Nout Wellink

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nout Wellink
Nout Wellink.jpg
Algemene informatie
Volledige naam Arnout Henricus Elisabeth Maria (Nout) Wellink
Geboren Bredevoort, 27 augustus 1943
Nationaliteit Nederlands
Beroep Econoom, ambtenaar
Carrière
1970-1982 Werkzaam bij Ministerie van Financiën
1982-1997 Directielid DNB
1997-2011 President DNB
1999-2011 Lid raad van bestuur ECB
2002-2006 Voorzitter BIS
2012 - heden Lid raad van bestuur Bank of China
Overige informatie
Politiek CDA
Portaal  Portaalicoon   Economie

Arnout Henricus Elisabeth Maria (Nout) Wellink (Bredevoort, 27 augustus 1943) is een Nederlands econoom en sinds oktober 2012 toezichthouder in het bestuur van de Chinese Staatsbank Bank of China[1]. Hij was van 1 juli 1997 tot 1 juli 2011 president van De Nederlandsche Bank, waar hij door Klaas Knot werd opgevolgd.

Biografie[bewerken]

Wellink werd in Bredevoort geboren in een rooms-katholiek gezin. Wellink behaalde in 1961 zijn gymnasium B-diploma. Hierna studeerde hij Nederlands recht aan de Rijksuniversiteit Leiden van 1961 tot 1968. Tijdens zijn studie was hij lid van Het Leidsch Studenten Corps (LSC) en de Rooms-katholieke Studentenvereniging Sanctus Augustinus. Van 1965 tot 1970 werkte Wellink als student-assistent en wetenschappelijk medewerker in de economie aan de rechtenfaculteit in Leiden. In 1975 promoveerde hij aan de Erasmus Universiteit Rotterdam in de economie op het proefschrift getiteld De inkomenselasticiteit van het Nederlandse belastingstelsel.

Van 1970 tot 1982 werkte hij bij het ministerie van Financiën, waar hij opklom tot directeur Algemene Financiële en Economische Politiek, en Thesaurier-generaal. Op 1 januari 1982 werd Wellink directielid bij de Nederlandsche Bank, en per 1 juli 1997 werd hij, als opvolger van Wim Duisenberg, president bij datzelfde instituut.[2]

President van de Nederlandsche Bank[bewerken]

In zijn functie als president van De Nederlandsche Bank was het vanaf het begin Wellink’s taak om de Bank een plaats te geven binnen het Europees Stelsel van Centrale Banken bij het uitstippelen van het gemeenschappelijke monetaire beleid van de Europese Economische en Monetaire Unie (EMU). Als lid van de Raad van Gouverneurs van de Europese Centrale Bank verwierf Wellink groot gezag bij zijn Europese collega’s. Als directeur van De Nederlandsche bank had hij zich reeds sterk gemaakt het monetaire onderzoek een ruime plaats te geven binnen de beleidsvoorbereiding.[3] In Nederland heeft hij met het wegvallen van de binnenlandse monetaire beleidstaak door zijn strategische visie een verbreding van het werkterrein van de Bank bewerkstelligd naar het toezicht, door naast het bankentoezicht De Nederlandsche Bank eveneens de toezichtstaak voor wat betreft Nederlandse pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen te doen toekomen. Tot aan 2004 stonden pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen onder toezicht van de Pensioen- en Verzekeringskamer. Sinds 2004 is De Nederlandsche Bank belast met het financiële toezicht op zowel banken, als pensioenfondsen en verzekeraars, voor zover deze Nederlands zijn.

In de nasleep van de mondiale financiële crisis wordt Wellink vaak verweten dat hij weinig daadkrachtig optrad in de kwestie rond de omgevallen bank Icesave uit IJsland. Ook zou hij strenger hebben moeten toezien op de stabiliteit van Nederlandse banken en zou hij fouten hebben gemaakt rond de verkoop van ABN AMRO.[4]

Wellink is lid van de Trilaterale commissie. Dit lidmaatschap werd door critici gezien als een belangenverstrengeling met zijn positie binnen De Nederlandsche Bank. Wellink bezocht tevens meermaals de jaarlijkse Bilderbergconferentie.

Sinds juni 2006 was Wellink voorzitter van het Bazels Comité voor bankentoezicht, een internationaal orgaan dat toezichtregels ontwerpt voor banken. Als voorzitter van dit comité was hij de belangrijke man achter Bazel III, het pakket aan maatregelen dat banken moet gaan voorzien van meer kapitaal. Op 1 juli 2011 liep zijn tweede termijn als president van De Nederlandsche Bank af.

Onderscheidingen[bewerken]

Op 29 juni 2011 was Wellink benoemd tot Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau. De onderscheiding werd tijdens zijn afscheidsreceptie uitgereikt door minister Jan Kees de Jager (CDA) van Financiën. Hij ontvangt de onderscheiding zowel voor de bijzondere prestaties die hij als president van De Nederlandsche Bank heeft verricht, als voor de prestaties die buiten zijn directe verantwoordelijkheid als president vallen, zoals de talrijke instituties en instanties waarvoor Wellink actief was.[5]

Parlementaire onderzoek en enquête financieel stelsel[bewerken]

Wellink's rol als toezichthouder op het Nederlandse bankwezen was onderwerp van het Parlementair onderzoek financieel stelsel dat plaatsvond in 2009-10 naar aanleiding van de kredietcrisis. De Onderzoekscommissie onder leiding van Jan de Wit concludeert in het Commissie-rapport [6] dat het Ministerie van financiën en DNB ten onrechte een verklaring van geen bezwaar hadden afgegeven voor de overname van ABN AMRO, dat DNB te soepel was geweest bij de toelating van Icesave tot de Nederlandse markt en dat ze bonuscultuur in de financiële sector te ver hadden laten doorschieten.[7]. Tijdens de daarna volgende Parlementaire enquête in 2011/12 verklaarde Wellink tijdens de verhoren dat hij de kredietcrisis niet had zien aankomen: "De Nederlandsche Bank, maar ook de Nederlandse overheid heeft de systeemcrisis niet gezien. Niemand wereldwijd, behalve wat onheilsprofeten, heeft het gezien."[8] De hoofdconclusie van deze enquête[9] is dat de Nederlandse autoriteiten onvoldoende voorbereid waren op een crisis van een dergelijke omvang en door de crisis overrompeld werden.[10]

Trivia[bewerken]

  • LINT-treinstel 30 van vervoersmaatschappij Syntus is vernoemd naar Wellink.
  • Nout Wellink is prominent lid van het CDA.
  • Als gevolg van een uit de hand gelopen studentengrap belandde Wellink in zijn jonge jaren in een Leidse gracht, waarna hij een levensgevaarlijke infectie aan zijn been opliep. Hier heeft hij een stijve knie aan overgehouden.[11]
  • Kreeg in 2007 in de pers de bijnaam Nout Fazio toen hij zich verzette tegen de overname van ABN AMRO door TCI. Wellink had eerder kritiek geuit op de handelswijze van centrale bank gouverneur Antonio Fazio toen hij ABN AMRO blokkeerde de Italiaanse bank Antonveneta over te nemen.
  • In de op het boek gebaseerde televisieserie De Prooi, wordt het personage van Wellink gespeeld door acteur Victor Löw.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. [1], Bank of China, oktober 2012
  2. "Ontmoeting aan de top: De economie voorspellen is bijna onmogelijk", 2009, Memory Magazine (editie Academisch), jrg. 10, nr. 1, pp. 80-83, interview door Wouter Boonstra.
  3. Zo hield hij vast aan een afzonderlijke afdeling die ruimte kreeg voor onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek van internationaal niveau, met macro-economische modelbouw en financieel historisch onderzoek waardoor de Bank internationaal een grote rol kon spelen.
  4. Hij sprak zich echter in het beginstadium reeds uit tegen een opsplitsing, zie Wellink: Wens splitsing ABN Amro brug te ver, Volkskrant 24 februari 2007.
  5. Hoge onderscheiding voor Nout Wellink - website nu.nl
  6. Verloren Krediet
  7. Wellink's repliek is te vinden in Wellink aan het woord, door Roel Janssen.
  8. Niemand zag de crisis aankomen, 2 december 2011, Nos journaal.
  9. Eindrapport Verloren Krediet, 2012.
  10. Forse kritiek Wellink op conclusies commissie-De Wit, NRC 16 april 2012.
  11. Nout Wellink, de stille architect van het reddingsplan, de Volkskrant, 7 oktober 2008
Voorganger:
C.J. Oort
Thesaurier-generaal
1977-1982
Opvolger:
P. Korteweg
Voorganger:
W.F. Duisenberg
President van De Nederlandsche Bank
1997 - 2011
Opvolger:
K. Knot