Wereldkampioenschappen kunstschaatsen 1933

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De Wereldkampioenschappen kunstschaatsen 1933 werden gevormd door drie toernooien die door de Internationale Schaatsunie werden georganiseerd.

Voor de vrouwen was het de 21e editie, voor de paren de negentiende. Deze twee kampioenschappen vonden plaats op 11 en 12 februari in Stockholm, Zweden. Stockholm was voor de achtste maal gaststad, voor Zweden gold dit als gastland.

Voor de mannen was het de 31e editie. Dit kampioenschap vond plaats op 8 en 19 februari in Zürich, Zwitserland. Het was de eerste keer dat een WK toernooi in Zürich plaatsvond. Het was de tiende keer dat het gastland een WK toernooi organiseerde, Davos (8x) en Sankt Moritz (1x) waren eerder gaststad.

Deelname[bewerken]

Er namen deelnemers uit elf landen deel aan deze kampioenschappen. Zij vulden 24 startplaatsen in. België werd voor de vijfde keer vertegenwoordigd op een WK toernooi, Yvonne De Ligne-Geurts nam voor de vierde keer deel in het vrouwentoernooi.

(Tussen haakjes het totaal aantal startplaatsen in de drie toernooien.)
Vlag van Oostenrijk Oostenrijk (6)
Vlag van Noorwegen Noorwegen (4)
Vlag van Zweden Zweden (3)
Vlag van Duitsland tijdens de Weimarrepubliek Weimarrepubliek (2)
Vlag van Verenigd Koninkrijk Verenigd Koninkrijk (2)
Vlag van Zwitserland Zwitserland (2)
Vlag van België België (1)
Vlag van Finland Finland (1)
Vlag van Frankrijk Frankrijk (1)
Vlag van Hongarije (1920-1946) Hongarije (1)
Vlag van Tsjecho-Slowakije Tsjecho-Slowakije (1)

Medailleverdeling[bewerken]

Bij de mannen prolongeerde Karl Schäfer de wereldtitel, het was zijn vierde titel oprij. Het was zijn zevende medaille, in 1927 werd hij derde en in 1928 en 1929 tweede. Ernst Baier legde beslag op de zilveren medaille, het was zijn derde medaille, in 1931 en 1932 won hij de bronzen medaille. Markus Nikkanen veroverde met zijn bronzen medaille de eerste medaille namens Finland in het mannentoernooi. Voor hem had alleen het paar Ludowika Jakobsson-Eilers / Walter Jakobsson medailles voor Finland veroverd.

Bij de vrouwen prolongeerde Sonja Henie de wereldtitel, het was haar zevende titel oprij. Ze vestigde hiermee een uniek record, Ulrich Salchow won zijn eerste zeven titels bij de mannen met een onderbreking (1901-1905 + 1907-1908). Vivi-Anne Hultén veroverde met de zilveren medaille haar eerste medaille. Hilde Holovsky won middels de bronzen medaille haar tweede medaille, in 1931 werd ze tweede.

Bij de paren veroverden Rotter / Szollás voor de tweede keer de wereldtitel, in 1931 behaalden ze de eerste titel. Het was hun derde medaille, in 1932 werden ze tweede. Het paar Papez / Zwack behaalden hun tweede medaille, in 1931 wonnen ze brons. Voor Bakken / Christensen die de bronzen medaille veroverden was het hun eerste medaille.

Discipline Goud Zilver Brons
Mannen Vlag van Oostenrijk Karl Schäfer Vlag van Duitsland tijdens de Weimarrepubliek Ernst Baier Vlag van Finland Markus Nikkanen
Vrouwen Vlag van Noorwegen Sonja Henie Vlag van Zweden Vivi-Anne Hultén Vlag van Oostenrijk Hilde Holovsky
Paren Vlag van Hongarije (1920-1946) Emelie Rotter / László Szollás Vlag van Oostenrijk Idi Papez / Karl Zwack Vlag van Noorwegen Randi Bakken / Christen Christensen

Uitslagen[bewerken]

pc = plaatsingcijfer

Mannen[bewerken]

Er deden tien mannen uit zes landen mee, waaronder vier debutanten.

# naam (deelname) land pc
Goud Karl Schäfer (7) Vlag van Oostenrijk 7
Zilver Ernst Baier (3) Vlag van Duitsland tijdens de Weimarrepubliek 11
Brons Markus Nikkanen (4) Vlag van Finland 17
4 Erich Erdös Vlag van Oostenrijk 17
5 Herbert Haertel (3) Vlag van Duitsland tijdens de Weimarrepubliek 28
6 Eduard Scholdan Vlag van Oostenrijk 28
7 Rudolf Praznovsky (2) Vlag van Tsjecho-Slowakije 38
8 Edwin Keller Vlag van Zwitserland 41
9 Jean Henrion (2) Vlag van Frankrijk 46
10 Othmar Jordi Vlag van Zwitserland 46

Vrouwen[bewerken]

Er deden negen vrouwen uit vijf landen mee, waaronder twee debutanten. Een van de debutanten, Liselotte Landbeck, was de kersverse en eerste wereldkampioene bij het allround schaatsen dat op 5 en 6 februari in Oslo plaats had gevonden.

# naam (deelname) land pc
Goud Sonja Henie (9) Vlag van Noorwegen 5
Zilver Vivi-Anne Hultén (3) Vlag van Zweden 14
Brons Hilde Holovsky (2) Vlag van Oostenrijk 15
4 Megan Taylor (2) Vlag van Verenigd Koninkrijk 18
5 Cecilia Colledge (2) Vlag van Verenigd Koninkrijk 24
6 Liselotte Landbeck Vlag van Oostenrijk 31
7 Nanne Egedius (2) Vlag van Noorwegen 37
8 Yvonne De Ligne-Geurts (4) Vlag van België 38
9 Erna Andersen Vlag van Noorwegen 43

Paren[bewerken]

Vijf paren uit vier landen namen dit jaar deel aan het WK, waaronder twee debuterende paren uit het gastland.

# naam (deelname) land pc
Goud Emília Rotter (4)
László Szollás (4)
Vlag van Hongarije (1920-1946) 7
Zilver Idi Papez (2)
Karl Zwack (2)
Vlag van Oostenrijk 8
Brons Randi Bakke (2)
Christen Christensen (2)
Vlag van Noorwegen 18
4 Anna-Lisa Rydquist
Einar Törsleff
Vlag van Zweden 21
5 Dagmar von Kothen
Fred Ericson
Vlag van Zweden 21