Eerste Vrije Statenvergadering

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Eerste pagina van het verslag van de Eerste Vrije Vergadering Staten van Holland NL-HaNA 3.01.04.01 324B 01

De pogingen van Filips II om de protestanten te onderdrukken en om regering, rechtspraak en belasting te hervormen en te centraliseren leidden tot opstand in de Lage Landen. Dit was een schending van de privileges en rechten die waren verleend door onder meer hertog Filips de Goede, de grondlegger van de Nederlandse Staat, en keizer Karel V als graven van Holland en die ook Filips II in 1549 gezworen had te zullen naleven. De stadhouder van de Spaanse koning Willem van Nassau, prins van Oranje, koos de zijde van de opstand. De openlijke opstand begon in Holland (Den Briel op 1 april 1572) en Zeeland.

Van 19 juli tot en met 23 juli 1572 werd, naar wordt aangenomen, in de refter van het Augustijnenklooster te Dordrecht de Eerste Vrije Statenvergadering van Holland en West-Friesland gehouden[1]. Deelnemende afgezanten aan deze historische vergadering kwamen behalve uit Dordrecht uit: Alkmaar, Edam, Enkhuizen, Gorinchem, Gouda, Haarlem, Hoorn, Leiden, Medemblik, Monnickendam en Oudewater. Namens Willem van Oranje had Filips van Marnix van Sint-Aldegonde de leiding van dit overleg. Naast de vertegenwoordigers van de steden uit Holland was ook Willem van der Marck, heer van Lumey, opperbevelhebber van de watergeuzen aanwezig.

Deze vergadering werd samengeroepen in opdracht van stadhouder Prins Willem van Oranje. De Statenvergadering kon alleen door koning Filips II of zijn stadhouder worden uitgeschreven. Tijdens deze vergadering werd gesproken over de organisatie van de opstand. Men sprak zich uit tegen de onrechtmatige Spaanse overheersing van Alva, erkende Willem de Zwijger als rechtmatige stadhouder van de koning en steunde Oranje financieel in zijn strijd tegen de Spaanse overheersing van Alva. Voorts werd op verzoek van de Prins besloten tot vrijheid van godsdienst, en benoemden ze Willem van der Marck Lumey tot overste van Holland. Hiermee werd een begin gemaakt met de vrijheid van Holland van het Spaanse juk.[2] De bijeengekomen steden bleven koning Filips beschouwen als hun rechtmatige vorst. Pas in 1581, toen pogingen om met de koning in overstemming te komen niet meer mogelijk waren, werd de koning, met het opstellen van het Plakkaat van Verlatinghe 'verlate' (niet afgezet). Toen geen buitenlandse vorst de regering over de Nederlanden wilde overnemen, werden de Nederlanden in 1588 voortgezet als een zelfstandig deel van de Republiek der Zeventien Verenigde Nederlanden, onder de naam Republiek der Zeven Provinciën.

Afbeeldingen[bewerken]

Externe link[bewerken]