Dorp

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Icoontje doorverwijspagina Zie Dorp (doorverwijspagina) voor andere betekenissen van Dorp.
Het dorp Odeigne in de winter
Traditioneel dorp in Gambia
Historische ansichtkaart van Tršice (Tsjechië)
Stockton (Wiltshire) (VK) op een ansichtkaart uit ongeveer 1910
Dorpje bij Gardanne (Frankrijk), geschilderd door Paul Cézanne
Vissersdorp nabij de stad Salvador (Brazilië)
Мономахово in de zuidoost hoek van Siberië

Een dorp is een kleine nederzetting: een plaats of kern waar meerdere mensen bij elkaar wonen. Dorpen worden aangetroffen in landelijk gebied en waren tot de industriële revolutie en de daarmee gepaard gaande verstedelijking de meest voorkomende woonplaatsen. In bestuurlijke kringen worden dorpen in al hun verscheidenheid vaak aangeduid als 'kleine kernen'.

In de Nederlandse taal worden woonplaatsen in het algemene spraakgebruik vaak benoemd als ofwel dorp, ofwel stad: een grotere woonplaats (ook al bestaan er enkele woorden om aan te geven dat een kern kleiner dan een dorp is; zie verder onder definitie).

Dorp nader bepaald[bewerken]

Een dorp is een vaste verblijf- of woonplaats van een groep mensen, oftewel een groep woningen. In de ontwikkeling van het menselijke bestaan is het dorp de opvolging van het nomadische of rondzwervende bestaan. Een dorp onderscheidde zich van een nomadische levensvorm met tenten door de vaste huizen, gebouwd van hout, steen en/of andere vaste (zware) materialen.

Het bij elkaar wonen in een dorp leidt in meerdere of mindere maten tot aansluitende functies en activiteiten oftewel tot bedrijvigheid. In het verleden was deze bedrijvigheid vaak aan huis gebonden en later zijn ook afzonderlijke bedrijven en organisaties ontstaan. Denk hierbij ook aan scholen, kerken/gebedshuizen en aan eventueel gemeentelijke organisaties.

In België, Nederland en zeker ook in andere landen in Europa zijn deze nevenactiviteiten sinds de 2e helft van de 20e eeuw wel steeds verder afgenomen, als gevolg van diverse factoren. Zo werden diverse fenomenen zoals scholen en gemeentes grootschaliger organisaties die niet meer/minder vaak voorkwamen in kleine woonplaatsen. Ontkerkelijking zorgde voor sluiting van veel kerken en meer en snellere vormen van reizen maakte het mogelijk voor veel voorzieningen naar een stad te gaan.

Definitie[bewerken]

Het begrip dorp wordt niet in absolute zin gedefinieerd door bijvoorbeeld het aantal woningen of inwoners. Als relatieve definities zouden kunnen gelden:

  • een dorp is groter dan een gehucht of buurtschap, al worden deze woonplaatsen ook wel als dorpen of delen van dorpen beschouwd;
  • een dorp is kleiner dan een vlek en nog kleiner dan een stad;
  • het al of niet voorkomen van een kerk: een dorp bezit een eigen kerk met een kerkgebouw, behorend tot een parochie (rooms-katholiek) of kerkelijke gemeente (protestants) waar tevens een of meer nabijgelegen gehuchten onder vallen; men spreekt dan van een kerkdorp;
  • naar functie onderscheidt een dorp zich van oudsher van een stad door de nadruk op agrarische activiteiten: het merendeel van de inwoners van een dorp vindt zijn bestaan in de landbouw en/of de veeteelt; een stad wordt gekenmerkt door de niet-agrarische activiteiten: bedrijvigheid/industrie, diensten, onderwijs, zorg, etcetera;
  • stadsrechten: plaatselijk geldende rechten en privileges, zoals voor het voeren van eigen rechtspraak of het mogen houden van een markt;
  • een modern onderscheid tussen een stad en een dorp is het voorzieningenniveau: een stad heeft stedelijke voorzieningen, bijvoorbeeld een ziekenhuis of een schouwburg.

Een dorp onderscheidt zich van oudsher in stedenbouwkundige verschijningsvorm van een stad door zijn organische en kleinschalige groei en opbouw, een stad is meer planmatig en grootschalig. Er is daardoor een sterke verweving met het landelijke gebied eromheen.[bron?] De traditionele stad heeft een scherpere begrenzing (heel vroeger met verdedigingswerken in de vorm van een stadswal). Ten slotte wordt een dorp gekenmerkt door lage bebouwing in een lage dichtheid; in een stad ontstaat door grondschaarste een sterke neiging naar het realiseren van hoogbouw.

Vanuit het oogpunt van sociale samenhang kan gesteld worden dat een dorp een hechte gemeenschap heeft (men kent elkaar, er is meer sociale controle). Een stedelijke samenleving is vrijer en anoniemer ("mensen gaan op in de massa"). Het dorpse karakter wordt ook uitgedrukt in benamingen van lokale voorzieningen zoals het dorpshuis en het dorpscafé.

Minder duidelijk onderscheid met stad[bewerken]

Anno 2017 is het onderscheid tussen dorp en stad in onder meer België en Nederland minder duidelijk dan rond de helft van de 20e eeuw. Diverse ontwikkelingen hebben gemaakt dat dorpen en steden minder scherp van elkaar te onderscheiden zijn. Zo kunnen ook in Belgische en Nederlandse dorpen bewoners nu vrij anoniem blijven en is er minder verwevenheid met het dorp zelf en/of het omliggende platteland. Dit laatste gebeurt onder meer door import: bewoners die geen oorspronkelijke band met het dorp hebben, maar hier later zijn gaan wonen (vaak vanuit een stad). Zie ook onder karakteristieken van dorpen.

Wereldwijd zijn aan de andere kant binnen steden op uiteenlopende manieren kleinere gemeenschappen ontstaan met een zogenaamd dorps karakter. Dit kan tot uitdrukking komen in de manier van samenleven en ook in de bebouwing. Dit alles is bijvoorbeeld te zien in gated communities en aan het andere uiteinde van het economisch spectrum vertonen ook krottenwijken kenmerken van dorpen. Europese steden onder meer in België en Nederland kennen nog tuindorpen: wijken welke als een soort dorp zijn ontworpen.

Karakteristieken van dorpen[bewerken]

Vissersdorp[bewerken]

Direct aan kustlijnen bevinden zich wereldwijd bijzondere soorten dorpen, vissersdorpen genoemd. Zoals de naam al aangeeft ontlenen deze kernen hun bestaansrecht aan inkomsten uit de visserij. De plaatsen hebben dus niet zoveel binding met het omliggende vaste land, maar wel met de aangrenzende zee. Dergelijke locaties zijn ook aantrekkelijk voor het toerisme en daarmee kunnen traditionele vissersdorpen zich uiteindelijk ontwikkelen tot badplaats (waarbij het belang van de visserij (in elk geval in relatieve zin) minder groot wordt.

Toeristendorp[bewerken]

Ook dorpen in het binnenland kunnen veelvuldig door toeristen bezocht gaan worden met als gevolg dat ook deze dorpen authenticiteit/oorspronkelijkheid zullen verliezen (terwijl zeker in eerste instantie de dorpen juist vaak om de authentieke tradities en/of bebouwing voor de toeristen in trek zijn).

Andere type dorpen per land[bewerken]

Buitenlandse gebiedsindelingen met dorps karakter[bewerken]

  • In Duitsland is een Ortsteil vaak een (voormalig) dorp en onderdeel van een stad of gemeente
  • In Japan is een 'dorp' (村, mura of son) een lokale bestuurlijke eenheid
  • In Italië is de gebiedsindeling frazione vaak een dorp
  • In Polen is de gebiedsindeling sołectwo vaak een dorp
  • In Portugal is de gebiedsindeling freguesia vaak een dorp

Plaatsnamen met 'dorp'[bewerken]

Verstedelijking[bewerken]

Genk groeide door de snelle ontwikkeling van de mijnbouw uit tot kleine stad.
Hoewel tegenwoordig een voorstad van Antwerpen heeft Schoten nog dorpse bebouwing zoals Pastorie Sint Cordula.

Dorpen verliezen letterlijk en figuurlijk terrein aan steden: verstedelijking. Deze beweging is duidelijk in gang gezet door de industriële revolutie en in ieder geval sindsdien is het een min of meer voortdurend proces, al gaat de verstedelijking niet altijd even snel. Zeker in de westerse wereld zijn bovendien ook tegengestelde ontwikkelingen mogelijk (Suburbanisatie), al heeft dit tot paradoxaal effect dat ook deze dorpen verstedelijken.

Verstedelijking werkt gelijktijdig op 3 manieren:

  • Steden groeien doordat mensen uit dorpen daar om uiteenlopende redenen naartoe trekken, vaak gaat het vooral om sociaal-economische belangen, zoals kansen op het vinden van (beter betaald) werk. De trek naar de stad blijkt uiteindelijk in veel landen dan niet het gewenste effect te hebben.[1][2] In 2016 liepen ook in Nederlandse gebieden dorpen leeg, er wordt wel geprobeerd deze ontwikkeling tegen te gaan (zie ook onderaan dit hoofdstukje).[3][4]
  • Steden groeien naar dorpen toe en breidden zich dan vervolgens rond deze dorpen uit, waarmee de dorpen in het stedelijke gebied opgaan.
  • Dorpen groeien zelf uit tot stad. Dit kan zijn in de vorm van een op zichzelf staande stad. Ook kunnen het voorsteden worden van een naburige grote stad: de plaats gaat dan op in de agglomeratie van de grote stad, waarbij ook nog andere woonplaatsen zijn aangesloten.

Het opgaan in stedelijk gebied en het zelf groter groeien tot stad kunnen uiteindelijk dus ongeveer hetzelfde betekenen. Of er sprake is van groei van een stad naar een dorp, of dat de groei zich vanuit het dorp volstrekt is dan ook niet altijd even goed te bepalen en ook kan beide tegelijkertijd gebeuren. Naarmate landen meer georganiseerd zijn wordt verstedelijking meer gepland en is het helemaal niet meer uitsluitend een autonoom proces van afzonderlijke steden of dorpen. Ook het (in naam) behouden blijven van dorpen/dorpsgrenzen of handhaving van dorpse karakters/bebouwing kan met bestuurlijke planning beïnvloed worden (of dat wordt in elk geval geprobeerd).

Wetenswaardigheden[bewerken]

Externe Link[bewerken]

Zoek dit woord op in WikiWoordenboek
Algemeen: Ecotoop · Landvorm · Landschap · Landschapselement · Nederlandse landschappen
Vlakvormig: Abschnittsmotte · Achterkade · Beekdal · Beemd · Begraafplaats · Bolle akker · Bos · Brink · Brinkdorp · Broek · Del · Dorp · Droogmakerij · Duin · Eiland · Eng · Enk · Es · Esdorp · Fort · Geriefbos · Gors · Griend · Haven · Heuvel · Houtkade · Inlaag · Karreveld · Kerkhof · Kolk · Kraag · Kreek · Kreekrug · Kromakker · Kwelder · Landgoed · Legakker · Lintdorp · Luchthaven · Maat · Made · Mede · Marke · Meer · Meerstal · Meetje · Meet · Moeras · Mijnsteenheuvel · Oeverwal · Pestbosje · Petgat · Pingoruïne · Plas · Poel · Polder · Raatakker · Rak · Redoute · Rivier · Rivierstrand · Rustbosje · Schans · Schol · Schor · Slik · Sluis · Stad · Stelle · Stinswier · Strand · Strandwal · Strang · Stroomrug · Struweel · Stuwmeer · Stuwwal · Terril · Terp · Uiterwaard · Veenkoepel · Veenlens · Veenkolonie · Veenpolder · Veenplas · Veenterp · Ven · Vesting · Viskenij · Visvijver · Vliedberg · Vliegveld · Vloeiveld · Vloeiweide · Waai · Wad · Weel · Weide · Weiland · Wiel · Wierde · Zee
Lijnvormig: Aarden dam · Aquaduct · Autosnelweg · Autoweg · Bandijk · Barrage · Beek · Berceau · Berm · Boezem · Brandsloot · Dam · Diep · Dijk · Doodweg · Dromerdijk · Enkwal · Fietspad · Fietsstrook · Gracht · Grubbe · Haag · Ha-ha · Heg · Holle weg · Houtkant · Houtsingel · Houtwal · Jaagpad · Kaai · Kade · Kanaal · Kerkpad · Krib · Laan · Landscheiding · Landgraaf · Landweer · Lijkweg · Maar · Molengang · Muraltmuur · Opvaart · Ossengang · Pad · Reeweg · Ringdijk · Ringvaart · Rivier · Schipsloot · Schipvaart · Schurveling · Singel · Singelgracht · Slaperdijk · Sloot · Snelweg · Spoorweg · Steenberg · Strandhoofd · Strekdam · Stuwdam · Tiendweg · Trambaan · Trekpad · Trekvaart · Trottoir · Tunnel · Turfvaart · Tuunwal · Uiterdijk · Vaart · Veenkade · Veendijk · Vlechtheg · Voetpad · Wakerdijk · Wandelpad · Weg · Wetering · Wieke · Wijk · Wierdijk · Wildwal · Zeedijk · Zwetsloot
Puntvormig: Banpaal · Bermmonument · Boe · Boerderij · Boerenkuil · Boô · Borg · Brug · Buitenplaats · Burcht · Coupure · Daliegat · Dobbe · Duiker · Eendenkooi · Galg · Gemaal · Grafheuvel · Grenspaal · Hagelkruis · Havezate · Hoeve · Hollestelle · Hoogholtje · Hunebed · Inlaat · Inundatiesluis · Kasteel · Kerkgebouw · Kwakel · Molen · Mottekasteel · Overlaat · Overweg · Pijp · Pomp · Ringwalburcht · Rolpaal · Schaapvolt · Stuw · Til · Turfput · Veenput · Verlaat · Viaduct · Vijver · Voorde · Waterpomp · Waterput · Watertoren