Catecholamine

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Synthese

Catecholamines zijn chemische verbindingen afgeleid van het aminozuur tyrosine. Sommige catecholamines zijn biogene aminen. Catecholamines zijn in water oplosbaar en zijn voor 50% gebonden aan bloedplasma-eiwitten, dus ze bevinden zich in de bloedbaan. De meest voorkomende catecholamines zijn adrenaline, noradrenaline en dopamine. Catecholamines worden als hormonen uitgescheiden door de bijnieren bij angst of bij hypoglykemie. [1]

Aanmaak[bewerken]

Catecholamines worden voornamelijk gemaakt in de chromaffine cellen in de bijniermerg en de postganglionaire vezels van het orthosympathische zenuwstelsel. De neurotransmitter dopamine wordt voornamelijk aangemaakt in de zenuwcellichamen in de hersenstam; in de substantia nigra en de area tegmentalis ventralis.

Functie[bewerken]

Twee catecholamines, noradrenaline en dopamine werken als neurotransmitters in het centrale zenuwstelsel en als hormonen in de bloedsomloop. De catecholamine adrenaline is voornamelijk een neurotransmitter in het perifere (ortho)sympathische zenuwstelsel maar wordt ook gevonden in het bloed.

Hoge catecholaminewaarden in het bloed kunnen duiden op stress. Stress kan veroorzaakt worden door psychische stressoren, lichamelijke stressoren als ziekte of trauma of door fysieke stressoren als hard geluid, fel licht of hypoglykemie.

Extreem hoge catecholaminewaarden kunnen na trauma in het centraal zenuwstelsel voorkomen door stimulatie en/of schade aan de nuclei in de hersenstam, in het bijzonder de nuclei die in verband staan met het orthosympathische zenuwstelsel. In spoedeisende geneeskunde is dit fenomeen bekend als catecholaminedump.

Effecten[bewerken]

Catecholamines brengen bepaalde algemene fysiologische veranderingen teweeg die het lichaam voor fysieke activiteit gereedmaken (vecht- of vluchtreactie). Typische effecten zijn een verhoging van de hartslag, bloeddruk, bloedsuikerspiegel en een stimulans voor het orthosympathisch zenuwstelsel. Sommige geneesmiddelen, zoals tolcapone (een catechol-O-methyltransferase-remmer) verhogen het catecholaminegehalte.

Structuur[bewerken]

Catecholamines hebben de opvallende structuur van een benzeenring met twee hydroxylgroepen, een tussenliggende ethylketen en een aminegroep op het einde.

Verval[bewerken]

Catecholamines hebben een halfwaardetijd van een paar minuten in de bloedbaan.

Monoamino-oxidase is het belangrijkste enzym bij de afbraak van catecholamines.

Referenties[bewerken]

  1. "Hypoglycemia" door Ronald Hoffman, M.D., July 1999, The Holistic M.D.