Bevrijdingstheologie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Bevrijdingstheologie is vooral in Latijns-Amerikaanse landen een populaire theologie. In de bevrijdingstheologie staat de bevrijding van de zonde centraal. In de ogen van de bevrijdingstheologen is "zonde" in de westerse benadering gericht op het handelen van de individuele gelovige (het vergeven van individuele zonden als de leugen, seksuele misdraging, oplichterij, overspel, moord), terwijl het begrip "zonde" volgens de bevrijdingstheologen veeleer te vinden is in sociale onderdrukking, slavernij, ongelijkheid, economische onrechtvaardigheid enzovoort. Vaak sluiten bevrijdingstheologen het concept van individuele zonde zelfs uit; enkele onder hen zijn overtuigde deterministen en stonden van begin af op gespannen voet met de Rooms-katholieke geloofsleer. De radicaliteit van het Evangelie is het uitgangspunt: Christus' menslievendheid en zijn inzet voor de armen, zoals beschreven in de Bergrede en in Matteüs 25 en de eerste christengemeenten/kerken en hun solidariteit staan centraal in de bevrijdingstheologie. Bevrijdingstheologen stonden zeer kritisch ten opzichte van de gevestigde orde en de Zuid-Amerikaanse dictaturen. Niet zelden namen zij de wapens op om de zogenaamde volksonderdrukkers te bestrijden. Hierbij stonden zij vaak aan de zijde van radicaal-marxistische guerrillastrijders. De later sterk geworden pacifistische stroming binnen de bevrijdingstheologie wijst echter gewelddadige acties af. Ook binnen het jodendom, het Palestijnse christendom en de islam is er de laatste jaren sprake van een eigen bevrijdingstheologie.

Opkomst[bewerken]

De bevrijdingstheologie kwam in de jaren zestig in Zuid-Amerikaanse landen op. Tijdens de Tweede Latijns-Amerikaanse Bisschoppenconferentie kreeg zij haar specifieke benoeming.

In de jaren zeventig nam haar populariteit toe onder met name jonge afgestudeerde Latijns-Amerikaanse theologen en priesters. De bevrijdingstheologie wijkt sterk af van de Europese en Noord-Amerikaanse theologieën. Zij neemt de problematiek van de armen in de samenleving als uitgangspunt. De bevrijdingstheologie wil praktisch zijn, niet alleen bedreven als studie, maar toegepast in de praktijk. De bevrijdingstheologie gaat uit van een marxistische maatschappij-analyse. Men kiest expliciet voor de term bevrijding en niet voor de term ontwikkeling. Ontwikkeling is in de ogen van de bevrijdingstheologen een "Westerse" benadering van de armoede-problematiek en impliceert een traag hervormingsproces, terwijl bevrijding een zekere radicaliteit voorstaat.

De bevrijdingstheologie vandaag de dag[bewerken]

In het westen begon men de bevrijdingstheologie en haar kritische kijk op de samenleving steeds meer te waarderen.

In de jaren 1980 maakten enkele radicale priesters, die men geschoolde bevrijdingstheologen kan noemen, deel uit van de revolutionaire regering in Nicaragua. In de Colombiaanse FARC strijden ook met de bevrijdingstheologie sympathiserende gelovigen mee.

De communistische bewegingen in Zuid-Amerikaanse landen kunnen rekenen op de sympathie van de bevrijdingstheologen.

Hoewel de bevrijdingstheologie in Europa en Noord-Amerika tegenwoordig weinig aanhangers meer kent, speelt zij in Latijns-Amerika nog steeds een rol van betekenis.

In de tweede helft van de jaren '90 ontwikkelde zich onder christenen in de door Israël bezette gebieden een eigen versie van bevrijdingstheologie, die zich binnen de theologiebeoefening keerde tegen de zogenaamde Israëltheologie en de vereenzelviging van de staat Israël en het Beloofde Land. Deze Palestijnse theologen, waaronder Naim Ateek en Mitri Raheb hebben zich met hun medestanders verenigd in Sabeel, een oecumenisch samenwerkingsverband voor Palestijnse bevrijdingstheologie en vinden weerklank onder joodse bevrijdingstheologen als Mark Braverman en Marc Ellis. Binnen de islamitische wereld deden in de jaren '80 de Marokkaan M.A. Lahbabi (1922-2005)en de Egyptenaar H. Hanifi (1935) van zich spreken als moslim bevrijdingstheologen, alsmede de Zuid-Afrikaan Farid Esack. Hun vertoog werd aan het einde van het eerste decennium hernomen door de Amerikaanse Iraniër Hamid Dabashi.

Passages uit de Bijbel[bewerken]

De volgende passages uit de Bijbel spelen een belangrijke rol in de bevrijdingstheologie:

  • Hij heeft een krachtig werk gedaan door zijn arm, en Hij heeft hoogmoedigen in de overlegging huns harten verstrooid; Hij heeft machtigen van den troon gestort en eenvoudigen verhoogd, hongerigen heeft Hij met goederen vervuld en rijken heeft Hij ledig weggezonden (Uit de lofzang van Maria, Lucas 1:51-53)
  • Wanneer uw broeder verarmt en zich bij u niet meer staande kan houden, dan zult gij hem - vreemdeling en bijwoner - ondersteunen, opdat hij bij u in het leven blijve. Gij zult geen rente of winst van hem nemen, maar gij zult voor uw God vrezen, opdat uw broeder bij u in het leven blijve. Gij zult hem uw geld niet op rente geven noch uw voedsel tegen winst. Ik ben de HERE, uw God, die u uit het land van Egypte hebt geleid, om u het land Kanaän te geven, opdat Ik u tot een God zou zijn (Leviticus 25:35-38)
  • Wanneer gij den oogst van uw land binnenhaalt, zult gij den rand van uw veld niet geheel afmaaien, en wat nog is blijven liggen van uw oogst, zult gij niet oplezen. Ook zult gij uw wijngaard niet afzoeken en het afgevallene van uw wijngaard niet oplezen; dit zult gij voor de armen en vreemdelingen laten liggen: Ik ben de HERE uw God (Leviticus 19:9-11)
  • En de menigte van hen, die tot het geloof waren, was één van hart en ziel, en ook niet één zeide, dat iets van hetgeen hij bezat zijn persoonlijk eigendom was, doch zij hadden alles gemeenschappelijk. En met grote kracht gaven de apostelen hun getuigenis van de opstanding des Heren Jezus, en er was grote genade over hen allen. Want er was er ook niet één die behoeftig onder hen; want allen, die eigenaars waren van stukken grond of van huizen, verkochten die en brachten de opbrengst van den verkoop en legden die aan de voeten der apostelen; en aan ieder werd uitgedeeld naar behoefte.
    En Jozef, die van de apostelen den bijnaam Barnabas gekregen had - wat betekent: zoon der vertroosting -, een Leviet, uit Cyprus afkomstig, die eigenaar was van een akker, verkocht dien en bracht het geld en legde het aan de voeten der apostelen (Handelingen van de Apostelen 4:32-37, vergelijk 2:41-47)
  • Is dit niet het vasten dat ik verkies:misdadige ketenen losmaken,de banden van het juk ontbinden, de verdrukten bevrijden,en ieder juk breken? Is het niet: je brood delen met de hongerige, onderdak bieden aan armen zonder huis, iemand kleden die naakt rondloopt, je bekommeren om je medemensen? Dan breekt je licht door als de dageraad, je zult voorspoedig herstellen. Je gerechtigheid gaat voor je uit, de majesteit van de HEER vormt je achterhoede. Dan geeft de HEER antwoord als je roept; als je om hulp schreeuwt, zegt hij: ‘Hier ben ik.’ Wanneer je het juk van de onderdrukking uitbant, de beschuldigende vinger en de kwaadsprekerij, wanneer je de hongerige schenkt wat je zelf nodig hebt en de verdrukte gul onthaalt, dan zal je licht in het donker schijnen, je duisternis wordt als het licht van het middaguur. (Jesaja 58:6-10)

Bevrijdingstheologen[bewerken]


Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]