Pacifisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Bord met "vrede op aarde?", kerstmis 1914, van Potterij Rembrandt

Pacifisme is een wereldbeschouwing die duurzame vrede nastreeft en tegen oorlog en geweld is.

Vijf argumenten[bewerken]

Kees Kraaijeveld, filosoof en psycholoog, noemt vijf "klassieke" argumenten voor pacifisme en ontwapening:[1]

  • het valse-hoopargument
zelfs de meest moderne bewapening en de meest strenge controle biedt alleen in schijn een garantie van veiligheid
  • het praktische argument
zelden leidt een oorlog tot het gewenste resultaat. Als een oorlog eenmaal is begonnen is het geweld vaak niet meer te beheersen en treden excessen op.
  • het economische argument
bewapening vereist een grote investering van maatschappelijke middelen. Deze middelen zouden ook voor vreedzame doelen kunnen worden aangewend en dan wellicht een groter rendement geven.
  • het psychologische argument
"geweld maakt meer kapot dan je lief is". De traumatische gevolgen van oorlogen zijn zo groot dat deze generaties later nog gevoeld worden. Het is de vraag of deze traumatische gevolgen niet weer de kiem van nieuw geweld in zich dragen.
  • het morele argument
Benjamin Franklin zei: "er bestaat geen goede oorlog en er bestaat geen slechte vrede". Oftewel: oorlog is in zichzelf iets slechts.

Het pacifisme volgens Gandhi[bewerken]

Mahatma Gandhi maakte een belangrijk onderscheid tussen de non-violence of the weak (d.i. geweldloosheid) en de non-violence of the brave (d.i. geweldvrijheid):

  • Geweldloosheid = de houding van diegenen die wegens hun zwakkere positie of uit tactische overwegingen afzien van de inzet van geweld.
  • Geweldvrijheid = de houding die bewust en vrijwillig afziet van alle geweld in gedachten, woorden en daden, ook wanneer er een concreet vooruitzicht is tot een 'succesvol' gebruik van geweld.

Gandhi verduidelijkt dit door een bespreking van vier reactievormen op een agressor:

  • Het gewelddadig verweer
  • Afzien van verweer uit angst of zwakte
  • Geweldloze weerstand, die in geval van mislukken in de gewelddadige strijd kan overgaan
  • De poging om de tegenstander door verscheidene vormen van geweldvrij verzet van de waarachtigheid van dat verzet te overtuigen.

Gandhi had enkele grondbeginselen die hem tot zijn niet-tegenstand tegen geweld brachten:

  • Zijn religieuze achtergrond in het Vaishnavisme[2]
  • Zijn familie was in contact met aanhangers van het Jaïnisme[2]
  • Hij werd geïnspireerd door het geweldloos verzet van de Indiase Sikhs[3]
  • Hij werd geïnspireerd door het werk "Het koninkrijk Gods is in U" van Leo Tolstoj. Dit leidde tot Tolstois "Brief aan een hindoe".

Nederlandse politiek[bewerken]

De meeste groene partijen namen het pacifisme uitdrukkelijk op in hun basisbeginselen.

  • In Nederland bestond in de tweede helft van de 20e eeuw de Pacifistisch-Socialistische Partij (PSP), opgericht in 1957, die als typische getuigenispartij wel enkele zetels in de Tweede en Eerste Kamer behaalde, maar nooit meeregeerde en uiteindelijk opging in GroenLinks (1989). Deze links-radicale partij bepleitte onder meer ontwapening en uittreding van Nederland uit de NAVO. Bekende politici van de PSP waren Henk Lankhorst, Bram van der Lek en Fred van der Spek.
  • Deze laatste twee politici werden in de jaren 70 in de KGB-affaire, overigens zonder enig bewijs, ervan beschuldigd betaald te worden door de Sovjet-Russische geheime dienst KGB, hetgeen kenmerkend was voor de stemmingmakerij jegens het pacifisme tijdens de Koude Oorlog: pacifisten werden door sommigen uitgemaakt voor potentiële landverraders.

Kritiek[bewerken]

Het argument tegen pacifisme is dat het gebruik van geweld verder geweld kan verhinderen.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Kees Kraaijeveld - Camouflagepak misstaat de PvdA; in de Volkskrant 2005-01-29, p. 1B
  2. a b The Story of my Experiments with Truth - Mahatma Gandhi
  3. Origin of Non Violence