Antoon Leonard de Rop
Antoon Leonard de Rop (Den Haag, 25 oktober 1837 - Amsterdam, 3 mei 1895) was een Nederlandse schrijver en dichter, met name voor kinderen.
[bewerken] Opleiding
De Rop was opgeleid tot onderwijzer en sinds 25 oktober 1873 hoofd van een lagere school in Amsterdam.
[bewerken] Werken
De Rop was een dichter uit de school van Joseph Alberdingk Thijm. Hij schreef onder meer kindergedichten als Korenbloemen en lentegroen, Duinbloemen (1871), Immortellen en rozen (1884), Lelietjes van Dalen, Sterrebloemen (1892), Bosviooltjes en lentebloesem, Uit de jeugd van beroemde personen (1879) en Sneeuwklokjes. Hij schreef verhalen en gedichten in de Kindercourant, in Bato, Voor 't jonge volkje en andere tijdschriften voor de jeugd. Verder publiceerde hij onder meer in de Kunstkroniek, in Eigen Haard, De Nederlandsche Spectator, enz. Hij schreef daarnaast het bundeltje Gedichten (1876) en een vertaling van Herman und Dorothea van Johann Wolfgang von Goethe (1885).
Verschillende teksten van zijn hand werden als lied opgenomen in de liedbundel Kun je nog zingen, zing dan mee (eerste druk in 1906). Dit liedboek was zeer populair en werd de hele twintigste eeuw herdrukt. Het gaat om de liedjes:
- De paden op, de lanen in, vooruit met flinken pas (getoonzet door Richard Hol)
- Het weer is guur, de winter nadert (getoonzet door Bernard Zweers)
- Hoe prettig is nu 't schemeruurtje (getoonzet door Bernard Zweers)
- In een blauwgeruiten kiel draaide hij aan 't groote wiel (getoonzet door Richard Hol)
- Vaarwel, vaarwel mijn dierbaar vaderland (getoonzet door Richard Hol)
- Voor Sinterklaas den kindervriend een feestlied aangeheven (getoonzet door Bernard Zweers)
[bewerken] Externe link
Bronnen, noten en/of referenties
|