Naar inhoud springen

Transport express régional

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Transport Express Régional)
Regionale treinen in Frankrijk
Transport express régional
Transport express régional
Locatie
Land Vlag van Frankrijk Frankrijk
Status en tijdlijn
Actief vanaf 31 maart 1984Bewerken op Wikidata
Beheer
Trajecten 260
Stations 2.575
Links
Officiële website
Portaal  Portaalicoon   Openbaar vervoer

Het regionaal treinverkeer in Frankrijk, historisch gekend als transport express régional (TER, letterlijk "regionaal expresvervoer"). omvat de netwerken van reizigerstreinen die door de verschillende regio's van Frankrijk worden georganiseerd en gesubsidieerd. Het gaat zowel om de voorstadstreinen en andere stoptreinen, als om sneltreinen naar naburige regio's en/of naar Parijs. Sinds eind de jaren 2010 vallen ook bepaalde intercitytreinen met verplichte reservering onder de regionale treinen. In één regio valt er ook een regionale hogesnelheidstrein (TER GV) onder. Samen omvatten deze regionale treinen het overgrote merendeel van het gesubsidieerde spoorvervoer in Frankrijk, aangezien de Franse centrale overheid hier slechts beperkt actief is (enkel de Intercités). De vervoerders die deze regionale treindiensten uitvoeren in opdracht van de Franse regio's, zijn de SNCF en sinds de opening voor concurrentie (2025) ook Transdev en later RATP Dev.

Hoewel de naam TER algemeen gebruikt wordt, is die in de jaren 2020 niet meer correct als algemene term, omdat dit slechts een commerciële merknaam is, gebruikt door een van de vervoerders in dienst van de regio's, namelijk door spoorwegmaatschappij SNCF, de historische monopolist. Daarnaast gebruikt de SNCF de benaming TER niet alleen voor haar treinen maar ook voor het vervoer per touringcar dat het rijdt in opdracht van de regio's.

Treinnetwerken van de verschillende Franse regio's

[bewerken | brontekst bewerken]
Regio Logo Naam van het netwerk Voormalige naam
Auvergne-Rhône-Alpes
TER Auvergne-Rhône-Alpes
Bourgogne-Franche-Comté
TER Bourgogne-Franche-Comté
Bretagne
TER BreizhGo TER Bretagne
Centre-Val de Loire
Train Rémi TER Centre-Val de Loire
Grand Est
TER Fluo TER Grand Est
Hauts-de-France
TER Hauts-de-France
Île-de-France Transilien
Normandië
Nomad Train TER Normandie
Nouvelle-Aquitaine
TER Nouvelle-Aquitaine
Occitanie
liO Train TER Occitanie
Pays de la Loire Aléop en TER TER Pays de la Loire
Provence-Alpes-Côte d'Azur
TER Zou ! TER Provence-Alpes-Côte d'Azur

De SNCF startte het TER-systeem in 1984 om veel regionale lijnen te exploiteren. Sinds het einde van de jaren 1990 is het nauw gecoördineerd met de regionale raden, die een overeenkomst ondertekenen met de SNCF op de aangewezen routes, het aantal verbindingen, de tarieven en het dienstniveau.

TER-diensten worden gesubsidieerd door de Franse overheid. Gemiddeld komt 72% van de kosten ten laste van de Staat en de regionale raden, terwijl de reizigers de overige 28% van de kosten betalen. De kosten van de regio's vertonen een stijgende tendens omdat de regionale raden het aantal diensten gestaag uitbreiden.

Het geringe rendement van het TER-systeem is vooral te wijten aan de manier waarop de diensten worden gebruikt door het reizende publiek, met woon-werkverkeer in de ochtend en 's avonds, maar veel onderbenutting gedurende de rest van de dag. Bovendien is het aantal passagiers niet bijzonder hoog: de treinen hebben een gemiddelde bezetting van ongeveer 76 reizigers per trein (2009).[1]

TER-treinen bestaan uit enkele of meervoudige treinstellen met aandrijving door een dieselmotor, elektrisch of dual-mode. Naast de treinstellen worden ook Corailrijtuigen ingezet, die eerder gebruikt werden op intercityroutes.

Overdracht van het beheer

[bewerken | brontekst bewerken]

Zeven regio's hebben sinds 1997 geëxperimenteerd met de overdracht van het beheer van het regionale spoorwegnet: Alsace, de Centre-Val de Loire, Nord-Pas-de-Calais, Provence-Alpes-Côte d'Azur, Rhône-Alpes en de Pays de la Loire (Loire), en sinds januari 1999 Limousin.

In 1998 was in deze zeven regio's het verkeer met gemiddeld 4,9% toegenomen, in vergelijking met 3,2% in andere regio's.

Om zich voor te bereiden op de toenemende decentralisatie van het netwerk ondertekenden een paar andere regio's de conventions intermediaires: Haute-Normandie in september 1997, Midi-Pyrénées en Bourgogne in november 1997, Picardië in januari 1998, en Lotharingen in februari 1998.

Geschiedenis van de regionalisering van passagierstreinen

[bewerken | brontekst bewerken]
  • 31 maart 1994: De publicatie van het rapport Regions, SNCF: vers un Renouveau du service public door de Hubert Haenel-Commissie.
  • 4 februari 1995: De wet van het beheer en de ontwikkeling van het grondgebied organiseerde de overdracht van de verantwoordelijkheid van collectief vervoer in het belang van administratieve regio's.
  • 19 december 1996: Ondertekening van de eerste conventie met de regio van Rhône-Alpes.

Invloed van begrotingscommissie op het openbare spoorwegnet

[bewerken | brontekst bewerken]

Verschillende cijfers vrijgegeven door de regio's:

RegioBudgetAandeel van het regionale budgetStatus
Alsace€ 220 miljoen39%(2004)experimentele regionalisering sinds 1997
Bourgogne€100 miljoen14%(2005)
Bretagne€100 miljoen25%(2005)
Champagne-Ardennes€ 55 miljoen12,5%(2004)
Franche-Comté€ 70 miljoen20%(2005)
Lorraine€ 250 miljoen45%(2005)
Picardie€ 130 miljoen20%(2002)tussentijdse overeenkomst sinds januari 1998
Nord-Pas-de-Calais€ 260 miljoen21%(2003)experimentele regionalisering sinds 1997
Rhône-Alpes€ 500 Miljoen30%(2005)experimentele regionalisering sinds 1997

Deze cijfers houden geen rekening met uitgaven voor de infrastructuur.

Veel regio's zijn ontevreden over geleverde diensten door de nationale spoorwegmaatschappij SNCF. De regio's zijn verplicht alle treindiensten door de SNCF te laten uitvoeren. De kostprijs die de SNCF vraagt voor de geleverde treindiensten is niet onafhankelijk te toetsen. De SNCF heeft hierdoor een grote machtspositie. Er wordt nagedacht over de hervorming van het spoorstelsel, waarbij de regio's het recht (en misschien de plicht) krijgen om de regionale treindiensten uit te besteden, zoals in diverse andere Europese landen het geval is.

Met de herinrichting van de regio's van 1 januari 2016 worden de bestaande TER's van de oude regio's samengevoegd. Hiervoor is vijf jaar de tijd. De samengevoegde regio's moeten wederom samenwerkingscontracten met de SNCF afsluiten. Op de achtergrond zijn er de Europese regels die het uitbesteden van de regionale treinconcessies aan commerciële partijen vanaf 2019 mogelijk maken en verplicht stellen in 2026. De SNCF en de spoorvakbonden wilden contracten afsluiten voor 2019 zodat concurrentie zo lang mogelijk buiten de deur wordt gehouden.[2] Sommige nationale treindiensten, die binnen een nieuwe regio plaatsvinden zullen mogelijk overgeheveld worden naar de TER treindiensten. De toekomst van de interregionale verbindingen, de Intercitées staat ter discussie.[3]

TET-treindiensten

[bewerken | brontekst bewerken]

Naarmate de TGV-treindiensten zich uitbreidden verdwenen de meeste traditionele nationale langeafstandstreinen (Trains Grandes Lignes). De 24 landelijke treindiensten (ook nachttreinen) die overbleven werden gegroepeerd onder de naam 'trains d'équilibre du territoire' (TET). De meeste van deze treindiensten hebben subsidie nodig en daarom willen de Franse spoorwegen en de landelijke overheid deze treindiensten overhevelen naar de regionale overheden. Die willen deze verantwoordelijkheid dragen, mits de huidige landelijke subsidies voor deze treindiensten doorgezet worden naar de regio's. De regio's hebben beperkte financiële middelen en hebben moeite om de huidige TER-treindiensten te handhaven. Bovendien is het gebruikte treinmaterieel voor de TET diensten verouderd. Er was sprake dat deze treindiensten in concessie gegeven zouden worden aan commerciële bedrijven, maar dit ligt politiek gevoelig. De paar marginale TET-treindiensten die werden aangeboden aan privébedrijven waren niet interessant genoeg voor de bedrijven.[bron?]

Met het samenvoegen van regio's kwamen sommige van deze treindiensten binnen een regio te liggen of binnen twee aangrenzende regio's. Na lange onderhandelingen tussen de staat en de regio's werden 18 van de 24 TET-diensten overgedragen aan de regio's. Dit worden dus TER-treindiensten. Dit zal geleidelijk aan gebeuren in de periode 2017–2020. De overgedragen TET-diensten zijn:[4]

  • Regio Grand-Est: Hirson - Metz en Reims - Dijon (2017), Paris - Troyes - Belfort (2018)
  • Regio Nouvelle-Aquitaine: Bordeaux - La Rochelle, Bordeaux - Limoges en Bordeaux - Ussel (2018)
  • Regio Hauts-de-France: Paris - Amiens - Boulogne, Paris - Saint-Quentin - Maubeuge/Cambrai (2019)
  • Regio Occitanie: Clermont-Ferrand - Nîmes (genaamd Cévenol, 2018). De lijn Clermont-Ferrand - Béziers zal gedurende twee jaar als experiment gezamenlijk worden beheerd door de staat en regio.
  • Regio Centre-Val de Loire: Paris - Montargis - Nevers, Paris - Orléans - Tours en Paris - Bourges - Montlucon (2018)
  • Regio Normandie: Paris - Caen - Cherbourg, Paris - Rouen - Le Havre, Paris - Granville, Caen - Le Mans - Tours en Paris - Serquigny (2020)

De SNCF is de historische monopolist en reed tot 2025 alle regionale treinen in Frankrijk, en sindsdien het merendeel.

Zie Transdev voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Transdev won in 2021 een eerste regionale vervoerscontract, met de sneltrein Marseille - Toulon - Nice, een lot van de treindiensten van Zou ! van de regio Provence-Alpes-Côte d'Azur. Transdev startte hier in juni 2025.

Zie RATP Dev voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

RATP was initieel enkel actief in de regio Île-de-France. RATP Dev won in 2025 een eerste regionale vervoerscontract buiten die regio, met de Étoile de Caen, een lot van de treindiensten Nomad Train van de regio Normandië (regio) die ze vanaf 2027 zal rijden.

Voor de TER-diensten wordt volgend materieel veelvuldig ingezet:

Treinstellen (X = diesel, Z = elektrisch, B = beide, bimode):

Beperkt ingezet: