Brieven van Paulus

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een aantal brieven in de canon van het Nieuwe Testament van de Bijbel wordt toegeschreven aan de apostel Paulus. Deze worden ook wel de Paulijnse of Paulinische brieven genoemd.[1]

Het huidige Nieuwe Testament bestaat uit 27 boeken en 21 hiervan kunnen als brieven beschouwd worden. 14 van deze 21 brieven worden traditioneel aan Paulus toegeschreven. 13 van deze brieven vermelden Paulus als afzender. Tegenwoordig wordt Paulus' auteurschap van een aantal van deze brieven betwijfeld.

De volgende brieven worden traditioneel aan Paulus toegeschreven:

Paulijnse brieven
  1. Brief van Paulus aan de Romeinen
  2. Eerste brief van Paulus aan de Korintiërs
  3. Tweede brief van Paulus aan de Korintiërs
  4. Brief van Paulus aan de Galaten
  5. Brief van Paulus aan de Efeziërs (*)
  6. Brief van Paulus aan de Filippenzen
  7. Brief van Paulus aan de Kolossenzen (*)
  8. Eerste brief van Paulus aan de Tessalonicenzen
  9. Tweede brief van Paulus aan de Tessalonicenzen (*)
  10. Brief van Paulus aan Filemon
Pastorale brieven
  1. Eerste brief van Paulus aan Timoteüs (*)
  2. Tweede brief van Paulus aan Timoteüs (*)
  3. Brief van Paulus aan Titus (*)
Overig
  1. Brief aan de Hebreeën (bevat geen afzender)(*)

(*) Het auteurschap van Paulus van deze brieven wordt betwijfeld.

Authenticiteit[bewerken]

Het was in de antieke wereld niet ongebruikelijk dat schrijvers hun tekst toeschreven aan beroemde personen. Zulke pseudepigrafische teksten ontstonden ook in het vroege christendom en vaak werden deze teksten door de auteur aan Paulus toegeschreven. Voorbeelden van brieven die aan Paulus zijn toegeschreven maar waarvan we weten dat ze pseudepigrafisch zijn, zijn de derde brief van Paulus aan de Korintiërs en de brief van Paulus aan de Laodicenzen. De tweede brief van Paulus aan de Tessalonicenzen bevat een aanwijzing dat ten tijde van het ontstaan van deze brief al onechte Paulusbrieven circuleerden (overigens wordt door veel onderzoekers aangenomen dat 2 Tessalonicenzen zelf ook niet door Paulus geschreven is).

Onder andere omdat bij het onderling vergelijken van de Paulusbrieven een aantal duidelijke verschillen naar voren komen, lijkt het aannemelijk dat een aantal van deze brieven niet door Paulus geschreven zijn. Het gaat daarbij om verschillen in stijl, in de grammatica en in het vocabulaire, maar ook om verschillen in de theologie van de brieven.

Hoewel twijfel over het auteurschap van Paulus wat betreft een aantal van de brieven vooral sinds de opkomst van de schriftkritiek tijdens de Verlichting bredere aandacht gekregen heeft, was deze kwestie toen zeker niet nieuw.

Toen de allereerste lijst van de Nieuw Testamentische canon werd opgesteld, nam de maker van deze lijst, Marcion van Sinope, daar alleen het Evangelie volgens Lucas en de brieven van Paulus in op. In de lijst van de Paulus brieven ontbraken echter 1 en 2 Timoteüs en Titus. De auteur van Efeziërs neemt de stijl over van de meeste brieven van Paulus, maar beroept zich in het geheel niet op 2 Tessalonicenzen of de pastorale brieven. Om deze redenen wordt het auteurschap van veel van de traditioneel aan Paulus toegeschreven brieven reeds eeuwenlang door veel kritische onderzoekers betwijfeld.

Van een zevental brieven wordt door de meerderheid van de onderzoekers aangenomen dat zij inderdaad door Paulus geschreven zijn. Deze zeven brieven (Romeinen, 1 en 2 Korintiërs, Galaten, Filippenzen, 1 Tessalonicenzen en Filemon) vertonen duidelijke overeenkomsten wat betreft stijl, vocabulaire en theologie. Van de drie pastorale brieven (1 en 2 Timoteüs en Titus) wordt over het algemeen aangenomen dat ze niet door Paulus geschreven zijn. Hetzelfde geldt voor Hebreeën, dat een geval apart is omdat deze tekst Paulus niet als afzender noemt en omdat het ook geen echte brief is. Over Efeziërs, Kolossenzen en 2 Tessalonicenzen zijn de meningen verdeeld.

Ook over de mate waarin de vorm van de brieven zoals wij die kennen overeenstemt met de vorm waarin ze ontstaan zijn, zijn de meningen soms verdeeld. Zo zijn sommige onderzoekers van mening dat 2 Korintiërs in feite samengesteld is uit een aantal andere brieven.

Echter, andere (veelal Angelsaksische) nieuwtestamentici menen dat er voorzichtig omgegaan moet worden met de claim van pseudepigrafie. Zo schrijft de evangelicale nieuwtestamenticus D.A. Carson: ‘…we should exercise great care before we accept the view that any writing on the New Testament is pseudonymous. That there was pseudonymity in the ancient world is clear. That the Jews and the early Christians sometimes produced pseudonymous gospels and acts is also clear, as is the fact that the early Christians sometimes produced pseudonymous gospels and acts. But to this date there is no evidence that the church accepted any pseudonymous epistle’, D.A. Carson, D.J. Moo & L. Morris, An Introduction to the New Testament, Leicester 1992, 371. Cf. C.L. Blomberg, From Pentecost to Patmos. Acts to Revelation. An Introduction and Survey, Nottingham 2006, 343-348.

Hebreeën[bewerken]

Hoewel in de Brief aan de Hebreeën niet wordt beweerd dat deze door Paulus is geschreven, werd deze in de vroege periode van het Christendom wel aan Paulus toegeschreven, mogelijk om het anonieme werk een apostolische origine te geven.[2] In de derde eeuw schreef Origenes al over de brief: "Mannen uit vroege tijden hebben de brief al overgeleverd als van Paulus, maar wie de brief schreef, weet alleen God."[3]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Encarta-encyclopedie Winkler Prins (1993-2002) s.v. "pastorale brieven", "Hebreeën, Brief aan de". Microsoft Corporation/Het Spectrum.
  2. (en) Harold W. Attridge (1989): Hebrews, Hermeneia, Philadelphia: Fortress, blz. 1-6
  3. (en) Eusebius Kerkgeschiedenis Boek VI H 25 v14