Rollegem

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Rollegem
Deelgemeente in België Vlag van België
Rollegem
Rollegem
Situering
Gewest Vlag Vlaams Gewest Vlaanderen
Provincie Vlag West-Vlaanderen West-Vlaanderen
Gemeente Vlag Kortrijk Kortrijk
Coördinaten 50° 46′ NB, 3° 16′ OL
Algemeen
Oppervlakte 8,47 km²
Inwoners (31 december 2007) 2.720 (321,01 inw./km²)
Overig
Postcode 8510
Detailkaart
Locatie Rollegem in Kortrijk
Locatie Rollegem in Kortrijk
Portaal  Portaalicoon   België

Rollegem is een dorpje in de Belgische provincie West-Vlaanderen en een deelgemeente van Kortrijk. Het landelijk dorp ligt een vijftal kilometer ten zuiden van het stadscentrum van Kortrijk, in het gebied tussen de rivieren de Leie en de Schelde. Het dorp wordt begrensd door Aalbeke, Bellegem en Moeskroen.

In het zuiden van Rollegem, op de grens met het Henegouwse Lowingen (Luingne), ligt het gehuchtje Tombroek.

Rollegem

Geschiedenis[bewerken]

In de 6e eeuw na Chr. kwam een Frankische nederzetting zich vestigen in de streek. Die nederzetting droeg de Germaanse naam 'Hrodilinga-haim', wat betekent: heem of woning van de Rodelingen, afstammelingen van Rollo. De volgende eeuwen werden gekenmerkt door een langzame kerstening van de bevolking van de gewesten. Geleidelijk groeide Rollegem uit tot een nederzetting met een grote omwalde hoeve en later een kerk. In de 12e eeuw wordt Rollegem voor het eerst vermeld als parochie.

Aan het eind van de 14e eeuw brak te Gent een opstand uit tegen het grafelijk gezag met als gevolg dat de hele streek tussen Kortrijk en Oudenaarde meermaals werd afgeschuimd door enerzijds de grafelijke troepen en anderzijds de Gentse milities. In Rollegem konden de rebellen op sympathie rekenen en een 10-tal inwoners namen actief deel aan de opstand. Nadien moesten zij dit bekopen met de dood of opsluiting.

Dirck Van Delen - Beeldenstorm in een kerk (1630)
Oudste plattegrond van het dorpscentrum, opgemaakt in 1628 door landmeter L. de Bersaques.

In 1566 brak de beeldenstorm los waarbij honderden kerken, kloosters en kastelen geplunderd of verwoest werden. Ook in Rollegem ontsnapten ze niet aan deze gruwel. Eerst en vooral was er een grote terugloop van poorters: in 1575 telde men 139 inwoners ingeschreven als buitenpoorters, 10 jaar later was dit aantal al gedaald naar 54. Dergelijke cijfers duiden op een sterke ontvolking: talrijke protestanten sloegen op de vlucht naar veiliger oorden. Door de ontvolking stortte de landbouw in elkaar, slechts 22% van de beschikbaar landbouwoppervlak werd bezaaid in 1586. Deze crisis in de landbouw veroorzaakte tevens grote verschuivingen in het grondbezit, huuropbrengsten en inning van tienden en renten. De streek werd onveilig gemaakt door allerlei benden die gebruik maakten van het ontstane machtsvacuüm. Het 12-jarig bestand bracht terug vrede in de regio.

In 1621 kwam Rollegem na de dood van aartshertog Albrecht terug onder de Spaanse kroon. Dit leidde door de Spaanse opmars tot een Franse inval waarbij de meeste Frans-Vlaamse steden in Franse handen vielen. De ligging van Rollegem, dicht bij Frankrijk en bij de vestiging Kortrijk, had verstrekkende gevolgen. Om de Franse grens tegen invallen te beveiligen, bouwden de Fransen een aaneengesloten linie van veldforten en versterkingen die dwars door Rollegem liep. Wegens de aanhoudende plundertochten van het Franse leger, lagen heel wat Rollegemse hoeven er verlaten bij. Bovendien brak in 1694 de pest uit waardoor de bevolking nog eens verminderde met 15%. Uit bevolkingscijfers blijkt dat tegen eind december 1694 het bevolkingsaantal teruggelopen was tot slechts 572 inwoners. Op 20 september 1697 werd de Vrede van Rijswijk bekrachtigd waardoor er eindelijk rust kwam voor de Rollegemse bevolking.

Helaas was deze vrede van korte duur want kort daarop brak de Spaanse Successieoorlog uit die woedde van 1701 tot 1713 waarbij arbeiders en soldaten uit de gemeente werden opgeëist. Tevens waren leveringen van allerlei materialen voor de vestiging Kortrijk en afpersingen door ronddolende soldaten dagelijkse kost voor de inwoners van Rollegem. Vanuit het kasteel van Helkijn voerden de Fransen meerdere plundertochten uit in de omliggende dorpen. In Rollegem werden niet minder dan 33 ongeregeldheden door Fransen genoteerd. In 1713 kwam een einde aan deze ellende door de Vrede van Utrecht.

Hierna volgde een periode van 30 jaar rust en heropbouw. De bevolking nam opnieuw toe en de huiselijke nijverheden bloeiden terug op. In 1744 brak echter de Oostenrijkse successieoorlog uit en werd de Rollegemse bevolking opnieuw verplicht tot het leveren van materialen (stro, paarden, haver, meel, wagens, hout, arbeiders) aan de vestiging van Kortrijk. Tot overmaat van ramp kreeg de streek af te rekenen met dierenpest, 55 plaatselijke hoeven werden hierdoor getroffen.

Tijdens de tweede helft van de 18e eeuw ontstonden nieuwe opvattingen over maatschappij en samenleving die in Frankrijk zouden uitmonden in de Franse Revolutie. Het Oostenrijkse bestuur verbood bij decreet verdere uitbreiding van kerkelijke bezittingen. Hierdoor werd het kerkbestuur van Rollegem gedwongen een 30-tal percelen land en bos van de hand te doen. In 1792 werd een declaratie opgemaakt van alle goederen, tienden en andere rechten in Rollegem (dit liep echter niet van een leien dakje daar de 'pachters niet t'huys en syn'). Kort daarop stelde men een lijst op van alle eigenaars van Rollegemse gronden, hoeven en molens zodat de eigenaars in verhouding tot de geschatte waarde van de eigendommen evenredige bijdragen moesten betalen aan de Franse Republiek. Tevens werden de rechten op tienden en rechten afgeschaft.

Religieus Rollegem[bewerken]

Situering[bewerken]

De kerk van Rollegem lag tot 1801 in het bisdom van Doornik. Ze behoorde echter eerst tot de dekenij Helkijn, later volgens de statuten van 1633 tot de dekenij van Kortrijk. Door het concordaat van 15 juli 1801 tussen Paus Pius VII en Napoleon werden de gebieden van het bisdom Doornik in Vlaanderen afgehaakt. De Leie- en Scheldedepartementen vormden samen het nieuwe bisdom Gent waar ook Rollegem onder viel. De parochie behoorde in die periode tot de dekenij Menen. De bisdommen Brugge en Ieper werden afgeschaft en herleid tot twee districten van het bisdom Gent. In 1834 werd het bisdom Brugge heropgericht door de bul Romana Ecclesiae van paus Gregorius XVI met als grondgebied de volledige provincie West-Vlaanderen, waaronder dus ook de parochie Rollegem.

Kerk[bewerken]

Rond 1100 was er sprake van de eerste aanzet tot de bouw van een kerk. Men bouwde een kerktoren in ruwe veldsteen maar zeer snel werden de werken gestaakt. Honderd jaar later (tussen 1200-1225) werd besloten een kerk te bouwen op de plaats waar nu de huidige kerk staat. De stijl is te situeren in de vroeggotiek. Het gaat om een typische kruiskerk met driebeukige benedenkerk geheel gebouwd in Doornikse steen, zelfs de zuilen, pijlers en bogen zijn van dit materiaal. Nog sterk aanleunend bij de Romaanse bouwtradities, was het koor vlak gesloten; wel was de oostgevel door een drielicht of trifora doorbroken. Het is het oudste, vroeggotisch drielicht dat in West-Vlaanderen bekend is.

Tijdens de beeldenstorm van 1566 werd de kerk sterk beschadigd: de grote klok werd stukgeslagen, de banken verbrand en de ramen verbrijzeld. Rond 1590 startten de herstellingswerken aan de kerk. In 1623 brandde de kerktoren uit na een blikseminslag waarbij opnieuw de klokken verloren gingen. Tussen 1623 en 1627 herbouwde men de achtzijdige klokkenverdieping van de toren in witsteen. Op 24 oktober 1627 kwam de bisschop van Doornik de nieuwe klokken en toren inwijden.

Op 8 juni 1700 kwam de deken van Kortrijk op kerkbezoek en vond de kerk in een ellendige toestand, wellicht het gevolg van de negenjarige-oorlog (1688-1697). De kerk werd in eer hersteld om in 1721 opnieuw zwaar beschadigd te worden door een storm. Het kerkbestuur zag zich verplicht om een aantal van zijn goederen te koop te stellen om de herstellingskosten te dragen. In totaal werden 30 percelen grond verkocht in onder meer Aalbeke, Luigne, Marke, Kortrijk en Rollegem.

Tijdens de tweede helft van de 18e eeuw was de kerk erg vervallen en te klein. De kerk werd gedeeltelijk gesloopt. Op 30 april 1786 begon de heropbouw van de benedenkerk en werden 2 jaar later afgerond. Inmiddels was de Franse Revolutie uitgebroken, gevolgd door een eerste inval van het Franse leger in de gewesten. In april 1792 drongen soldaten plunderend de kerk binnen, waarbij al het goud en zilver gestolen werd. In 1798 werd de kerk opnieuw getroffen door een orkaan waarbij het dak en de topgevels werden vernield. Die werden afgebroken en vervangen door wolfsdaken en voorlopig met stro bedekt. Door verwering was de achtzijdige bovenbouw van de toren zo vervallen, dat men in 1872 tot sloping besloot. Ondertussen werden plannen gemaakt voor de bouw van een nieuwe kerk. Vanaf 1903 begon men met de bouw van de kerk in haar huidige vorm, waarbij een neo-romaanse benedenkerk op de funderingen van de oude werd opgetrokken.

Burgemeesters van Rollegem[bewerken]

  • 1800 - 1849: Constantin Vander Meersch
  • 1850 - 1866: Constantin Vander Meersch (jr)
  • 1866: Joseph Warrot (nam na 1 dag ontslag)
  • 1866 - 1870: August-Edward Herbau (waarnemend burgemeester)
  • 1870 - 1872: August Salembier
  • 1872 - 1899: Casimir Herbau
  • 1900 - 1903: Léon Herbau (zoon van August-Edward Herbau, nam in 1903 ontslag vlak voor de verkiezingen van oktober 1903)
  • 1903 - 1918: Léon Herbau (werd na zijn ontslag opnieuw verkozen tot burgemeester)
  • 1921 - 1937: Eugène Everaert
  • 1939 - 1947: Maurice Everaert
  • 1941: afschaffing gemeenteraad. Onder voogdij van de Duitsers werd Maurice Castelein aangesteld als oorlogsburgemeester tot 1944.
  • 1947 - 1971: Polydoor Declercq
  • 1971 - 1976: Gérard Vandenberghe. Laatste burgemeester van Rollegem.
  • 1 januari 1977: gemeente Rollegem fuseert met Groot-Kortrijk.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]