Regering van nationale eenheid

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een regering van nationale eenheid, ook wel kabinet van nationale eenheid genoemd, is een regering bestaande uit een brede coalitie waarin alle (grote) politieke partijen zijn vertegenwoordigd. Deze regeringsvorm komt vaak voor in verband met een nationale crisis, bijvoorbeeld een oorlog(sdreiging).

Israël[bewerken]

In Israël is er een aantal nationale regeringen geweest, waarin de rivaliserende Arbeidspartij met de Likoed een regering vormden.

België[bewerken]

In België werd in 1919 in de nasleep van de Eerste Wereldoorlog een regering van nationale eenheid opgericht onder leiding van Léon Delacroix met de partijen CVP, BWP en LP. Deze regering werd ontbonden in november 1920. (Zie regering-Delacroix II) In januari 2011 riep de voorzitter van de waalse partij PS, Elio Di Rupo, op tot de vorming van een regering van nationale eenheid, omdat na een periode van meer dan zeven maanden na de verkiezingen van 13 juni 2010 er nog geen enkel zicht was op de vorming van een federale regering of een oplossing voor de politieke impasse. Di Rupo kreeg hiervoor geen bijval van de andere partijen.

Luxemburg[bewerken]

Luxemburg heeft twee nationale regeringen gehad:

Verenigd Koninkrijk[bewerken]

Het Verenigd Koninkrijk heeft twee nationale regeringen gehad:

  • In 1931 kreeg de socialist Ramsay MacDonald de taak van koning George V om een nationale regering te vormen tussen National Labour, de Conservative Party, de Liberal Party en de National Liberal Party. Dit idee stuitte op veel weerstand binnen de Labour Party. Het gevolg was dat MacDonald uit de partij stapte en de National Labour Party (Nationale Arbeiderspartij) oprichtte. The National Labour Party, de Conservative Party en de Liberal Party vormden daarop een coalitieregering met MacDonald als premier. Bij de verkiezingen van 1935 verloor MacDonald zijn zetel in het parlement en kwam de Nationale Regering ten val. Dit betekende ook het einde van National Labour.

Verenigde Staten[bewerken]

In de hoop om de rivaliserende politieke partijen weer bijeen te brengen tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog, vormde de Amerikaanse president Abraham Lincoln in zijn tweede termijn als president een nationale eenheidsregering met de Democraat Andrew Johnson als zijn vicepresident.

Andere voorbeelden[bewerken]

Zie ook[bewerken]