Muskusrat

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Muskusrat
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2016)
Muskusrat
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Chordata (Chordadieren)
Klasse:Mammalia (Zoogdieren)
Orde:Rodentia (Knaagdieren)
Familie:Cricetidae (Woelmuisachtigen)
Geslacht:Ondatra (Muskusratten)
Soort
Ondatra zibethicus
(Linnaeus, 1766)
(Rood): Oorspronkelijke verspreidingsgebied
(Groen): Verspreidingsgebied in Europa en Azië
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Muskusrat op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Zoogdieren

De muskusrat of bisamrat (Ondatra zibethicus) is een knaagdier uit de onderfamilie der woelmuizen en, hoewel de naam dat suggereert, behoort de muskusrat dus niet tot de ratten. Het dier werd vroeger soms op de menukaart ook wel als waterkonijn aangeduid. Dit is sinds 2017 verboden. De muskusrat staat op de Europese lijst van invasieve exoten en wordt in Nederland actief bestreden wegens de schade die het dier aanbrengt aan dijken en oevers. De muskusrat is de enige nog levende soort uit het geslacht Ondatra. Hij komt oorspronkelijk enkel in Noord-Amerika voor, maar leeft tegenwoordig als exoot in Europa en Noord-Azië. De muskusrat wordt ook gefokt in de bontindustrie. Het bont, afkomstig van de muskusratten uit Noord-Amerika, komt onder de naam bisam op de markt.

Uiterlijke kenmerken[bewerken | brontekst bewerken]

Het dier heeft een kop-romplengte tussen 25 en 40 centimeter met een sterke, zijdelings afgeplatte staart met een lengte van 19 tot 28 centimeter. Het kan een gewicht bereiken van 1700 gram, ongeveer vier keer zo zwaar als de bruine rat. Hij is het eenvoudigst te onderscheiden van andere aquatische knaagdieren door zijn grootte: de bruine rat en de woelrat zijn kleiner, de bever en de beverrat worden groter. De achterpoten zijn langer dan de voorpoten, en hebben een franje van stijve borstelharen. De tenen aan de achterpoten zijn gedeeltelijk van zwemvliezen voorzien. De afdruk van een voorvoet van de muskusrat is 25–30 mm breed en tot 30 mm lang. Die van de achtervoet is 35 mm of meer breed en tot 65 mm lang. Beide poten hebben vijf tenen, maar de binnenste teen van de voorpoot is zo klein dat hij in de sporen maar zelden te zien is. De afdruk van de achterpoot laat wel vijf tenen zien.

Leefwijze[bewerken | brontekst bewerken]

De muskusrat is een zeer goede zwemmer en duiker, waarbij hij de krachtige achterpoten gebruikt voor de voortstuwing. Onder water kan hij zo lange afstanden afleggen, mede omdat hij langere tijd onder water kan zonder lucht te happen.

De muskusrat is voornamelijk 's nachts en in de schemering actief. In de natuurlijke omgeving in Noord Amerika, waar de muskusrat niet bestreden wordt, is de muskusrat een dagdier. De muskusrat leeft voornamelijk van planten, zoals gras, riet, lilsdodde, zegge en paardenstaarten. Soms eet hij ook tweekleppigen en vissenoesters of zoetwatermosselen. In Nederland was dit vooral het geval bij strenge winters. Aan de behoefte aan eiwitten kon niet met de aanwezige planten voldaan worden, vandaar dat een andere eiwitbron werd benut.


De muskusrat leeft zowel in zoet als zout water, zowel stilstaand als stromend (bijvoorbeeld rivieren, meren), met begroeide oevers. In de oever graaft hij een gang, waarvan de ingang meestal onder het wateroppervlak ligt. Een enkele keer wordt een tweede gang gegraven die op het maaiveld uitkomt. Deze gang dient als ventilatieschacht. 's Winters legt hij een burcht aan van plantenresten. Deze wordt in vaktermen een winterhut genoemd. Maar deze naam is niet helemaal terecht. Bij veel regenval en volle sloten, maken ze ook een winterhut. Ze creëren daarmee een droge plek.

Voortplanting[bewerken | brontekst bewerken]

De voortplantingstijd duurt van maart tot november. Bij een zachte winter kan dit nog langer door gaan. In het voorjaar trekken jonge mannetjes (ram) eropuit om een vrouwtje (moer) te zoeken waarbij de ram jonge muskusratten verwekt. Enkel het vrouwtje zorgt voor de jongen. In het najaar zoeken ze een plek om te overwinteren bij dieper water.

Een vrouwtje kan tussen april en november elke 28 dagen een nest werpen, maar meestal heeft een vrouwtje één tot drie worpen per jaar. Na een draagtijd van 25 tot 30 dagen worden één tot elf jongen geboren (gemiddeld vijf tot zeven). Na 21 tot 28 dagen worden de jongen gespeend en niet meer gezoogd.

Jongen verspreiden zich zelden ver weg van het ouderlijke woongebied. Een jonge moer is na 6 maanden geslachtsrijp (kan dus in het jaar van geboorte al haar eerste jongen werpen). Een jonge ram is na 12 maanden dekrijp en kan een vrouwtje bevruchten.

Hoe oud een muskusrat precies kan worden is nog onduidelijk. Bij onderzoek aan de hand van het gebit is gebleken dat muskusratten zeker 10 jaar oud kunnen worden.

Als exoot[bewerken | brontekst bewerken]

L. Prang & Co., ca. 1861-1897
Muskusrattenval in een kanaal in Gelderland

Het dier komt van nature voor in Noord-Amerika en is in Europa in 1904 door de mens geïntroduceerd in Tsjechië voor de pelsdierfokkerij.[2] De vacht van de muskusrat was een gewild bont. De Tsjechische graaf CoUoredo-Manssfeld nam van een jachtreis door Alaska een paar van deze pelsdiertjes mee naar huis. Hij zette ze uit in een visvijver op zijn buitenverblijf in Bohemen zoals meerdere vorsten daar deden.[3] Toen ging de graaf op jacht en legde er in korte tijd meer dan dertig neer. Tien jaar later schatten deskundigen het aantal dieren in een straal van honderd kilometer rond het buitenverblijf op ongeveer twee miljoen.[bron?]

De muskusratten bereikten in 1919 Finland, in 1930 het Verenigd Koninkrijk en in 1950 Zweden. De soort werd in 1937 in het Verenigd Koninkrijk uitgeroeid.

De muskusrat komt inmiddels ook voor in gebieden in Argentinië en Chili. In Nederland voor het eerst waargenomen in 1938.

Sinds 2017 staat deze soort op de lijst van invasieve exoten die zorgwekkend zijn voor de Europese Unie [4]. Dit betekent onder andere dat de soort niet langer in de Europese Unie mag worden ingevoerd, vervoerd, gecommercialiseerd, gekweekt, gebruikt, uitgewisseld, gehouden of vrijgelaten in de natuur. Verder geldt voor lidstaten de plicht om in de natuur aanwezige populaties te proberen verwijderen, of als dat niet lukt, zodanig te beheren dat verspreiding en schade zoveel mogelijk wordt voorkomen.

In Nederland[bewerken | brontekst bewerken]

De muskusrat migreerde vanuit België naar Nederland. Het eerste exemplaar werd in 1938 gevangen in de omgeving van Budel.[5] Er is een onderzoek gedaan naar muskusratten en de veiligheid van dijken door de Landelijke Coördinatie Commissie Muskusrattenbestrijding. Het onderzoek toont aan dat graverijen van muskusratten de veiligheid van dijken aantast. Waterschappen hebben de wettelijke opdracht om alle waterstaatswerken te beschermen tegen schade door graverijen van muskus- en beverratten. Zolang de werking van preventieve maatregelen nog niet is aangetoond, houden de waterschappen de populatie muskusratten zo laag mogelijk. In 2013 werden voor het eerst sinds 1973 minder dan 100.000 muskusratten gevangen. In Friesland nam het aantal gevangen dieren dat jaar met 39% af. Daarbij is, na een wetenschappelijk onderzoek met een driejarige veldproef, aangetoond dat de muskusrat invloed heeft op de biodiversiteit. Door het graven en eten van planten, verandert de bodem en verdwijnen planten.

Waar de populatiedichtheid nog laag is en waar natuurlijke vijanden ontbreken kan de muskusrat snel in aantal vermeerderen, mede door de snelle voortplanting.

Aantal gevangen exemplaren per jaar[6]
Provincie 1987 2003 2006 2007 2008 2009
Utrecht 55.350 58.348 71.004 72.053 45.902 25.752
Zuid-Holland 44.943 122.794 50.818 40.786 28.508 23.374
Friesland 42.448 34.174 26.779 28.036 28.107 24.016
Gelderland 32.186 51.575 13.205 13.541 12.544 9.584
Noord-Brabant 30.563 4.189 4.290 3.832 3.473 4.292
Zeeland 17.111 26.004 5.105 4.925 4.666 5.581
Groningen 15.431 48.068 25.319 25.382 22.448 24.245
Flevoland 15.054 4.372 4.332 3.712 3.479 2.863
Overijssel 14.555 27.383 29.110 29.297 27.575 23.999
Drenthe 9.473 12.876 7.046 6.108 6.323 7.107
Limburg 9.045 6.011 1.983 2.096 2.042 1.707
Noord-Holland 984 3.365 5.765 3.922 2.681 2.156
Totaal 287.097 399.159 244.756 233.690 187.748 155.081

Sinds 2012 is de bestrijding van muskusratten in Nederland een taak geworden van de waterschappen en niet meer van de provincies.

Aantal gevangen exemplaren per jaar[7][8][9]
Bestrijdingsorganisatie 2009 2010 2011 2012 2013 2017 2019 2020 2021
Brabantse Waterschappen 3.650 5.572 5.760 4.092 3.752 4.689 5.098 5.023 4.519
Limburgse Waterschappen 1.707 1.864 1.724 1.796 1.552 1.763 939 1.007 1.443
Muskusrattenbeheer Rivierenland 22.008 14.220 17.163 13.527 11.198 10.174 5.862 4.104 2.838
Muskusrattenbeheer West- en Midden-Nederland 40.193 24.878 17.905 19.002 16.498 16.509 16.580 19.605 18.994
Noordoost Nederland 54.670 49.614 65.009 63.186 53.559 22.164 15.498 11.110 8.868
Waterschap Scheldestromen 5.581 3.865 2.730 2.349 1.973 2.982 2.286 3.128 4.936
Waterschap Zuiderzeeland 2.863 1.977 2.442 2.795 3.858 2.977 3.035 4.012 3.188
Wetterskip Fryslân 24.409 17.492 12.197 7.379 4.435 601 751 323 212
Totaal 155.081 119.482 124.930 114.126 96.825 61.859 50.319 47.772 44.998

In België[bewerken | brontekst bewerken]

De Vlaamse Overheid bestrijdt de muskusrat, de bruine rat en de beverrat omdat deze dieren veel vraat- en graafschade veroorzaken en ziekteverwekkers kunnen overdragen.

Als beheerder van een groot aantal waterlopen concentreerde de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) zich aanvankelijk vooral op de muskusrat. In 2000, bij het begin van haar opdracht, ving de VMM meer dan 40.000 muskusratten. Dat aantal verminderde jaarlijks en beperkte zich in 2009 tot een kleine 4.000 exemplaren.[10] In 2013 daalde het aantal gevangen dieren verder tot 730. Volgens een krantenbericht betekent dit dat de muskusrat bijna is uitgeroeid in Vlaanderen.[11]

Bisam[bewerken | brontekst bewerken]

Onder de staartwortel heeft de ram, de mannetjes muskusrat een klier die een sterk riekend vocht produceert dat 'bisam'[12] heet, dat gebruikt wordt in de parfumindustrie. Als 'bisen ende muscriaet' wordt het in de 17e-eeuwse Nederlandse bewerking van het boek Historie van Fortunatus borse als geneesmiddel beschreven.[13]

Externe links[bewerken | brontekst bewerken]

Mediabestanden die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina Ondatra zibethicus op Wikimedia Commons.