Cyril Ramaphosa

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Matamela Cyril Ramaphosa (Soweto, 17 november 1952) is een Zuid-Afrikaanse jurist, vakbondleider, activist, politicus en zakenman. Hij is geboren in Soweto, nabij Johannesburg, in de huidige provincie Gauteng. Ramaphosa was een belangrijk man in de Zuid-Afrikaanse nationale politiek, de afgelopen jaren is hij echter uitgegroeid tot een prominent figuur in het bedrijfsleven.

Alom gerespecteerd als een bekwaam en geducht onderhandelaar en strateeg is Ramaphosa vooral bekend geworden door het oprichten van de grootste en machtigste vakbond in Zuid-Afrika - de Nationale Unie van Mijnwerkers (NUM). Daarnaast speelde hij, samen met Roelf Meyer van de Nasionale Party, een cruciale rol tijdens de onderhandelingen om tot een vreedzaam einde te komen van de apartheid te komen en het land te sturen naar de eerste democratische verkiezingen in april 1994.

Jeugdjaren en studie[bewerken]

Nadat hij het grootste deel van zijn kinderjaren in Soweto doorbracht, schreef hij zich in 1971 in aan de Mphaphuli Hogeschool in Sibasa, Venda, om daarna in 1972 een rechtenstudie te starten aan de Universiteit van het Noorden. Op de universiteit raakte Ramaphosa betrokken bij de studentenpolitiek en hij sloot zich aan bij de Zuid-Afrikaanse Studentenorganisatie (SASO) en bij de Black People's Convention (BPC). Het organiseren van een pro-Frelimo bijeenkomst leidde tot zijn arrestatie. Ingevolge Artikel 6 van de Wet op het Terrorisme kreeg hij in een straf van 11 maanden eenzame opsluiting. In 1976 werd hij weer in hechtenis genomen, nu voor een periode van 4 maanden. Na zijn vrijlating werd hij klerk voor een advocatenbureau uit Johannesburg en vervolgde zijn studie aan Universiteit van Zuid-Afrika (UNISA), waar hij in 1981 afstudeerde.

Politiek activist en vakbondsleider[bewerken]

Na het behalen van zijn diploma trad Ramaphosa, als juridisch adviseur, toe tot de Raad van Unies van Suid-Afrika (CUSA). In 1982 richtte hij, in opdracht van de CUSA, een vakbond voor mijnwerkers op; deze vakbond werd nog hetzelfde jaar uitgeroepen tot de Nationale Unie van Mijnwerkers (NUM). Ramaphosa werd in Lebowa gearresteerd op beschuldiging van het organiseren van een bijeenkomst in Namakgale die verboden was door de plaatselijke autoriteiten.

Ramaphosa werd verkozen als de eerste secretaris-generaal van de Unie, een functie die hij bekleedde tot juni 1991. Onder zijn leiding groeide het aantal leden van de vakbond van 6.000 in 1982 tot 300.000 in 1992, ongeveer de helft van het totale aantal werknemers in de zwarte Zuid-Afrikaanse mijnindustrie. Als secretaris-generaal leidde hij de mijnwerkers in een van de grootste stakingen ooit in Zuid-Afrikaanse geschiedenis.

Toen Nelson Mandela werd vrijgelaten uit de gevangenis, was Ramaphosa lid van het Nationaal Ontvangst Comité.

Politicus[bewerken]

In 1991 werd Ramaphosa gekozen tot secretaris-generaal van het ANC en in die functie werd hij hoofd van het onderhandelingsteam van het ANC in de onderhandelingen met de Nationale Partij over het einde van de apartheid. Na de eerste volledig democratische verkiezingen, in 1994, werd Ramaphosa lid van het parlement en als lid werd hij verkozen tot voorzitter van de grondwetgevende vergadering van 24 mei 1994 en speelde een centrale rol in de regering van nationale eenheid.

Nadat hij de race om het presidentschap van Zuid-Afrika van Mbeki had verloren, nam hij in 1997 ontslag uit de politiek en verhuisde naar de particuliere sector, waar hij directeur werd van New-Afrika Investments Limited. In december 2007 werd hij opnieuw gekozen in het ANC Nationaal Uitvoerend Comité.

Onderscheiding[bewerken]

In 1987 ontving hij de Olof Palme-prijs die dat jaar voor het eerst werd uitgereikt.