Opstanding

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Christoph Schwartz, opstanding van Christus

Onder opstanding of verrijzenis wordt het herrijzen van een persoon uit de dood verstaan. De drie Abrahamitische godsdiensten, jodendom, christendom en islam, verkondigen een opstanding uit de dood.

Ontwikkeling van het christelijke concept in de Bijbel[bewerken]

Meestal wordt in de Hebreeuwse Bijbel niet veel aandacht besteed aan een opstanding en een laatste oordeel. Het graf is het dodenrijk (Sheol) en het is zaak om op aarde goed te leven, want in het graf is alleen maar duisternis.[1] De Hebreeuwse tekst van De wijsheid van Jezus Sirach, die ontstaan is rond 200 v.Chr. heeft hetzelfde vooruitzicht (bv 7:17).[2] De Griekse vertaling echter, ontstaan rond 132 v. Chr., geeft de rechtvaardigen uitzicht op een hiernamaals. Rond 168 v. Chr. heeft de opstand van de Makkabeeën plaatsgevonden. 2 Makkabeeën 7:42 vertelt van een moeder die zeven zonen ter dood ziet brengen. Zij houdt ze voor, dat de opstanding der doden de beloning voor het martelaarschap zal zijn. Ook de opstanding der doden die in Daniël 12:4 wordt beschreven, heeft betrekking op de strijd van de Makkabeeën. In de Wijsheid van Salomo, geschreven rond het begin van de jaartelling, bijvoorbeeld in 2:4, staat vast dat na het sterven het een en ander rechtgezet wordt. Jezus wijst erop dat God zijn naam niet zal verbinden aan doden. Dus als hij zich de God noemt van de aartsvaders, mag je daaruit concluderen dat die leven of zullen herleven: Evangelie volgens Lucas 20:24-47.

Opstanding van Jezus volgens het christendom[bewerken]

1rightarrow blue.svg Dood en herrijzenis van Christus

De opstanding van Christus (van)uit de doden is een wezenlijk onderdeel van het christelijk geloof. Er zijn twee verschillende getuigenissen over de opstanding.

Volgens het Nieuwe Testament is met de Opstanding van Christus iets fundamenteels veranderd. Christus sterft niet meer en wie zich met hem verbindt heeft eeuwig leven. Voor de apostel Paulus en vele christenen na hem was de opstanding van Christus de kern van zijn geloof[3] en het antwoord op de zinloosheid van het menselijk bestaan.

Reeds in de tijd van het Nieuwe Testament was het een breekpunt met de elite van de Hellenistische samenleving. Filosofen "dreven de spot" met de idee van een opstanding[4] en Porcius Festus (procurator van Judea van 60 tot 62 na Chr.) dacht dat Paulus waanzinnig was geworden toen hij sprak over de opstanding.[5] In onze moderne tijd is het niet anders: volgens de gangbare opinie is opstanding uit de doden niet mogelijk en wordt het beschouwd als een kwestie van geloof.

Christelijke visie[bewerken]

Onder christenen zijn er verschillende interpretaties over Jezus' opstanding als historisch feit of als geloofsartikel:

  • Orthodoxe christenen zullen er op wijzen dat opstanding onmogelijk wordt geacht, omdat het nog nooit is waargenomen. Wanneer men echter zulke waarnemingen bij voorbaat van de hand wijst, is er sprake van een cirkelredenering. Van Christus' opstanding zijn er volgens het Nieuwe Testament vele getuigen geweest.[6]
  • Rudolf Bultmann stelt dat de opstanding "plaatsvond in de subjectieve ervaring van de discipelen, niet in de openbare arena van de geschiedenis".[7]
  • Karl Barth daarentegen gelooft in de opstanding als historisch feit, maar acht het niet mogelijk dit feit historisch te onderzoeken. Het graf kan bijvoorbeeld leeg zijn geweest omdat het lichaam gestolen was. Daarmee blijft het Evangelie een zaak van geloof.[8]

Gestorvenen in de Bijbel die herleefden[bewerken]

Rembrandt: opstanding van Lazarus

Wie de Bijbel op dezelfde wijze beschouwt als andere historische bronnen, zal voor buitengewone gebeurtenissen buitengewoon bewijs vragen. Daar men de Bijbel als één bron beschouwt, vormen de evangeliën slechts één bron. Voor de historisch kritische methode betekent dit dat men een alternatieve verklaring zoekt voor het ontstaan van opstandingsverhalen. Voor wie gelooft dat Christus is opgestaan, is het niet moeilijk meer om te geloven dat wonderen kunnen gebeuren. Immers, als God in onze werkelijkheid kan ingrijpen is alles mogelijk. De Bijbel vertelt van drie gebeurtenissen in de verhalencyclus van Elia en Elisa; vier gebeurtenissen uit het leven van Jezus; en een of twee maal uit de vroege kerk.

Elia en Elisa[bewerken]

  1. De zoon van Elia's gastvrouw. In I Koningen 17:17-24 staat dat de zoon van Elia's gastvrouw stierf. De vrouw meende dat Elia dat bewerkt had. Elia bracht het kind naar zijn kamer en bad God het kind weer tot leven te wekken, wat gebeurde.
  2. De zoon van de Sunamitische. In 2 Koningen 4:8 overlijdt de zoon van de gastvrouw van Elisa aan een zonnesteek. De moeder haalt Elisa op, deze bidt met het lichaam en vervolgens kan hij de jongen weer levend aan de moeder geven.
  3. Een begrafenis bij Elisa's graf. In 2 Koningen 13:20,21 wordt een lichaam haastig ter aarde besteld in een graf, waar de overleden Elisa al in ligt. De gestorvene herleeft.

Evangeliën[bewerken]

  1. De weduwe van Naïn. In Lucas 7:11-15 kwam Jezus in de stad Naïn, waar hij getuige was van een begrafenis. De overledene was een jongeman, de zoon van een weduwe. Op Jezus' bevel kwam de jongeman levend van de lijkbaar af.
  2. Het dochtertje van Jaïrus. In Marcus 5:22-43 en Lucas 8:41-56 wordt verteld dat Jezus geroepen werd door een leider van de synagoge, Jaïrus, wiens twaalfjarige dochtertje op sterven lag. Ze stierf voordat Jezus bij haar kwam, maar stond op zijn bevel weer op.
  3. Lazarus van Bethanië. Lazarus was de broer van Maria en Martha en een goede vriend van Jezus. In Johannes 11 staat dat Jezus te hulp geroepen omdat Lazarus ziek was, maar Jezus maakte geen haast. Toen Jezus in Bethanië kwam was Lazarus al vier dagen dood en reeds begraven. Op bevel van Jezus kwam hij levend uit het graf.
  4. Bij het sterven van Jezus. Mattheüs 27:52-53 schrijft dat op het moment van Jezus' sterven veel gestorven heiligen uit hun graven opstonden en in Jeruzalem verschenen.

Vroege kerk[bewerken]

  1. Dorcas te Lydda. In Handelingen 9:36 wekt Petrus een gestorven christin, Tabitha, Dorcas, weer tot leven.
  2. Eutychus te Troas (?). In Handelingen 20:9 valt Eutychus tijdens de preek in slaap en valt van drie hoog naar beneden. Paulus gaat op het lichaam liggen, slaat zijn armen om hem heen en zegt geen misbaar te maken, want de jongen leeft.

Opstanding aan het einde der tijden[bewerken]

Volgens de traditie van jodendom, christendom en islam komt er op het 'einde der tijden' een algemene opstanding van de mensheid. Op de Dag des oordeels zullen alle mensen die vanaf de eerste mens Adam zijn gestorven, weer herrijzen om geoordeeld te worden door God.

Opstandingen volgens het chiliasme[bewerken]

Volgens sommige christelijke, chiliastische groeperingen, zijn er verschillende opstandingen.[9]

Opstanding volgens de islam[bewerken]

Een van de voorwaarden van het islamitische geloof is het geloven in de Dag des oordeels. Als onderdeel daarvan moet o.a. ook worden geloofd in de wederopstanding van de doden uit de graven en de terhandstelling van een ieders Boek, waarin de daden van hem of haar staan genoteerd.[10]

Na de dood bevindt de ziel zich in principe eerst in de barzakh. Dit is een soort slaaptoestand en is de periode tussen iemands dood en zijn wederopstanding op de Dag des oordeels. Volgens de islam zal op die Dag God de rol op Zich nemen van rechter (Qadi), ieders daden wegen en beslissen of het akhirah van eenieder in het paradijs (djenna) of in het hellevuur (djahannam) zal zijn.[11]

Binnen de islam wordt meestal aangenomen dat het gaat om een Laatste Oordeel dat in de aanwezigheid van God wordt uitgesproken.[10] Dit houdt in dat de mens dus niet voor God verschijnt of Hem zal zien.

Bij de eerste keer blazen op de bazuin door Israfiel op de Laatste Dag zullen alle levende schepselen op de aarde sterven en met de wereld tezamen en al het omringende worden verbrijzeld en verdwijnen. Bij de tweede keer dat Israfiel blaast, zullen alle schepselen weer tot leven worden gewekt door God en verzameld op een uitgestrekte vlakte voor het Godsgericht.[10] Eenieder wordt tegenover zijn profeten geplaatst en wordt ondervraagd. Mohammed is daarbij de enige die het recht heeft voorspraak te doen bij God. De daden zijn tijdens het leven opgeschreven in een boek en deze daden worden bij de wederopstanding gewogen in de weegschaal.[12]

De goeden krijgen hierna het boek met opgetekende daden tijdens hun leven in hun rechterhand, terwijl de anderen dit in hun linkerhand krijgen. De islamitische opvatting voorziet niet in een vagevuur of een voorgeborchte voor degenen die door overmacht niet in de hemel terecht kunnen.[13] Wel wordt soms het verblijf in de hel als een tijdelijke, louterende straf gezien.[14]

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. De dood en de Bijbel; NBG,2003
  2. Beentjes, Panc, De wijsheid van Jezus Sirach, DAmon 2006, blz 63
  3. Eerste brief van Paulus aan de Korintiërs 15:12vv
  4. Handelingen 17:32
  5. Handelingen 26:24
  6. Meer dan timmerman, Josh McDowell, Tyndale house 1977; IBB 1984
  7. Christian Theology, an introduction, A.Mc Grath, Blackwell publishing house, 3rd ed 2001, blz. 400
  8. Christian Theology, an introduction, A.Mc Grath, Blackwell publishing house, 3rd ed 2001, blz. 401
  9. Het chiliasme: gewogen en niet te licht bevonden door J.G. Fijnvandraat ISBN 9063530404
  10. a b c Een beknopte ilmihal, een beknopt handboek van de essentiële islamitische leer, Fazilet Nesriyat ve tic. a.s., Istanbul, circa 2005, blz 20
  11. World Faiths, teach yourself - Islam, Ruqaiyyah Maqsood, Hodder And Stoughton, 1994, blz 38-39 ISBN 0-340-60901-X
  12. Islam, Personen en begrippen van A tot Z, Inge Arends e.a., Uitgeverij Het Spectrum B.V., 2000, Laatste Dag, blz. 100, ISBN 90 274 6529 0
  13. Islam voor Dummies, Malcom Clark, Uitgeverij Addison Wesley, 2004, blz. 55, ISBN 9043008451
  14. Islam, Personen en begrippen van A tot Z, Inge Arends e.a., Uitgeverij Het Spectrum B.V., 2000, Eschatologie, blz. 46-47, ISBN 90 274 6529 0