Herbivoor

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een herbivoor (Latijn herba: gras, kruid, plant; -vorus: etend, eter) is een planteneter. Dit in tegenstelling tot carnivoren, die uitsluitend dieren eten en bacterivoren die bacteriën eten.

Het begrip herbivoor wordt gebruikt voor organismen die (vrijwel) uitsluitend planten, of delen van planten zoals bladeren, wortels, zaden, vruchten, bloemen, nectar, schors, hout, of plantensappen consumeren. Binnen de groep herbivoren zijn er specialisten die voornamelijk bladeren eten (folivoor) of vruchten (frugivoor). Wordt het menu van een herbivoor voor minstens 5% aangevuld met dierlijke voeding dan spreken we van een omnivoor [1].

De okapi is een herbivoor

De overeenkomst tussen herbivoren, carnivoren, bacterivoren, detrivoren en omnivoren is dat ze andere organismen consumeren; ze zijn heterotroof. Daar tegenover staan autotrofe organismen (planten) die alleen anorganische materie nodig hebben om te leven.

Voorbeelden bij enkele diergroepen[bewerken]

Bladsnijdersmier Acromyrmex octospinosus neemt blad mee naar nest
  • Geleedpotigen: binnen de insecten is naar schatting 75% plantenetend (synoniem: fytofaag of phytophaag) [2]; veldsprinkhanen zijn bekende herbivoren; de rupsen van vlinders en bladluizen zijn bekende planteneters; onder de kevers komen ook planteneters voor: bladkevers (Chrysomelidae) leven van bladeren, voorbeelden zijn het aspergehaantje, een gevreesde asperge-etende kever, de coloradokever die zeer schadelijk voor de aardappelteelt kan zijn. De larven van de meikever (engerling) leven in de grond en knagen aan de wortels van kruiden en bomen; honingbijen en hommels consumeren plantendelen (nectar) zonder dat de plant beschadigd wordt; de enige tot nu toe bekende plantenetende spin is de Centraal-Amerikaanse spin Bagheera kiplingi die nectar van acacia's eet[3]; een bekende plantenetende mier is de bladsnijdersmier, welke waarschijnlijk de meest dominante herbivoor van het Amerikaanse tropische regenwoud is.
  • Weekdieren (mollusken): een bekende plantenetende slak is de tuinslak, maar veel op het land en in zee levende slakken zijn geen herbivoor.

Het kleinste plantenetende dier is de tropische mijt Brevipalpus phoenicis. Het volwassen vrouwtje is 0,3 mm lang en 0,16 mm breed. De mijt voedt zich met plantensappen van bladeren, bloemen, vruchten en stengels. De plantenetende Brontosaurus behoorde tot de grootste landdieren aller tijden. Het dier kon ongeveer 4,5 meter hoog, 25 meter lang en 35 ton zwaar worden. De giraffe is met zijn 5 meter de hoogste herbivoor.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Menno Schilthuizen (2008) The Loom of life. Unravelling Ecosystems, Springer Verlag, p.18.
  2. P. J. Gullan, P. S. Cranston (2005) The insects. An Outline of Entomology. p. 328. ISBN 1-4051-1113-5
  3. Christopher J. Meehan et al (2009) 'Herbivory in a spider through exploitation of an ant–plant mutualism', Current Biology, 13 October 2009