Lijst van graven van Henegouwen
Dit is een lijst van alle graven die over het graafschap Henegouwen heersten van 1071 tot 1433. "Graaf van Henegouwen" was kortstondig (1859–1869 en 1930–1934) ook een dynastieke titel in België, zie de tekst onder de tabel.
| Naam | Periode | Opmerkingen |
|---|---|---|
| Behorend tot het Huis Henegouwen (1071–1195) | ||
| Boudewijn II | 1071–1098 | In de eerste jaren trad zijn moeder Richilde op als regentes. |
| Boudewijn III | 1098–1120 | |
| Boudewijn IV | 1120–1171 | Zijn moeder Yolanda was regentes tot 1127. |
| Boudewijn V | 1171–1195 | Werd in 1191 ook graaf van het graafschap Vlaanderen. |
| Behorend tot het Huis Vlaanderen-Henegouwen (1095–1280) | ||
| Boudewijn VI | 1195–1205 | |
| Johanna I | 1205–1244 | Haar oom Filips was regent tot 1212. |
| Margaretha I | 1244–1253 | |
| (Jan van Avesnes) | (1252–1257) | Beleend door de Roomse koning Willem II van Holland, maar deze beslissing werd niet bekrachtigd door de andere tegenkoningen. |
| Karel van Anjou | 1253–1256 | Kocht de aanspraken op Henegouwen van gravin Margaretha, maar moest hiervan afstand doen op aandringen van Lodewijk IX van Frankrijk. |
| Margaretha I | 1256–1280 | Nam de graventitel weer op. In 1278 stond ze het graafschap Vlaanderen af aan haar zoon Gwijde. |
| Behorend tot het Huis Avesnes (1280–1356) | ||
| Jan I | 1280–1304 | Zoon van de hoger genoemde Jan van Avesnes. Vanaf 1299 ook graaf van Holland en Zeeland. |
| Willem I | 1304–1337 | Tevens graaf van Holland en Zeeland. |
| Willem II | 1337–1345 | Tevens graaf van Holland en Zeeland. |
| Margaretha II | 1345–1356 | Tevens gravin van Holland en Zeeland. |
| Behorend tot het Huis Wittelsbach (1356–1433) | ||
| Willem III | 1356–1389 | Al vanaf 1358 onder voogdij van zijn broer Albrecht. |
| Albrecht I | 1389–1404 | Werd in 1389 volwaardig graaf. |
| Willem IV | 1404–1417 | |
| Jacoba I | 1417–1420 | Haar echtgenoot Jan IV van Brabant verpandde Henegouwen aan Jan van Beieren. |
| Jan II | 1420–1425 | Fungeerde als feitelijke graaf, totdat zijn dood een einde bracht aan de verpanding. |
| Jan III | 1425–1427 | Veroverde het graafschap op zijn ex-echtgenote Jacoba (zie de inname van Henegouwen). Duidde Filips de Goede aan als erfgenaam. |
| Jacoba I | 1427–1433 | Verzoende zich met Filips de Goede (de Zoen van Delft) en mocht het graafschap opnieuw besturen tot haar dood. |
Als dynastieke titel
[bewerken | brontekst bewerken]In 1835 schonk koning Leopold I van België aan zijn oudste zoon, de latere Leopold II van België, de titel "hertog van Brabant" , in afwachting totdat deze zelf koning werd. In 1859 kreeg Leopold II zelf een zoon, eveneens Leopold genoemd. Het pasgeboren kind kreeg van de koning (zijn grootvader) de titel "graaf van Henegouwen". Zodra zijn vader koning werd, werd zijn titel "graaf van Henegouwen" vervangen door "hertog van Brabant" (1865). Hij stierf vier jaar nadien, zonder zelf een zoon ("graaf van Henegouwen") voortgebracht te hebben.
Leopold II werd in 1909 opgevolgd door zijn oomzegger, Albert I van België. Diens zoon Leopold werd hierdoor "hertog van Brabant" en zijn eerstgeboren zoon Boudewijn ontving van Albert de titel "graaf van Henegouwen" (1930). Drie dagen na de geboorte bepaalde Albert dat de eerstgeboren zoon van de kroonprins voortaan automatisch begiftigd zou worden met de titel "graaf van Henegouwen" (10 september 1930).
Boudewijn droeg de titel tot 1934, toen hij zelf "hertog van Brabant" werd. Ook Boudewijn kreeg echter geen kinderen of kleinkinderen, waardoor de titel wederom in onbruik raakte. Door een Koninklijk besluit (16 oktober 2001) werd de automatische toewijzing geschrapt uit de wet. Koning Albert II van België achtte het niet nodig om de titel – op dat moment al zeventig jaar in onbruik – opnieuw toe te kennen bij de geboorte van zijn kleinzoon Gabriël (2003). Het is niet duidelijk of de titel ooit zal terugkeren.