550 miljoen en DELTA NV en het Franse elektriciteitsconcern EDF zijn beide voor 50% eigenaar.

BMC Moerdijk[bewerken | brontekst bewerken]

Na jarenlange discussies verenigden ruim 600 pluimveehouders zich in de Coöperatie DEP in 2006. De coöperatie garandeert de levering van pluimveemest voor een periode van 10 jaar. Met deze verzekerde aanvoer kon de bouw van start gaan. In 2008 wordt BMC Moerdijk officieel geopend. BMC Moerdijk verwerkt jaarlijks een-derde van de totale productie van pluimveemest in Nederland. Deze mest wordt verbrand en dit levert elektriciteit op en als bijproduct komt er ook hoogwaardige meststof vrij.

Resultaten[bewerken | brontekst bewerken]

DELTA N.V. behaalde in 2009 een omzet van bijna € 2 miljard, waarvan 45% werd behaald met de levering van elektriciteit, 15% uit de wateractiviteiten en 23% was afkomstig uit de afval- en milieudiensten.[20] Na een nettowinst van € 101 miljoen in 2008, daalde de winst fors tot € 7 miljoen in 2009. Deze daling werd vooral veroorzaakt door grote verliezen in het duurzame energiesegment, bij de bedrijven Biovalue en Solland Solar. De negatieve vooruitzichten bij Biovalue, een fabrikant van biodiesel uit koolzaad, leidde tot een forse afboeking van € 56 miljoen. Er is naar een koper voor deze fabriek in de Eemshaven gezocht, maar zonder resultaat.[21] Biovalue ging op 14 december 2010 failliet. Solland Solar leed een bedrijfsverlies van € 27 miljoen en daarbovenop werd een eenmalige afschrijving gedaan van hetzelfde bedrag.[22] De lagere vraag naar en sterk dalende prijzen voor zonnecellen waren de belangrijkste reden voor dit verlies.

In 2010 steeg de omzet met 10% ten opzichte van 2009. Door de ingebruikname van de Sloecentrale steeg de hoeveelheid geleverde elektriciteit met 28%. Door de economische crisis en sterke Chinese concurrentie was de productie van zonnecellen bij Solland Solar niet meer rendabel. In november 2010 besloot het bestuur de zonne-energieactiviteiten af te waarderen met een bedrag van € 260 miljoen waardoor het een verlies leed van € 178 miljoen in 2010. Exclusief deze buitengewone last was er sprake van een winst van € 94 miljoen.

In 2014 was het resultaat € 4 miljoen. Exclusief de financiële effecten van de voorgenomen verkoop van afvaldochter Indaver en de noodzakelijke afschrijving zou de winst op € 65 miljoen zijn uitgekomen. In 2015 daalde de omzet met ongeveer 0,5 miljard euro door de verkoop van Indaver. In 2015 leed het wederom een groot verlies van € 111 miljoen door een voorziening van € 154 miljoen voor alle aardgascontracten en een afwaardering van de Sloecentrale. Zonder deze voorziening was de winst € 45 miljoen in 2015. In 2016 was de winst € 58 miljoen, inclusief een grote boekwinst van € 66 miljoen op de voorgenomen verkoop van Retail en de Netwerkgroep. Op 28 februari 2017 is de verkoop van deze twee bedrijven geëffectueerd met een totale boekwinst van € 536 miljoen. Zonder deze bate rapporteerde PZEM een verlies van € 248 miljoen. De sterke daling van de omzet tussen 2014 en 2016 was vooral het gevolg van de verkopen van diverse bedrijfsonderdelen.

alle bedragen luiden in miljoenen
Jaar[23] Omzet Bedrijfs
resultaat
Resultaat
deelnemingen
Netto
resultaat
Dividend
2005 € 1035 € 77 € 68 € 127 € 50
2006 Gestegen € 1093 Gedaald € 35 Gestegen € 70 Gestegen € 169 Gestegen € 68
2007 Gestegen € 1453 Gestegen € 79 Gedaald € 60 Gedaald € 116 Gedaald € 57
2008 Gestegen € 2211 Gedaald € 73 Gedaald € 47 Gedaald € 100 Gedaald € 50
2009 Gedaald € 1967 Gedaald − € 29 Gestegen € 68 Gedaald € 7 Stabiel € 50
2010 Gestegen € 2073 Gestegen € 65 Gedaald € 63 Gedaald € −178 Stabiel € 50
2011 Gestegen € 2185 Gestegen € 77 Gestegen € 85 Gestegen € 83 Gedaald € 40
2012 Gedaald € 2172 Gedaald € 55 Gedaald € 78 Gedaald € 81 Stabiel € 40
2013 Gedaald € 2104 Gestegen € 82 Gedaald € 42 Gedaald € 75 Gedaald € 20
2014 Gedaald € 1931 Gedaald € −8 Gedaald € 41 Gedaald € 4 Gedaald € 15
2015 Gedaald € 1296 Gedaald € −102 Gedaald € 38 Gedaald € −111 Gedaald € 0
2016 Gedaald € 789 Gestegen € −19 Gedaald € 30 Gestegen € 58 Stabiel € 0
2017 Gedaald € 601 Gedaald € −268 Stabiel € 30 Gestegen € 314 Stabiel € 0
2018 Gestegen € 602 Gestegen € −50 Gedaald € 21 Gedaald € −54 Stabiel € 0
2019 Gedaald € 574 Gestegen € −12 Gestegen € 27 Gestegen € 20 Stabiel € 0
2020 Gedaald € 549 Gedaald € −29 Gedaald € 22 Gedaald € −22 Stabiel € 0

Trivia[bewerken | brontekst bewerken]

Nog geen twee jaar na zijn aanstelling werd in maart 2016 bekend dat CEO Arnoud Kamerbeek DELTA gaat verlaten. Hij krijgt een vertrekvergoeding van zo'n 800.000 euro, oftewel anderhalf jaarsalaris.[24] De positie van Kamerbeek kwam onder druk nadat bekend werd dat zijn salaris omhoog ging van € 400.000 naar € 520.000.[24] Aandeelhouder Provincie Zeeland en het personeel van DELTA waren hierover zeer ontstemd.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Externe link[bewerken | brontekst bewerken]