Huis van David

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een stamboom van de koningen van Israël en Juda. Alle koningen van Juda (in het groen) beriepen zich op een afstamming van David.

Het Huis van David (Hebreeuws: מלכות בית דוד, Malkhut Beit David, Koninkrijk van het Huis van David) verwijst naar de afstammingslijn van koning David, waarnaar veelvuldig wordt verwezen in de overlevering in de Hebreeuwse Bijbel en het Nieuwe Testament.

Geschiedenis[bewerken]

Volgens de Tenach was het gebruik dat een aanstaande koning werd gezalfd door heilige olie over zijn hoofd te gieten. In het geval dan David werd dit gedaan door de profeet Samuel. Het Hebreeuwse woord voor deze zalving is meshicha, tevens de grondvorm voor Messias.

In eerste instantie was David alleen koning over het koninkrijk Juda en regeerde hij vanuit Hebron. Maar na ruim zeven jaar, na de dood van Isboset, zoon van Davids voorganger Saul, aanvaardden de Israëlieten David ook als hun koning en werd hij koning van het Verenigd Koninkrijk Israël. Alle koningen hierna in het Verenigd Koninkrijk Israël, en na de scheuring ervan het koninkrijk Juda, beriepen zich op hun afstamming van David en daarmee hun recht om ook over het koninkrijk Israël te regeren.

Na de dood van koning Salomo, zoon van David, scheidden de tien stammen van het koninkrijk Israël zich af en weigerden Salomo's zoon Rechabeam te erkennen als koning. Zij stichtten het tienstammen koninkrijk Israël en verkozen Jerobeam als koning, maar werden in 722 v.Chr. veroverd door Assyrië dat hen in ballingschap voerde, wat leidde tot de tien verdwenen stammen.

Het zuidelijke "Tweestammenrijk" ging weer verder onder de naam koninkrijk Juda, waar Davids nakomelingen bleven heersen tot de inname van Jeruzalem (586 v.Chr.) door het Nieuw-Babylonische Rijk.

Profetieën over herstel[bewerken]

In de eeuwen erna verwachtten de profeten iemand uit het huis van David die het koninkrijk weer zou herstellen en de 'heidenen' zou onderwerpen. Dit zou de messias zijn. Volgens het Nieuwe Testament behoorde Jezus tot het Huis van David. Tijdens de Joodse oorlog van 66 tot 70 vermoordden de Romeinen iedereen die ze ervan verdachten tot het huis van David te behoren.