Pacifistisch Socialistische Partij

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Pacifistisch Socialistische Partij
Oprichting 27 Januari, 1957
Opheffing 27 Januari, 1991
Opgegaan in GroenLinks
Richting progressief links
Ideologie Pacifisme en Socialisme
Jongerenorganisatie Pacifistisch Socialistische Jongerengroepen
Wetenschappelijk Bureau Wetenschappelijk Bureau PSP
Europese fractie Green Alternative European Link
Website parlement.com

De Pacifistisch Socialistische Partij (PSP) was een Nederlandse links-socialistische politieke partij. De PSP speelde een bescheiden rol in de Nederlandse politieke geschiedenis. De partij is opgegaan in GroenLinks.

Inhoud

[bewerk] Geschiedenis

[bewerk] Voor 1957

In 1955 had zich een groep "politiek daklozen" gevormd, met name bestaande uit voormalige leden van de PvdA en de CPN. De eersten hadden de PvdA verlaten vanwege de politionele acties tegen de onafhankelijksstrijders in Indonesië en de steun voor de NAVO. Velen waren afkomstig uit de marxistische linkervleugel van de SDAP of de Christelijk Democratische Unie. De leden van de CPN hadden die partij verlaten vanwege de stalinistische koers en organisatie van de partij. Sommige daklozen waren nooit eerder lid geweest van een politieke partij, anderen waren betrokken geweest bij andere partijen, zoals de RSAP. Het was een zeer diverse groep met progressieve christenen, linkssocialisten, orthodoxe marxisten, anti-stalinistische trotskisten, linkscommunisten, liberale pacifisten en anarchisten. Velen waren actief in de vredesbeweging.

In 1956 werd de Koude Oorlog steeds warmer: de Britten, Fransen en Israëli's vielen Egypte binnen in de Suezcrisis en de Sovjet-Unie viel Hongarije binnen na de Hongaarse Opstand. Deze gebeurtenissen hadden de politiek daklozen sceptisch gemaakt over zowel Warschaupact van de Sovjet-Unie en de NAVO van de Verenigde Staten. Zij streefden naar een Derde Weg tussen communisme en kapitalisme.

In 1956 vroegen deze politiek daklozen aan de Partij van de Arbeid om ruimte op hun kieslijst voor de verkiezingen van 1956 te bieden aan twee leden van hun stroming. Een zou op een verkiesbare plek staan (de daklozen dachten zelf aan de anti-militaristische en PvdA-lid dominee Jan Buskes) en de ander zou met voorkeursstemmen verkozen kunnen worden. De PvdA sloeg het voorstel af. De groep voelde zich gedwongen een nieuwe politieke partij op te richten. Om de mogelijkheden hiervoor te verkennen richtten zij in november 1956 de Actiegroep voor de Vorming van een Partij op Anti-Militaristische en Socialistische Grondslag op.

[bewerk] 1957-1971

Op 27 Januari 1957 werd de PSP gevormd door de Actiegroep. De partij richtte zich op de organisatie van de partij in voorbereiding van de verkiezingen van 1960. De partij trachtte haar ledenbestand uit te breiden, afdelingen op te richten en kiezers te werven. De leden van de Socialistische Unie, die eerder al de PvdA hadden verlaten, sloten zich bij de PSP aan. In 1958 nam de PSP deel aan de provinciale verkiezingen in Noord-Holland waar ze twee zetels wonnen. In de Tweede Kamer verkiezingen van 1959 won de partij even eens twee zetels.

In de eerste jaren richtte de partij zich met name op het parlementaire en buiten-parlementaire verzet tegen de Koude Oorlog. Vanwege de Socialistische Revolutie in Cuba en de opstand tegen het Apartheidssysteem in Zuid Afrika ontstaat er een debat binnen de partij over het gebruik van geweld. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen repressief geweld van de regerende klasse en bevrijdend geweld gericht tegen de regerende klasse. In 1961 schudde de PSP haar pacifisme af en richtte zich op de minimalisering van geweld. Het thema van anti-kolonialisme wordt steeds belangrijker. De partij steunt de onafhankelijkheidsbewegingen in Nieuw-Guinea en Algerije.

Bij de verkiezingen van 1963 wint de partij vier zetels. Het succes heeft te maken met de groeiende tegenstand tegen de Koude Oorlog, de opkomst van de studentenbeweging in het bijzonder Provo, waarvoor de PSP de enige acceptabele partij was en interne conflicten in de CPN. In 1958 verlieten drie Tweede Kamerleden de CPN en vormden hun eigen groepering, geleid door Henk Gortzak. Deze Bruggroep probeert eerst een eigen partij op te richten (de Socialistische Werkers' Partij) maar sluit zich in 1966 bij de PSP aan. De CPN houdt in 1963 één zetel over. In 1969 wordt Gortzak Tweede Kamerlid voor de PSP

In de jaren '60 wordt de oorlog in Vietnam een belangrijk thema. De PSP participeert als eerste Nederlandse partij in de oppositie tegen de Amerikaanse inval. Ook de Nederlandse monarchie wordt een belangrijk thema, als kroonprinses Beatrix trouwt met Claus von Amsberg in 1966. De PSP grijpt het moment aan om haar republikeinse idealen uit te dragen. Bij de verkiezingen van 1967 houdt de PSP haar vier zetels.

[bewerk] 1971-1981

In de jaren '70 nemen de interne problemen binnen de PSP toe. Nieuw Links grijpt in de PvdA macht en beweegt de PvdA naar links. De PvdA wil een links meerderheidskabinet vormen, hiertoe sluiten ze een Progressief Akkoord met de andere linkse partijen. In 1969 neemt de PSP deel aan de onderhandelingen over het progressief akkoord met de PvdA en de PPR. Het PSP-congres verwerpt uiteindelijk het voorstel omdat het noch socialistisch, noch pacifistisch is. De samenwerkingsgezinde minderheid komt in conflict met de isolationistische meerderheid. Bij de verkiezingen van 1971 verliest de partij twee zetels.

Voor de verkiezingen van 1972 wordt de politiek leider van de PSP, Hans Wiebenga, vervangen door de jongere Bram van der Lek, die een grote nadruk legt op het milieu. De partij wint echter geen zetels. Onder Van der Lek gaat de PSP zich meer bemoeien met extraparlementaire actiebewegingen, met name de milieu-, de kraak-, de studenten- en de vrouwenbeweging.

In deze periode verlaten zowel de meest radicale als de meest gematigde groeperingen de partij. De belangrijkste radicale beweging is de trotskistische groep Proletarisch Links. Deze wilde de PSP omvormen tot een revolutionaire arbeiderspartij. Ze worden geleid door Erik Meijer, later vicevoorzitter van GroenLinks en lid van het Europees Parlement voor de Socialistische Partij. In 1974 verlaten ze PSP om de Internationale Kommunistenbond op te richten (later de Socialistische Arbeiderspartij). In 1975 verlaten relatief gematigde "progressieve samenwerkers" (ook wel Oosterhesselengroep) de partij om zich aan te sluiten bij de PvdA.

Vanaf 1975 groeit het aantal leden sterk en verdubbelt binnen vijf jaar. Desondanks deed de partij het bijzonder slecht bij de verkiezingen van 1977 en hield slechts één zetel over. De verkiezingsuitslag wordt geweten aan de nek-aan-nek strijd tussen de PvdA en het CDA en de interne strijd binnen de PSP. Bij die verkiezingen was er overigens sprake van een algemene trek van de kleine naar de grote partijen, zowel bij links als bij rechts. Na een jaar trad lijsttrekker Van der Lek terug en werd Fred van der Spek het enige PSP-kamerlid.

[bewerk] 1981-1989

In de vroege jaren '80 was de plaatsing van Amerikaanse kruisraketten op Nederlandse bodem een belangrijk politiek thema. De PSP was betrokken bij de organisatie van twee grote demonstraties tegen de plaatsing van deze wapens in 1981 en 1983. Ruim 80% van de leden van de PSP nam deel aan ten minste een van deze twee demonstraties. [1] Bij de verkiezingen van 1981 kwam de partij met drie zetels in het parlement, die ze bij de verkiezingen van 1982 behield.

In de jaren '80 begon de partij samen te werken met de PPR, die gebroken had met de PvdA, en de CPN, waar een proces van destalinisatie gestart was. In lokale en provinciale verkiezingen deed vaak een lijst van PSP-PPR of PSP-CPN mee, omdat de kiesdrempel daar veel hoger is. Bij de Europese verkiezingen van 1984 namen de PPR, CPN en PSP deel als het Groen Progressief Akkoord. De lijst won een zetel, die roteerde tussen PSP en PPR. Leden van de CPN, PSP en PPR ontmoetten elkaar ook in buitenparlementair protest tegen kernwapens en kernenergie. De samenwerking leidde tot interne conflicten in de PSP. Voor de verkiezingen van 1986 wilden de CPN en de PPR met de PSP een lijstverbinding aangaan. Fractievoorzitter Van der Spek, een tegenstander hiervan, werd als lijsttrekker vervangen door Andrée van Es, die een gematigd voorstander was van samenwerking. Van der Spek verliet de PSP-fractie en vormde een eenmansfractie. Hij trad toe tot de Partij voor Socialisme en Ontwapening die bestond uit voormalige PSP-leden. Het PSP-congres wees echter alsnog samenwerking met de CPN en de PPR af. Bij de verkiezingen van 1986 verloor de partij twee van haar drie zetels. Het lidmaatschap van de partij nam snel af. De noodzaak om samen te werken nam toe.

[bewerk] Na 1989

In 1989 initieerde de PSP samenwerkingsgesprekken met de PPR en de CPN. Dat initiatief werd gesteund door een open brief van vakbondsleiders, mensen uit de milieubeweging en kunstenaars, die opriepen een progressieve formatie links van de PvdA te vormen. Na lange onderhandelingen, die onder druk kwamen vanwege de val van het tweede kabinet Lubbers en de vervroegde verkiezingen, vormden de partijen een gezamenlijke lijst bij de verkiezingen van 1989. Van Es is tweede kandidaat op de lijst. In 1991 hief de PSP zichzelf op. Oud-PSP-leden die weigerden zich bij GroenLinks aan te sluiten richtten de PSP'92 op, welke nu een marginaal bestaan lijdt.

De PSP heeft een redelijk grote invloed op GroenLinks gehad, alhoewel zowel het pacifisme als het socialisme gematigd zijn. De progressieve, tolerante en niet-dogmatische idealen van de PSP spelen nog steeds een grote rol binnen GroenLinks. Tweede Kamerleden Kees Vendrik en Ineke van Gent, Eerste Kamerlid Leo Platvoet en Euro-parlementariër Joost Lagendijk waren allen lid van de PSP voor 1992.

[bewerk] Naam

De naam Pacifistisch Socialistische Partij is een combinatie van de twee voornaamste idealen van de partij: vrede en sociale rechtvaardigheid. Andere voorstellen voor een namen waren bij de oprichting in 1957 Radicaal Socialistische Vredespartij, Bond voor Algemeen Welzijn, Vernieuwingspartij en Nederlandse Arbeiderspartij.


Socialisme

Stromingen

Afrikaans socialisme
Anarchosyndicalisme
Arabisch socialisme
Bolivarisme
Christen-socialisme
Communisme
Libertarisch socialisme
Marktsocialisme
Marxisme
Sociaaldemocratie
Utopisch socialisme

[bewerk] Ideologie & Standpunten

[bewerk] Ideologie

De ideologie van de PSP is gegrondvest in het pacifisme, het socialisme en de democratie. Deze drie worden alle gekenmerkt door een nadruk op mensenrechten. Zowel in oorlog, in het kapitalisme en in de dictatuur worden deze rechten gebroken.

In het beginselprogramma van 1957[2] legt de PSP de nadruk op twee sociale vernieuwingen: een geestelijke vernieuwing die trachtte angst, verdeling en macht te vervangen door vertrouwen, eenheid en rechtvaardigheid. Dit sloeg met name op de Koude Oorlog en het pacifisme van de partij. En een sociaal-economische vernieuwing, het streven naar een klasseloze samenleving. Dit is het socialisme van de partij. De PSP streefde verder naar een democratisch politiek systeem en een democratische economie, het verwierp het gebruik van geweld bij het oplossen van conflicten en streefde naar een federale wereldstaat waarin welvaart werd gedeeld tussen de voormalige koloniën en de kolonisatoren.

In de jaren '70 en '80 werden feminisme, homo-emancipatie en milieu-bescherming aan de idealen van PSP toegevoegd.

[bewerk] Standpunten

Deze radicale principes vertaalden zich in in een streven naar een democratisch-socialistische economie, een vreedzaam buitenlands beleid, een direct democratisch politiek systeem en een de feminisering van de samenleving.

De PSP streefde naar een democratisch-socialistische economie, waar overheidsplanning en arbeiderszelfbestuur een grote rol speelden:

  • De partij streefde naar de nationalisering van belangrijke sectoren van de economie, zoals banken, transportbedrijven en basisindustrieën. Deze bedrijven zouden in handen moeten zijn van de werknemers;
  • In andere economische sectoren zou coöperatieve bedrijfsvorming vaker moeten worden gebruikt;
  • De overheid zou de economie moeten plannen en de prijzen en winsten moeten beheersen;
  • De PSP streefde naar volledige werkgelegenheid door een verkorting van de werkweek, de verlaging van de AOW-gerechtigde leeftijd naar 60, de verhoging van de leerplicht naar 18 en het stimuleren van deeltijd werk;
  • Inkomens zouden genivelleerd moeten worden door een progressieve belasting die bij 50,000 euro (100,000 gulden) bijna 100% moest zijn;
  • De PSP wilde dat meer land in het bezit was van de overheid, die het dan aan bedrijven zou kunnen verhuren;
  • De partij streefde naar meer rechten voor huurders en krakers;
  • De PSP was tegen het gebruik van kernenergie en pleitte voor het gebruik van alternatieve energie;
  • De partij pleitte voor investeringen in het openbaar vervoer;
  • Milieu-bescherming was een belangrijk thema voor de partij. Ze waren tegen eco-taksen, die regressief werken en wilden in plaats daarvan de milieubelasting op bedrijven verhalen.

De PSP pleitte voor een anti-militaristisch en socialistisch buitenlands beleid:

  • De partij was tegen de plaatsing van kernwapens in Nederland;
  • De PSP pleitte voor het uittreden uit de NAVO;
  • De PSP wilde het Nederlandse leger afschaffen: tot die tijd zouden dienstweigeraars meer rechten moeten krijgen en de wapenindustrie in handen van de overheid komen;
  • De partij was tegen de Europese Economische Gemeenschap die de macht van Nederland om haar eigen economie te plannen beperkte;
  • De PSP pleitte voor meer handel met Tweede Wereld- en Derde Wereldlanden en meer ontwikkelingshulp.

De partij pleitte voor een democratische rechtsstaat:

De PSP streefde naar een radicale feminisering van de samenleving, het bevrijden van onderdrukte groepen en het democratiseren van de samenleving:

  • De partij pleitte voor de versterking van vrouwenrechten: gratis crèches, legalisering van abortus en meer part time werk door beide ouders. De PSP wilde de sociale zekerheid op het individu en niet het gezin richtten;
  • De PSP streefde naar gelijke rechten voor seksuele minderheden: gelijke rechten voor homo-stellen en de legalisering van travestie
  • De partij besteedde bijzondere aandacht aan de positie van minderheidstalen, in het bijzonder de Friese taal;
  • De PSP pleitte voor democratisering van het onderwijs, betere bescherming van de rechten van leerlingen, kleinere klassen en experimenten met alternatief onderwijs. De partij was tegen bijzonder onderwijs;
  • Enerzijds wou de partij casino's en roken in publieke gebouwen verbieden en anderzijds soft drugs legaliseren en hard drugs door de overheid verstrekken.
  • De PSP verzette zich fel tegen discriminatie.
  • De partij wilde prostitutie legaliseren en de rechten van prostituees verbeteren.
  • De PSP was een voorstander van euthanasie
  • De PSP wilde ook ziekenhuizen democratiseren, de rechten van patiënten beter vastleggen en een nationale ziektekostenverzekering.

[bewerk] Vertegenwoordiging

In het onderstaande tabel staat de uitslag de PSP in de verkiezingen voor de Tweede Kamer (TK), Eerste Kamer (EK), European elections (EP), provinciale staten (PS) and gemeenteraden (GR), evenals het leiderschap van de partij, de lijsttrekker, de fractievoorzitter en de partijvoorzitter. Tevens is het aantal leden weergegeven. Voor een lijst van de landelijke vertegenwoordigers van de partij zie PSP/Eerste Kamerleden en PSP/Tweede Kamerleden.

Jaar TK EK EP PS GR Lijsttrekker Fractievoorzitter Partijvoorzitter leden
1957 0 0 n/a 0 0 geen verkiezigen buitenparlementair Henk van Steenis 858
1958 0 0 n/a 2 17 geen verkiezigen buitenparlementair Henk van Steenis 1986
1959 2 0 n/a 2 17 Henk Lankhorst
and Nico van der Veen
Nico van der Veen Hannes de Graaf 2497
1960 2 0 n/a 2 17 geen verkiezigen Nico van der Veen Piet Burggraaf 2561
1961 2 0 n/a 2 17 geen verkiezigen Nico van der Veen Piet Burggraaf 2852
1962 2 0 n/a 13 77 geen verkiezigen Henk Lankhorst Piet Burggraaf 3624
1963 4 2 n/a 13 77 Henk Lankhorst Henk Lankhorst Gerard Slotemaker de Bruïne 3786
1964 4 2 n/a 13 77 geen verkiezigen Henk Lankhorst Joop Vogt 3779
1965 4 2 n/a 13 77 geen verkiezigen Henk Lankhorst Hans Wiebenga 3888
1966 4 3 n/a 24 122 geen verkiezigen Henk Lankhorst Hans Wiebenga 4857
1967 4 3 n/a 24 122 Henk Lankhorst Henk Lankhorst Hans Wiebenga 4849
1968 4 3 n/a 24 122 geen verkiezigen Henk Lankhorst Hans Wiebenga 4462
1969 4 3 n/a 24 122 geen verkiezigen Hans Wiebenga Piet Burggraaf 4325
1970 4 3 n/a 5 30+39 (a) geen verkiezigen Hans Wiebenga Piet Burggraaf 4228
1971 2 3 n/a 5 30+39 (a) Hans Wiebenga Hans Wiebenga Piet Burggraaf 4445
1972 2 1 n/a 5 30+39 (a) Bram van der Lek Bram van der Lek Piet Burggraaf 4581
1973 2 1 n/a 5 30+39 (a) geen verkiezigen Bram van der Lek Paul Hoogerwerf 4871
1974 2 0 n/a 4 15+37 (b) geen verkiezigen Bram van der Lek Paul Hoogerwerf 4802
1975 2 0 n/a 4 15+37 (b) geen verkiezigen Bram van der Lek Lambert Meertens 4333
1976 2 0 n/a 4 15+37 (b) geen verkiezigen Bram van der Lek Lambert Meertens 4543
1977 1 1 n/a 4 15+37 (b) Bram van der Lek Bram van der Lek Lambert Meertens 6506
1978 1 1 n/a 4 23+18 (b) geen verkiezigen Fred van der Spek Lambert Meertens 8797
1979 1 1 0 4 23+18 (b) geen verkiezigen Fred van der Spek Lambert Meertens 9018
1980 1 1 0 4 23+18 (b) geen verkiezigen Fred van der Spek Lambert Meertens 8703
1981 3 0 0 4 23+18 (b) Fred van der Spek Fred van der Spek Bram van der Lek 9595
1982 3 0 0 11+7 (b) 40+77 (b) Fred van der Spek Fred van der Spek Bram van der Lek 9979
1983 3 2 0 11+7 (b) 40+77 (b) geen verkiezigen Fred van der Spek Marko Mazeland 8853
1984 3 2 1 (b) 11+7 (b) 40+77 (b) geen verkiezigen Fred van der Spek Marko Mazeland 7767
1985 2+1 (c) 2 1 (b) 11+7 (b) 40+77 (b) geen verkiezigen Fred van der Spek Marko Mazeland 6450
1986 1 2 1 (b) 11+7 (b) 19+58 (b) Andrée van Es Andrée van Es Saar Boerlage 6450
1987 1 1 1 (b) 6+9 (b) 19+58 (b) geen verkiezigen Andrée van Es Saar Boerlage 4992
1988 1 1 1 (b) 6+9 (b) 19+58 (b) geen verkiezigen Andrée van Es Saar Boerlage 4478
1989 2 (d) 1 (d) 0 (d) 17 (d) 77 (d) Andrée van Es
(#2 van GroenLinks)
Ria Beckers (e) Jop Voogt 3639
1990 2 (d) 1 (d) 0 (d) 17 (d) 77 (d) geen verkiezigen Ria Beckers (e) Jop Voogt 3591

(a): verkozen op PSP/PPR/PvdA-lijsten
(b): verkozen op CPN/PSP, PPR/PSP of CPN/PSP/PPR lijsten (schatting)
(c): PSO breekt weg van de PSP
(d): in fracties van GroenLinks. (e): fractievoorzitter GroenLinks

[bewerk] Gemeentelijke en provinciale vertegenwoordiging

Noord-Holland was de belangrijkste provincie voor de PSP, daar kwam ruim de helft van de stemmen vandaan. Met name in de Zaanstreek en Amsterdam was de partij sterk. Maar ook in gemeenten met een sterke lokale afdeling zoals Midwoud, Bussum, Hoorn en Goirle. De partij leverde nooit veel wethouders of gedeputeerden.

Hieronder staan de resultaten van Provinciale Staten-verkiezingen van 1962. Duidelijk is dat Noord-Holland de belangrijkste provincie was voor de PSP, en dat de partij het goed deed in Zuid-Holland, Groningen en Friesland en veel minder in Limburg en Noord-Brabant.

Province Result (seats)
Groningen 2
Friesland 2
Drenthe 0
Overijssel 1
Gelderland 0
Utrecht 1
Noord-Holland 5
Zuid-Holland 2
Zeeland 0
Noord-Brabant 0
Limburg 0

[bewerk] Electoraat

De partij werd met name gesteund door intellectuelen, studenten, wetenschappers en kunstenaars, wat opmerkelijk is omdat socialistische partijen het vaak goed doen onder de arbeidersklasse. De partij werd ook gesteund door progressieve Christenen, met name doopsgezinden. De partij werd met name gesteund door mensen die geen vertrouwen hadden in de PvdA of de CPN.

Het electoraat van de PSP fluctueerde sterk, dit kwam met name door veranderingen binnen de PvdA en PSP en specifieke gebeurtenissen in de Koude Oorlog. De opkomst van Provo en het studentenprotest in de jaren '60 versterkten de partij, de radicalisering van de PvdA en interne conflicten in de PSP verzwakten het electoraat van de PSP. De massademonstraties tegen kernwapens versterkten de partij.

Enkele bekende PSP-aanhangers waren Geert Mak die in de vroege jaren '80 voor de fractie werkte, Karin Spaink, die in de late jaren '80 bij het partijbureau werkte en J.J. Voskuil. Ook Rita Verdonk was in de jaren '70 actief bij deze partij.

[bewerk] Organisatie

[bewerk] Structuur

Het hoogste orgaan van de partij was het congres, dat werd gevormd door vertegenwoordigers van lokale afdelingen. Het kwam ten minste eens per jaar samen. Het benoemde het partij bestuur en bepaalde de volgorde van de kieslijnsten. Het had het laatste woord over het partijprogramma. In die maanden dat het congres niet bijeenwam werd de rol overgenomen door een partijraad, die ook bestond uit vertegenwoordigers van lokale afdelingen.

Het partijbestuur had tien leden: de partijvoorzitter, de algemeen secretaris, de penningmeester, de politiek secretaris, de parlementair secretaris, de internationaal secretaris, de jongerensecretaris, vormingssecretaris, propagandasecretaris en de voorzitter van de commissie voor radio en televisie.

[bewerk] Gelieerde Organisaties

De PSP publiceerde haar eigen tijdsschrijft. Dit heette de Bevrijding tussen 1957 en 1966 en 1978 en 1991 en Radikaal: Weekblad voor Socialisme en Vrede tussen 1967 en 1977. Dit werd gedrukt door de eigen drukkerij van de partij die ook de Bevrijding heette.

De jongerenorganisatie van de PSP was de Pacifistisch Socialistische Jongerengroepen (PSJG). Deze was opgericht in 1977 en fuseerde in 1991 samen met de PPR-j tot DWARS, GroenLinkse Jongeren. Tussen 1985 en 1991 stelde de PSJG zich onafhankelijk op ten opzichte van de Partij voor Socialisme en Ontwapening en de PSP, want ze voelde zich verbonden met beide partijen. Het publiceerde Keihard Tegengeweld en de RamPSPoed.

De homo-organisatie van de PSP waren de Rode Flikkers, opgericht door Bob van Schijndel.

Sinds de jaren '80 werkte het wetenschappelijk bureau van de PSP samen met de wetenschappelijke bureaus van de PPR en de CPN, samen publiceren ze De Helling sinds 1985. De Rode Draad werd ook sinds 1985 uitgebracht als een blad voor lokale vertegenwoordigers van de PSP en de CPN.

[bewerk] Relaties met andere partijen

Lange tijd werkte de partij niet samen met andere partijen. Zo leek de partij het meest op getuigenispartijen als de Staatkundig Gereformeerde Partij. De leden van de PSP-fracties, alhoewel geïsoleerd vanwege hun radicale positie, werden gerespecteerd vanwege hun principiële houding, hun bevlogenheid en hun retorische talenten.

Tussen 1957 en 1981 was de partij in een "koude oorlog" met de Communistische Partij Nederland omdat vele oud-CPN'ers tot de PSP waren toegetreden. De progressief-christelijke Politieke Partij Radicalen en de Evangelische Volkspartij werden door de PSP afgewezen als te gematigd en te veel gericht op de PvdA. Sinds jaren '80 nam samenwerking met deze drie partijen toe, wat leidde tot de oprichting van GroenLinks.

De partij was in 1956 nog uitgegaan van een positieve houding ten opzichte van de Partij van de Arbeid. Maar nadat de PvdA hun voorstel om samen te werken had afgewezen werden de relaties slechter. In 1971 wees het congres samenwerking met de PvdA en de PPR in het Progressief Akkoord af, omdat dit noch socialistisch, noch pacifistisch was.

[bewerk] Internationale Vergelijking

Er zijn maar weinig partijen die op de PSP lijken. De Scandinavische links-socialistische partijen als de Deense Socialistische Volkspartij, die uit de Deense Communistische Partij was uitgetreden en de Franse Verenigde Socialistische Partij, die uit de Socialistische Partij waren getreden, waren net als de PSP ontstaan als een derde weg tussen sociaaldemocratie en communisme. De Australische Nuclear Disarmament Party maakte net als de PSP nucleaire ontwapening haar hoofdprioriteit.

[bewerk] Noten

  1. ^ Lucardie P. et al. Verloren Illusie, Geslaagde Fusie? GroenLinks in Historisch and Politicologische Perspectief 1999, Leiden: DSWO-press; p.45
  2. ^ Dat hier gevonden kan worden


 
Persoonlijke instellingen
in andere talen