Bijnier

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Bijnier
Glandula suprarenalis
Bijnier is nummer 1
Bijnier is nummer 1
Gegevens
Systeem Endocrien systeem
Naslagwerken
Gray's Anatomy 277,1278
MeSH A06.407.071
Dorlands/Elsevier g_06/12392729
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De bijnieren,[1] glandulae adrenales, glandulae suprarenales[2][3] of adrenes[4] zijn kleine organen en liggen als kapjes op de nieren, ervan gescheiden door vetweefsel. De bijnieren bestaan uit twee gedeelten die zowel anatomisch als fysiologisch te onderscheiden zijn:

  • binnenste gedeelte: bijniermerg[5] of medulla glandulae suprarenalis[3]: bestaat uit zenuwweefsel
  • buitenste gedeelte: bijnierschors[5] of cortex glandulae suprarenalis[3]; bevat drie lagen

Beide lagen hebben verschillende functies, hieronder besproken.

Bijniermerg[bewerken]

Het bijniermerg produceert twee hormonen: adrenaline en noradrenaline. Het bijniermerg wordt alleen geïnnerveerd door het (ortho)sympathische deel van het autonome zenuwstelsel, niet door het parasympathische deel.

Bijnierschors[bewerken]

  • De buitenste laag (zona glomerulosa) produceert mineralocorticoïden die invloed hebben op de mineraalhuishouding. De mineralocorticoïden bestaan voor 95% uit aldosteron; aldosteron reguleert op indirecte wijze de bloeddruk door de nieren aan te zetten tot het vasthouden van water door middel van de balans tussen natrium en kalium.
  • De middelste laag (zona fasciculata) produceert de glucocorticoïden die invloed hebben op de glucosehuishouding. Glucocorticoïden bestaan voor 95% uit cortisol; cortisol bevordert o.a. de gluconeogenese.

Aandoeningen[bewerken]

Een voorbeeld van een aandoening van het bijniermerg is een feochromocytoom.

De volgende aandoeningen zijn het gevolg van een niet goed functionerende bijnierschors:

  • Uitval van bijnierschors waardoor de bijnierschors onvoldoende corticosteroïden aanmaakt, dit leidt tot de ziekte van Addison. Dit kan het gevolg zijn van een auto-immuun reactie tegen de bijnierschors (primaire Addison) of problemen met de aansturing vanuit de hypofyse (secundaire Addison). Ook kan langdurig gebruik van corticosteroïden (zoals inhalatiecorticoïden) leiden tot een verstoorde werking van de hypothalamus-hypofyse-bijnieras waardoor de werking van de bijnier is verstoord (Tertiaire Addison).
  • Overmatige productie van glucocorticosteroïden, wat leidt tot syndroom van Cushing. Dit kan zowel het gevolg zijn van een adenoom op de hypofyse (Ziekte van Cushing) als in de bijnierschors (Syndroom van Cushing).
  • Overmatige productie van mineralocorticosteroïden, wat leidt tot syndroom van Conn. Dit kan o.a. het gevolg zijn van een - meestal eenzijdig - adenoom of - meestal tweezijdige - bijnierhyperplasie.
  • Overmatige productie van androgenen, wat leidt tot adrenogenitaal syndroom.

In uitzonderingsgevallen kan men besluiten om de bijnieren te verwijderen, waarna de hormoonproductie gesubstitueerd moet worden. Men wordt dan behandeld als Addison-patiënt. In het geval van eenzijdige bijnierverwijdering neemt de overgebleven bijnier de functies over.

In Nederland is de Bijniervereniging NVACP de patiëntenorganisatie voor bijnieraandoeningen.

Literatuurverwijzingen[bewerken]

  1. Pinkhof, H. (1923). Vertalend en verklarend woordenboek van uitheemsche geneeskundige termen. Haarlem: De Erven F. Bohn.
  2. His (1895). Die anatomische Nomenclatur. Nomina Anatomica. Der von der Anatomischen Gesellschaft auf ihrer IX. Versammlung in Basel angenommenen Namen. Leipzig: Verlag von Veit & Comp.
  3. a b c Federative Committee on Anatomical Terminology (1998). Terminologia Anatomica. Stuttgart: Thieme
  4. Kokke-Smits, M.E., & Osse, J.W.M. (1968). Van der Klaauw en Van Oordt's technische termen ten gebruike bij het zoölogisch en anatomisch onderwijs aan Nederlandsche universiteiten (8ste druk). Leiden: E.J. Brill.
  5. a b Friedbichler, M., Friedbichler, I. & Eerenbeemt, A.M.M. van den (2009). Pinkhof Medisch Engels. Houten: Bohn Stafleu van Loghum.
Zoek dit woord op in WikiWoordenboek