Wilhelmina Drucker

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Wilhelmina Drucker
Wilhelmina Drucker IMG0020.tif
Algemene informatie
Volledige naam Wilhelmina Elizabeth Drucker
Geboren 30 september 1847
Overleden 5 december 1925
Parlement & Politiek - biografie
Portaal  Portaalicoon   Politiek
Nederland
Wilhelmina Drucker
Plaquette bij Atria
Wilhelmina Drucker wordt in 1917 ter gelegenheid van haar zeventigste verjaardag geportretteerd door Truus Claes (1890 - 1954).

Wilhelmina Drucker (geboren als Wilhelmina Elizabeth Lensing, Amsterdam, 30 september 1847 - aldaar, 5 december 1925) was een Nederlands politicus, een van de eerste Nederlandse feministen, schrijfster en vredesactiviste. Ze schreef behalve onder haar eigen naam ook onder de pseudoniemen Gipsy, Gitano en E. Prezcier.

Biografie[bewerken]

Drucker was de jongste van de twee dochters van modiste Constantia Christina Lensing (1815-1902) en Louis Drucker (1805-1884), een bankier van Duitse afkomst. Omdat haar vader weigerde met haar moeder te trouwen of de meisjes als zijn wettig kinderen te erkennen, groeide Drucker op in kommervolle omstandigheden; al droeg Drucker wel bij aan hun levensonderhoud. [1] [2] De meisjes stonden wel op school en in de kerk onder de naam Drucker ingeschreven. Haar moeder verdiende een karig bestaan als naaister. Haar vader ging samenwonen met een andere vrouw, die op dat moment al een zoon had uit een eerdere relatie. Samen met haar kreeg Louis nog zes kinderen. Deze zes hoefden niet te werken, en daarbij kregen de jongens de mogelijkheid te studeren, terwijl de oudste zussen Louis en Wilhelmina al op jonge leeftijd aan de slag moesten als wollennaaister.

De achterstelling en tegenwerking die Drucker in haar jeugd als jong en "onecht" kind ondervond, vormde later een extra motivatie voor haar feministische activiteiten: toen Drucker 22 jaar was trouwde haar vader met de vrouw waarmee hij samenleefde en de zes kinderen die ze samen hebben erkende hij als de zijne. Daarmee worden deze kinderen 'echt', en bijgevolg ook wettelijk zijn erfgenamen. Louise, Wilhelmina en alle kinderen die Louis had bij andere vrouwen [3]konden geen aanspraak maken op een vaderlijk erfdeel. [2] Drucker woonde vanaf 1886 vergaderingen bij van de Sociaal-Democratische Bond, staatkundige vereniging De Unie, de Nederlandsche Bond voor Algemeen Kies- en Stemrecht en de vrijdenkersvereniging De Dageraad. Het werk van Multatuli was een grote inspiratiebron voor haar, zoals dat gold voor zoveel andere vrouwen verbonden met de Dageraad. [4] Het socialisme had een grote vormende invloed op haar, hoewel zij niets zag in de klassenstrijd. Ze werd dan ook geen lid van de Sociaal-Democratische Bond.

George David[bewerken]

Haar vader overleed in 1884 en Mina en haar zuster Louise was maar een klein deel van de erfenis toebedacht. Terwijl de 'echte' kinderen een vermogen toekwam. Om hun oudste halfbroer de liberale politicus Hendrik Lodewijk Drucker onder druk te zetten schreef ze met haar zus Louise [5] onder de pseudoniemen G. en E. Prezcier de sleutelroman George David (1885) [6] waarin zij hun halfbroer verantwoordelijk stelden voor de dood van zijn halfbroer van moederszijde. Die tweede vrouw had - volgens hen - hun vader ingepalmd en haar oudste zoon George David verwaarloosd.

Therese Temme was in 1855 in Amsterdam komen wonen, en woonde met haar zoontje op verschillende adressen, voordat ze twee jaar later bij Drucker op de Doelenstraat introk. George David werd in de kost gedaan bij een schoenmaker op de Kromboomsloot bij de Nieuwmarkt. Daar leert hij het vak. Pas in 1869 trouwt Therese met Drucker, na de geboorte van vijf kinderen. Drucker verhuist met zijn gezin naar Voorschoten. George David blijft achter in Amsterdam. Als George 19 jaar oud is, verhuist de schoenmaker met zijn gezin, en gaat de schoenmakersleerling George zelfstandig wonen. Op een februari-ochtend in 1878 werd het lijk van George David gevonden in het water van de Ringvaart bij Watergraafsmeer. Het kan zijn, dat hij in het donker per ongeluk te water is geraakt door de slechte verlichting, of was het zelfmoord? Ook dat kwam vaak voor.

Het boek was tevens een aanklacht tegen de dubbele moraal van hun vader, die kinderen uit een relatie met een rijkere vrouw wel erkende. De schrijfsters hadden hun boek gemodelleerd naar Multatuli's Max Havelaar. Ook hier voert de hoofdpersoon een strijd voor recht en waarheid, is het taalgebruik recht voor zijn raap, wordt er gespeeld met realiteit en fictie, worden de lezers meermalen verzekerd dat er nog meer bewijzen liggen, en wordt er gedreigd dat die openbaar te maken. Aan het eind van het boek - daar waar Multatuli zich richt tot de konning - leggen de zussen hun aanklacht in de hand van "mannen uit oude en fiere geslachten". [7] Ze begonnen een rechtszaak tegen haar halfbroer. Het boek werd zeer slecht ontvangen door de kritiek, "levend Hollandsch" [8] zoals de Max Havelaar dat was het niet. Ondanks dat, werd het boek zeer goed verkocht, in 1886 werd nog een tweede druk van het boek uitgebracht, ook werd er nog een verkorte duitse vertaling uitgebracht. [9] Zonder direkt resultaat. Andere zeer militante publicaties tegen de wettige erfgenamen van hun vader volgden. [10] Hendrik Lodewijk was zeer gebelgd over het boek. George David was verdronken in een Amsterdamse gracht. En volgens de zussen had Hendrik Lodewijk kort voor die mogelijke zelfmoord met zijn halfbroer George David een ontmoeting gehad. In een poging om alle kritiek te doen stoppen, werd de gehele oplage van het boek door de professor opgekocht en vernietigd. Slechts een exemplaar overleefde, en is nu te vinden in de universiteitsbibliotheek van de UVA. [11]

In 1865 en de jaren daarna bezocht Drucker geregeld de vergaderingen van de Sociaal-Democratische Bond (SDB), de staatkundige vereniging De Unie, de Nederlandsche Bond voor Algemeen Kies- en Stemrecht en de vrijdenkersvereniging De Dageraad, alle ontmoetingsplaatsen voor socialisten, radicalen, democraten en vrijdenkers en bewonderaars van Multatuli. Mina bezocht ook de vergaderingen van de socialisten in het "Volkspark" te Amsterdam. Daar ontmoette ze Joan Nieuwenhuis, die redacteur was van het Groninger Weekblad (later omgedoopt tot Radicaal Weekblad) en dat tijdens de vergaderingen te koop werd aangeboden. In haar eerste bijdrage in het Groninger Weekblad in 1887, wordt Multatuli de "kolossus van het woord" genoemd en voorspelde ze dat Dekker een waardig opvolger zou krijgen: "Multatuli's doodgezwegen strijd bracht Domela Nieuwenhuis voort, na de man van het woord, de man van de daad". [12] [13] Eind 1888 was er een wedstrijd voor de beste oorspronkelijke novelle, die als feuilleton zou worden gepubliceerd in het blad. De winnaar was: Mammon, een Kerstavond in het rijk Fantasio, van de hand van Mina, onder het speudoniem Gipsy. Daarin stelde ze vele misstanden in de samenleving aan de kaak. Haar direkte taalgebruik veroorzaakte veel misbaar. Joan Nieuwenhuis wilde van die kritiek niets weten, en hij nam Mina zelfs op in de redactie van het blad. Joan zorgde er ook voor, dat Mina in contact kwam met haar halfbroer professor H.L.Drucker. Zo kon ze een minnelijke schikking bereiken over het boekje dat ze samen met haar zus Louise had geschreven. Uiteindelijk kregen de beide zussen het hun toekomende erfdeel, en werden ze financieel onafhankelijk.

Politieke activiteiten[bewerken]

Door de schikking in 1888 kon Drucker zich verder zonder geldzorgen wijden aan de politiek. Ze richtte, samen met andere vrouwen uit radicale en socialistische hoek, het weekblad voor vrouwen en meisjes De Vrouw op. In 1889 richt Drucker met vrouwen uit de kringen van de Sociaal-Democratische Bond de Vrije Vrouwen Vereeniging (VVV) op, waaruit zich in 1894 de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht ontwikkelde, die politiek neutraal was.

Op 5 december 1889 las Drucker op de maandelijkse ledenvergadering van de VVV uit Multatuli's Minnebrieven de achtste geschiedenis van gezag voor. [14] Dat was de parabel over het melkmeisje Thugater (grieks voor dochter), dat door de mannen in haar gezin dom wordt gehouden. Leer haar niets, verbied haar het weten, begrijpen en begeren, want dat is "zondig" voor vrouwen! Deze fabel zal ze gedurende haar verdere loopbaan nog vele malen gebruiken om haar gehoor te overtuigen en haar feminisme uit te dragen.

In 1891 nam Drucker als afgevaardigde van de VVV deel aan het congres van de Tweede Internationale in Brussel. Op dit congres diende Drucker samen met afgevaardigden uit Duitsland, Oostenrijk en Italië, een resolutie in waarin socialistische partijen uit alle landen opgeroepen werden het streven naar volledige juridische en politieke gelijkheid van mannen en vrouwen in hun programma's op te nemen. Het congres aanvaardde deze resolutie.

In 1893 richtte Drucker samen met haar rechterhand Theodore (Dora) Haver het weekblad Evolutie op dat tot 1926 zou blijven bestaan. Ze gaf lezingen door het hele land, was betrokken bij de oprichting van enkele vakverenigingen voor vrouwen en werd in 1897 lid van de nieuw opgerichte Vereeniging Onderlinge Vrouwenbescherming (OV) om de belangen van de ongehuwde moeder en haar kind te behartigen. Drucker vond dat de OV een strijdorganisatie zou moeten zijn die alle vrouwen, ongehuwd of gehuwd, met of zonder kinderen, zou moeten verenigen in de strijd tegen onrechtvaardige wetten en verouderde zeden.[15] In 1902 werd Drucker secretaris van het Nationaal Comité inzake Wettelijke regeling van Vrouwenarbeid, dat de economische zelfstandigheid van vrouwen voorstond. Ze voerde vergeefs actie tegen het wetsvoorstel van het kabinet-Heemskerk (1908-1913) om vrouwelijke ambtenaren die trouwden te ontslaan. De VVV brak met de Sociaal-Democratische Bond vanwege het recht van vrouwen op arbeid en het kostwinnerschap. De SDAP en progressieve liberalen zetten tot Druckers teleurstelling het streven naar algemeen mannenkiesrecht voorop. Drucker bestreed de handel in wapens en stond internationale ontwapening voor. Ook steunde ze dienstweigeraars.

Dolle Mina[bewerken]

Drucker legde met de Vereeniging Onderlinge Vrouwenbescherming de basis voor latere strijdorganisaties als Blijf van mijn Lijf en Vrouwen tegen Verkrachting. De feministische beweging Dolle Mina, die in 1969 ontstond, werd naar een feministische variatie op de bijnaam van Drucker, IJzeren Mina, vernoemd.[bron?]

Eerbetoon[bewerken]

  • Op initiatief van het Comité huldeblijk Wilhelmina Drucker werd aan de Churchill-laan in Amsterdam ter ere van Wilhelmina Drucker een standbeeld geplaatst met de naam "De vrouw als vrije mensch". Het beeld is van de hand van Gerrit van der Veen. Op 23 januari 1970 werd bij het standbeeld van Drucker een korset verbrand door feministische actiegroep Dolle Mina's.
  • In veel steden en dorpen in Nederland zijn straten vernoemd naar Wilhelmina (of Mina) Drucker.
  • Sinds 2009 is er de Wilhelmina Drucker leerstoel aan de Universiteit van Amsterdam met als leeropdracht "De politieke geschiedenis van gender in Nederland". Mieke Aerts was de eerste hoogleraar die op deze leerstoel werd aangesteld.
  • Na het verschijnen van een Dolle Mina-bijlage in het weekblad Libelle besloot de redactie van het blad in 1970 de Wilhelmina Druckerprijs in te stellen. Tussen 1971 en 1974 werd de prijs uitgereikt aan "een persoon, groep of instelling die zich in de daar voorafgaande periode verdienstelijk had gemaakt voor de verbetering van de positie van de vrouw in de maatschappij."[16]

Literatuur[bewerken]

Publicaties van Drucker[bewerken]

  • Prezcier, G. en Prezcier, E.: George David, Amsterdam, Meijer, 1885. 2e druk Groningen, 1886. Heruitgave G Prezcier, E Prezcier, Deanne te Winkel-van Hall, Amsterdam, Engelbewaarder, 1976. Serie: De Engelbewaarder, jrg. 2, nr. 5
  • Over vrijen en trouwen, waar velen van houwen, s.l., s.n., 1905, p. 138-139
  • Vrouwenarbeid in het verleden en in het heden: rede gehouden op de Algemeene Vergadering van den Nationalen Vrouwenraad in Nederland op 26 april 1906 te Groningen, s.l., s.n., 1906, 10p.
  • Autour du travail de la femme, Amsterdam: s.n., 1911, 14p.
  • met M. Cohen Tervaert-Israëls, J. Rutgers, G. Kaptein-Muysken, Ch. Carno-Barlen, Est.H. Hartsholt-Zeehandelaar, Titia van der Tuuk, Martina G. Kramers, C.C.A. de Bruine-van Dorp, Lod. van Mierop, S. van Houten en J.C. de Bruïne: Moederschap: sexueele ethiek, Nationaal Comité voor Moederbescherming en Sexueele Hervorming, Almelo, Hilarius, 1913, 158p.
  • Waarom kiezen de vrouwen niet mee?, Amsterdam, Vrije Vrouwenvereeniging, 1915, 2p.
  • met M.W.H. Rutgers-Hoitsema, Martina G. Kramers, M.J. de Soete: Waarde voorstander(ster), Vereeniging "Nationaal Comité in zake wettelijke regeling van vrouwenarbeid", s.l., 1916, 1p.
  • met J.S.R. Baerveld-Haver, Nine Minnema, Jacoba F.D. Mossel, M.S. Wiener: Geen blinde volgelingen: opgedragen aan de leden der Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht, Amsterdam, s.n., 1916. 19p. Xeroks
  • De verbetering van het recht der vrouw. Par. 1. De Vrije Vrouwenvereeniging, Amsterdam, Elsevier, 1918, 14p. Overdruk uit De vrouw, de vrouwenbeweging en het vrouwensvraagstuk. Encyclopaedisch Handboek deel II onder redactie van C.M. Werker-Beaujon, Clara Wichmann en W.H.M. Werker p. 136-149.
  • Met W. Willink-Altes: Rapport van de Enquête-commissie, ingesteld door het Comité van Actie tegen het ontslag der gehuwde ambtenaressen, s.l., s.n., 1928. - 3 p.
  • Internationaal Archief voor de Vrouwenbeweging: jaarboek, (Yearbook International Archives for the Women's Movement I, Leiden: Brill, 1937, 175p., foto's

Literatuur over Drucker[bewerken]

  • Laatste nummer, gewijd aan de nagedachtenis van Mevr. W. Drucker (1847-1925) in leven redactrice van dit blad. - Amsterdam: Evolutie, 1926. - 16p., ill.
  • Braun, Marianne: Drie sprookjes van Wilhelmina Drucker: een bijdrage aan de cultuurgeschiedenis van het fin de siècle, Feminisme en verbeelding (1994), p. 11-29 Analyse van de drie eerste fictieve bijdragen van Drucker (1847-1925) in de eerste jaargang van het blad Evolutie, waarin ze zowel persoonlijke als politieke credo's vertolkte.
  • Braun, Marianne: De bij wil koningin worden: het feministisch sprookje van Wilhelmina Drucker, Biografie bulletin. 10 (2000), 3, p. 209-216
  • Braun, Marianne (et al.): De Hollandse binnenkamer II (Thema), Biografie bulletin. 10 (2000), 3, p. 200-216
  • Braun, Marianne: 'Bij de dood van een feministe: necrologieën over Wilhelmina Drucker', Biografie bulletin 14 (2004), 1(voorjaar), p. 40-46
  • Braun, Marianne: 'Wilhelmina Druckers geschiedenissen van Gezag', in: De minotaurus onzer zeden, Multatuli als heraut van het feminisme, red. Myriam Everard, Ulla Jansz. Aksant, Amsterdam, 2010, ISBN 978-90-5260-376-6
  • Brunt, Emma (ed): Mevrouw, ik groet U: necrologieën van vrouwen, Amsterdam, Rap, 1987. 200p.
  • Everard, Myriam: Missie aan de marge of aan het front?, Et.vt. 22 (2003), 2, p. 117-118 In de rubriek 'Geef de pen door...' besteedt auteur aandacht aan katholieke vrouwengeschiedenis en gaat ze kort in op Wilhelmina Drucker en haar verhouding tot het katholicisme.
  • Holtrop, Aukje (red.): Vrouwen rond de eeuwwisseling, Amsterdam: De Arbeiderspers, 1979. 204p.: lit. Eerder verschenen in Vrij Nederland. Portretten van vrouwen die zich rond 1900 zowel binnen als buiten de georganiseerde vrouwenbeweging met de positie van vrouwen bezighielden. Bevat tevens een inleiding over de eerste feministische golf. Bevat portretten van Mina Kruseman, Betsy Perk, Wilhelmina Drucker, Aletta Jacobs, Carry van Bruggen, Cornélie Huygens, Henriette Roland Holst-van der Schalk, Mathilde Wibaut, Carry Pothuis, Roosje Vos.
  • Otten, Esmeralda: 'Geen woorden, maar daden: de radikalinski's van de vrouwenbeweging', Savante 6 (1998), 23(voorjaar), p. 15-16 Wilhelmina Drucker (1847-1925) en Emmeline Pankhurst (1858-1928) behoorden tot de radicale vleugel van de vrouwenbeweging. Zij streden, beiden op hun eigen manier, voor het invoeren van vrouwenkiesrecht in respectievelijk Nederland en Engeland.
  • Polak, Anna: Mevrouw W. Drucker. 30 september 1847 - 5 december 1925, Amsterdam: Maatschappij voor Goede en Goedkoope Lectuur, 1926 p. 177-187 Uit: Leven en werken. Maandblad voor meisjes en vrouwen. XI (1926), nr. 3.
  • Reys, Jeske (red.), Tineke van Loosbroek (red.), Ulla Jansz (red.) et al.: De eerste feministische golf: zesde jaarboek voor vrouwengeschiedenis, Nijmegen, SUN, 1985. - 208p. ill.: lit. (Jaarboek voor vrouwengeschiedenis 6) Bundel met artikelen over de geschiedenis van de eerste feministische golf in Nederland, waarbij aandacht is besteed aan de verschillende groeperingen en stromingen binnen de vrouwenbeweging. Daarnaast zijn van een aantal vrouwen biografische artikelen opgenomen, zoals
    • Henneman, Maria: 'De vrouw als vrije mensch': een monument voor Wilhelmina Drucker en
    • Dieteren, Fia: De geestelijke eenzaamheid van een radicaal-feministe : Wilhelmina Druckers ontwikkeling tussen 1885 en 1878
  • Snijdelaar, Tosca: Portret van een radicale baanbreekster: Wilhelmina Druckers strijd voor de vrouw als vrije mens, Furore 9 (1992), (mrt), p. 18-22
  • te Winkel-van Hall, Deanna: Wilhelmina Drucker: de eerste vrije vrouw, Amsterdam: Stichting Internationaal Archief voor de Vrouwenbeweging, 1968, 84p

Externe links[bewerken]

Bronnen[bewerken]

  1. Kloek, Els (ed.): 1001 vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis, Nijmegen, Van Tilt, 2013, p 1082 - 1084, hier en elders gebruikt
  2. a b In De minotaurus onzer zeden, multatuli als heraut van het Feminisme, Aksant, 2010, Marianne Braun: Wilhelmina Druckers geschiedenissen van gezag, pag 129-146, ISBN 978-90-3260-376-6
  3. biografie Lensing
  4. Nieuwe Rotterdamsche Courant, 5 & 6 december 1889: Wilhelmina Drucker leest Dekkers Achtste geschiedenis van Gezag voor op een vergadering van de VVV
  5. Deanne te Winkel-van Hall: Voorwoord, De Engelbewaarder-5, oktober 1976
  6. G. en E. Precier , George David, Groningen, 1862, [2e druk: Amsterdam 1865]
  7. G. en E. Precier , George David, Groningen, 1862, pag 162
  8. VW, II, 317, Idee 41
  9. Deanne te Winkel-van Hall: Voorwoord,De Engelbewaarder-5, oktober 1976
  10. M. Everard, 'Een natuurlijke erfdochter. Wilhelmina Drucker en het kapitaal', Geld en goed. Jaarboek voor vrouwengeschiedenis, 17, 1997, 137-151
  11. Deanne te Winkel-van Hall: Voorwoord,De Engelbewaarder-5, oktober 1976: pagina 11 noot 17: Mededeling van mr. H.F.Wijnman, het duitse exemplaar van George David bevindt zich in de bibliotheek van het Internationale Instituut voor Sociale Geschiedenis.
  12. Wilhelmina Drucker, 'Aprilfeesten', Gronings weekblad, 19,3,1887
  13. Biografie Lensing
  14. Nieuwe Rotterdamsche Courant, 5 & 6 december 1889
  15. link naar artikel Myriam Everard op website BWSA met uitgebreid noten-apparaat
  16. http://www.npogeschiedenis.nl/andere-tijden/afleveringen/2003-2004/Optilon.html