Swing state

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een swing state of kantelstaat (Engels: swing state) of een strijdstaat (Engels: battleground state) is een staat van de Verenigde Staten waar geen van de presidentskandidaten een duidelijke meerderheid heeft.

Het Amerikaanse kiesstelsel is zo georganiseerd dat de presidentskandidaten de staten afzonderlijk moeten winnen. Vervolgens mag die staat naar weging van het aantal inwoners dan een aantal zogenaamde kiesmannen afvaardigen, die de president verkiezen. Het maakt dus niet uit of een staat met groot of klein verschil gewonnen wordt (de uitzonderingen op deze regel zijn Nebraska en Maine). De aandacht van de kandidaten ligt daarom slechts bij de staten waar de winnaar nog niet duidelijk is. Dit zijn de swing states.

Het bekendste voorbeeld van een strijdstaat van de verkiezingen van 2000 is Florida. Daar bleek na diverse hertellingen en een beslissing van het Hooggerechtshof dat George W. Bush 537 méér stemmen had dan Al Gore en daardoor de staat won én de verkiezingen, ook al had Al Gore in totaal meer stemmen.

Geschiedenis[bewerken]

Uitslag 2000[bewerken]

Hieronder de uitslag van enkele staten van de verkiezingen van 2000.

Winst voor George W. Bush   Winst voor Al Gore
Staat % verschil stemmen Staat % verschil stemmen
Arizona 6 96.311 Iowa 0,32 4.144
Arkansas 5 50.172 Maine 5 33.335
Colorado 9 145.518 Michigan 5 217.279
Florida 0,01 537 Minnesota 2 58.607
Louisiana 8 135.527 New Mexico 0,06 366
Missouri 3 78.786 Oregon 0,44 6.765
Nevada 4 21.597 Pennsylvania 5 204.840
New Hampshire 1 7.211 Washington 5 138.788
Ohio 5 165.019 Wisconsin 0,22 5.708
Tennessee 4 80.229
Virginia 8 220.200
West Virginia 6 40.978

Swing states in 2004[bewerken]

Welke staten in de verkiezingen van 2004 strijdstaten waren, werd geprobeerd te bepalen met behulp van peilingen. Analisten dachten dat de staten Florida, Pennsylvania en Ohio de belangrijkste staten om te winnen waren, en dat bleek te kloppen.

In een artikel in de Washington Post van 28 april 2004 beschreef de krant de waarschijnlijke kantelstaten: Florida, Iowa, Minnesota, Missouri, Nevada, New Hampshire, New Mexico, Ohio, Oregon, Pennsylvania, Tennessee en Wisconsin.

The New York Times benoemde op 24 oktober de volgende negen staten als kantelstaat: Colorado, Florida, Iowa, Minnesota, Nevada, New Mexico, Ohio, Oregon en Wisconsin.

Swing states in 2008[bewerken]

Strijdstaten bij de presidentsverkiezingen van 2008. Het verschil tussen winst en verlies bedraagt telkens niet meer dan 6 procent.

In 2008 waren de strijdstaten Florida, Georgia, Indiana, Missouri, Montana, North Carolina, Ohio en Virginia (zie kaart).

Swing states in 2012[bewerken]

Trouw benoemde in 2012 elf sleutelstaten: Colorado, Florida, Iowa, Michigan, Nevada, New Hampshire, North Carolina, Ohio, Pennsylvania, Virginia en Wisconsin.[1]

Bronnen, noten en/of referenties