Overlevering (verhaal)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Overlevering is een mondeling of schriftelijk vertelde doorgave van geschiedkundige, maatschappelijke of religieuze verhalen over gebeurtenissen, situaties of personen, waarvan men veelal niet kan nagaan of het historisch gezien klopt.

Veel sagen, legenden, broodjeaapverhalen en andere vertelgenres zijn (schriftelijke of mondelinge) overleveringen. Het verschil is dat de verteller dikwijls (min of meer) overtuigd is van het waarheidsgehalte van het vertelde. In sommige gevallen worden overleveringen ook doorverteld als grappig vertelsel, zonder dat de verteller het verhaal daadwerkelijk gelooft.

Nederland[bewerken]

K. ter Laan is één van de verzamelaars van Nederlandse mondelinge overleveringen (die al dan niet zijn beïnvloed door de schriftelijke literatuur). Hij heeft in zijn Nederlandse overleveringen (2 delen) veel verhalen verzameld. Hierbij zet hij vergelijkbare verhalen, c.q. verhaalmotieven, bij elkaar. Een uniek volksverhaal blijkt vaak minder vaak voor te komen dan altijd gedacht is, aangezien de meeste volksverhalen internationaal circuleren, zonder zich iets aan te trekken van land- en/of taalgrenzen. Zo blijkt niet alleen Grote Pier enorm sterk te zijn geweest, maar ook Dubbele Arend van Meden uit Meeden, Freers van Wurst uit Wurst (Oost-Friesland), Wille Beekman (uit Emsland), Jan de Sterke uit Gorinchem en diverse andere personages uit binnen- en buitenland.

Andere verhalenverzamelaars van Nederlandse overleveringen zijn J.R.W. Sinninghe (1904-1988) en G.J. Boekenoogen (1868-1930).

Zie ook[bewerken]

Genres epiek en tekstsoort: anekdote · ballade · broodjeaapverhaal · epos · fabel · gedicht · genre · inleiding · kort verhaal · legende · mythe · novelle · overlevering · parabel · raamvertelling · reisverhaal · roman · saga · sage · sprookje · sterk verhaal · thriller · verhaal · vignet · volksballade · volksverhaal
Verloop en verhaallijn: catharsis · cliffhanger · climax · deus ex machina (verhaallijn) · drie-actstructuur · epiloog · expositie · fabel · plot · plotpoint · proloog · rode draad · scène · setup · startplotscène · synopsis · verhaallijn
Begin en einde: ab ovo · in medias res · in ultimas res · incipit · openingsscène · openingszin · post rem · terminus
Personage: aangever · alter ego · alteriteit · antagonist · antiheld · bijfiguur · bijrol · booswicht · byroniaanse held · deuteragonist · flat character · held · hoofdpersoon · hoofdrol · personage · karakter · protagonist · round character · tritagonist · typetje · uitverkorene · underdog
Spanning: cliffhanger · spanning
Vertelperspectief en -instantie: afwisselend perspectief · auctoriële verteller · focalisatie · gedramatiseerd · homodiëgetisch · heterodiëgetisch · ik-perspectief · onbetrouwbare verteller · personele verteller · point of view · rhema · voice-over
Motief & thema: abstract en concreet motief · isotopie · leidmotief · motto · thema · topos
Tijd & ruimte: eenheidsconventie · flashback · flashforward · kalendertijd · mise en abyme · opschuivende tijdlijn · parallel universum · praesens historicum · tijdverruiming · verteltijd · vertelde tijd
Stijl: directe rede · dramatische ironie · indirecte rede · red herring · shooting the messenger · register · stijl · stream of consciousness · suspension of disbelief · show, don't tell · verteltechniek · vrije indirecte rede
Scenario: premissesynopsistreatmentscenariofilmdraaiboekstoryboard
Stijlperiode: middeleeuwen · renaissance · maniërisme · barok · verlichting · sentimentalisme · preromantiek · romantiek · realisme · impressionisme · naturalisme · neoromantiek · symbolisme · expressionisme · constructivisme · dadaïsme · surrealisme · nieuwe zakelijkheid · magisch realisme · existentialisme · vijftigers · modernisme · postmodernisme
Studie: driehoek van Petersen · literaire kritiek · narratologie · topische vragen · verhaalanalyse