Maag-darmstelsel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Het maag-darmstelsel bij de mens.
1. slokdarm, 2. maag, 3. dunne darm, 4. appendix, 5. blindedarm, 6. karteldarm, 7. endeldarm, 8. anus
Darmstelsel van een mol Talpa europaea

Het maag-darmstelsel, digestieve systeem of gastro-intestinale stelsel (la: tractus digestivus) is het systeem dat instaat voor de vertering en opname van voedingsstoffen voor het lichaam. Dit orgaansysteem is bij de mens en veel zoogdieren opgebouwd uit mond, farynx, slokdarm, maag, darmen, alvleesklier, lever en galblaas. Er bestaan echter veel ingewikkelder stelsels, zie bijvoorbeeld bij herkauwers.

Vertering[bewerken]

Vertering wordt gedaan door verschillende organen in het lichaam, waaronder de maag, de darmen, de lever en de alvleesklier. De meeste voedingsstoffen in de voeding kunnen niet als zodanig in het lichaam worden opgenomen. Het spijsverteringsstelsel heeft de volgende taken:

  • Opname van voedsel
  • Mechanische verkleining van de voedselbrokken (kauwen en kneden)
  • Chemische verkleining onder invloed van enzymen (vertering)
  • Transport van de voedselbrij door het spijsverteringskanaal (slikken en peristaltiek)
  • Kneden en mengen van het voedsel (peristaltiek)
  • Overdracht van de voedingsstoffen aan het bloed (resorptie)
  • Uitscheiden van afvalstoffen door de lever in de darm
  • Afgeven van niet-verteerde resten (ontlasting)

Darmen[bewerken]

De darmen behoren tot het spijsverteringsstelsel of gastro-intestinaal systeem.

Bij de mens en de meeste (zoog)dieren bestaat het spijsverteringsstelsel uit de volgende opeenvolgende delen:

Het duodenum, de nuchtere darm en kronkeldarm vormen samen de dunne darm die bij de mens zes tot zeven meter lang kan zijn. Aansluitend hierop begint de dikke darm. Deze begint met de blindedarm en eindigt met de endeldarm. De blindedarm is een kort 'doodlopend' stuk dat eindigt met een wormvormig aanhangsel, ook wel appendix vermiformis genoemd. Appendicitis is een ontsteking van dit aanhangsel. Foutief spreken mensen vaak van blindedarmontsteking.

De functie van de darm is het verteren en opnemen van voedingsstoffen. Eerst gebeurt er een verteringsproces dat reeds in de mond begint.
Lichaamssappen vanuit verschillende organen komen terecht in de darm om het verteringsproces op gang te brengen. De verteerde voedingsstoffen kunnen vervolgens door de darmwand heen in het bloed worden opgenomen.

De lever scheidt stoffen uit via de gal in de darm. Deze afvalstoffen verlaten met de ontlasting het lichaam.

De darm heeft een peristaltiek. Dit is een knijpende voortbeweging die ervoor zorgt dat het voedsel vooruitkomt in de darm. Indien deze peristaltiek te hevig is, kan dat resulteren in diarree.

In de darmholte leven veel bacteriën (darmflora) die meehelpen met de voedselvertering door stoffen af te breken tot makkelijk op te nemen voedingsstoffen. Hierbij is voornamelijk de productie van vitamine K door deze bacteriën belangrijk. Bij pasgeboren baby's ontbreken deze bacteriën nog, waardoor ze door een tekort aan vitamine K bloedingsstoornissen kunnen krijgen. Elke pasgeborene krijgt daarom 1 milligram vitamine K. Zonder deze darmflora kan een mens niet overleven. Antibiotica bestrijden bacteriën en zijn daarom ook schadelijk voor de darmflora.

Bij andere diersoorten is de totale lengte van het darmkanaal afhankelijk van het dieet. Carnivoren of vleeseters hebben een kortere darm nodig om hun vlees te verteren, terwijl herbivoren of planteneters een langere darm nodig hebben, omdat de vertering van planten trager verloopt (de darm van een schaap is bijvoorbeeld ongeveer 28 meter).

De mens is een omnivoor (alleseter) en heeft een darm die in lengte tussen die van een carnivoor en een herbivoor ligt.

Toepassingen[bewerken]

Darmen kunnen worden gebruikt om worsten te maken. Verder kunnen darmen worden gebruikt als snaren op luiten en in tennisrackets. In het verleden zijn (schapen)darmen ook gebruikt om condooms mee te maken.

Zie ook[bewerken]